Einde inwintering in zicht

Gisteren hing bij volk 4 een ‘baard bijen’ aan de vliegplank ter grootte van een voetbal. De kempische kasten met hun 12 ramen worden normaal op 1 bak ingewinterd en ook vroeger bij mijn schoonvader heb ik dit verschiijnsel dikwijls waargenomen bij het inwinteren. De bijen zijn na de honingoogst immers hun 2 honingbakken kwijt en ze moeten noodgedwongen op de resterende 12 broedramen gaan samenhokken. Het was ook vrij warm gisteren en ook de vliegplank zelf zat vol met waaierende bijen. Deze waren druk doende de ventilatie in de kast te regelen om het voer in te dampen en/of het broednest iets af te koelen.

Ik was natuurlijk toch geïntrigeerd door dit spektakel maar had het al vroeger gezien en dit stelde me enigermate gerust. Vanavond echter hadden ze bijna niet gegeten en zaten er ook weinig bijen in de voerbak. Volk 2 en 3 hadden hun bakje wel mooi leeggegeten, volk 5 had nog een bodem ingelaten. Ik heb alle voerbakken gevuld en toen bak 4 opengedaan. De ganse bak barstte van de bijen en aan de ramen die ik heb opgelicht, hing nog een tros bijen die me deed vermoeden dat de ganse bodem ook barstensvol zat. Wat de ramen zelf betrof: de 2 buitenste ramen langs beide zijden waren volledig verzegeld met voer en de 8 middenste ramen zaten vol broed in alle stadia, langs boven omgeven door een dikke rand voer van 4-5 cm. Ik zag zeer veel stuifmeel in alle kleuren en op de randen van het broed ook nog een brede rand lege cellen. De koningin was dus nog aan de leg want er waren eitjes. Ze had nog plaats om verder te leggen en er was blijkbaar al voldoende voer. Ik heb de kast maar snel terug dichtgedaan. Ik heb ze niet gewogen omdat een bij het leuk vond om in de pijp van mijn short te kruipen en me te trakteren met haar kamikazedaad, maar deze kast woog over een paar dagen al 13 kg en ze hadden nu zichtbaar genoeg.

Thuis in mijn documentatie gesnuffeld en bleek dat de zwaarste kast op 1 januari ook maar 17 kg woog (aan de achterkant) en op 1 februari 18kg. Ergens vond ik dat het aantal ramen in de kast maal 1,5 kg voer per raam zou moeten volstaan. Ze zouden dus 12 x 1,5= 18kg voer moeten krijgen. Vorige maand woog de lichtste kast 8kg (vermoedelijk bijna leeg) en in februari woog de zwaarste kast 18 kg. Dit wil dus zeggen een kast zonder voer van 16 kg en een kast vol voer van 36 kg. Volgens die berekening zouden ze dus 20 kg voer kunnen hebben. Sommigen spreken ook van 14 kg suiker om ze in te winteren. Dit zijn allemaal getallen om als beginneling van te duizelen en hoe moet het nu juist? Ik heb momenteel echter al 9 dagen gevoerd en ze hebben dus al 18 liter suikerwater 3:2 gekregen of 13,5 kg suiker. Ik had gerekend op 20 liter op 10 dagen  en blijkbaar is kast 4 al voldaan. Wellicht geven de andere kasten binnen enkele dagen ook het signaal dat het genoeg is geweest. Ik ga ze in elk geval niet zwaarder voeren dan 18kg met de unster. Ik hoop echter wel om binnen enkele jaren betere voorspellingen te kunnen maken aan de hand van het kastgewicht. Want: … Meten is weten!

Vlierbessensiroop

vlierbessensiroop

Gisteren na het voeren van de bijen heb ik een emmertje vlierbessen geplukt. Na wassen en verwijderen van de steeltjes, heb ik de bessen even opgekookt en hierna door een zeef gedrukt. Dit sap terug opgekookt met het halve gewicht aan kandijsuiker en dan heet in een fles gegoten. In deze fles had ik eerst enkele takjes tijm gestopt. Zorg wel dat je fles zelf ook een tijd in heet water heeft gelegen en vul ze op een handdoek. Zet de fles niet direkt op het koude aanrecht. Door een plotse temperatuurswisseling zou de fles anders kunnen springen. De glassplinters zul je wel kunnen opruimen, maar de rode kleur in je keuken zou wel enorm zijn.

 

 

Laguna’s Morgens komt poes Laguna altijd bij mij op het bureau. Ze wil dan even alle aandacht trekken. Vandaag heeft ze haar troon gevonden in het boekenrek achter mij. Ze bevind zich nu juist boven mijn hoofd en geeft regelmatig een tik met haar voorpoot, waarna ik haar weer moet krabben onder haar kin.

 

 

 

Dathe-pijpGisteren een Dathe-pijp gekocht om bij de bijen te beroken. Mijn grote beroker met blaasbalg werkt zeer goed, maar brandt dan weer zeer lang. Als ik hem meeneem in de wagen van de produktievolken naar de jonge volkjes heb ik zelf ook zin om me in paniek vol te gieten met honing, klaar om te vluchten. De rook in de wagen is echt geen pretje. Die beroker is prima voor een grote controle, maar om even te roken voor een vluchtige controle heb ik me de kleine pijp aangeschaft. Hoewel ik jaren lang pijpen heb gerookt, zal het toch wel even wennen zijn. Gelukkig zorgt een kogelventiel er voor dat je alleen kan rook uitblazen en niet inhaleren.

 

 

 

 

 

 

 

Inwintering bijen

Voor de liefhebbers heb ik een filmpje gemaakt van de inwintering van de bijen. Elke avond krijgen de produktievolken een bakje met 2 liter suikerwater. Om te controleren hoeveel ze opeten en hoeveel ze opslaan als wintervoorraad, weeg ik af en toe de kasten. Dit gewicht is natuurlijk slechts de helft omdat ik ze alleen langs achter optil. In janauari vorig jaar draaide het gewicht rond de 17-18kg en dit moet ik dus zeker terug bereiken alvorens te stopen met voeren. Het blikken plaatje op de unster geeft me de kans om het bekomen gewicht af te lezen na het wegen. Ik hoef me dan niet te bukken of een weegstok te gebruiken.

kruiden voor chinchilla’s

Binnenkort komen de nieuwe chinchilla’s en ik verzamel alvast enkele kruiden om te laten drogen. kruidenhooiHet gaat dan om berkenblad, brandnetels, duizendblad, groene haver, kamille, klaver, madeliefjes, meidoorn, pepermunt, venkel en weegbree. Zodra alles goed droog is, wordt het iets kleiner geknipt en fris bewaard voor de wintermaanden. Naar het schijnt mag een chinchilla niet veel vochtig groenvoer krijgen en daarom krijgen ze allerlei groenvoer gedroogd. Ook gewoon hooi moeten ze continu ter beschikking hebben.

 

 

zaden drogenHet is nu ook het moment om zaden van allerlei planten te verzamelen. Ik heb dan ook altijd zakjes bij tijdens de wandelingen. Dat is het voordeel als je met een hond gaat wandelen. Ook deze zaden worden nog wat verder gedroogd om rechtsstreeks aan de bijenstand te worden uitgezaaid of later in kweekbakjes.

 

 

 

Hoornaar, Vespa crabro, venkelZodra de venkel bloeit, is het makkelijk om foto’s van een hoornaar te maken. Blijkbaar zijn ze verzot op deze bloemen. Tientallen vinden we elk jaar in de kruidentuin. Deze rustige wespen zijn zelfs niet in het minst opgejaagd door mijn nabijheid. Met de gewone wesp zou deze foto wellicht niet lukken. Het is gewoon hun grootte die deze wesp zo angstaanjagend maakt. Net zoals de bij is deze wesp niet agressief bij de voedselverzameling. Hun nest verstoren is natuurlijk niet zo’n goed idee, maar als ze fourageren zijn ze helemaal niet gevaarlijk.

Varroabehandeling

Vandaag heb ik de varroabehandeling van de produktievolken gestopt. Ik heb de lege broedkamer verwijderd en de voerbak die hierop stond, staat nu direkt boven de broedramen. Zodra de verdamping stopt van het mierenzuur, verwerken de bijen het voer en niet eerder. Ik kon perfect zien welke verdamper nog niet volledig leeg was, door de hoeveelheid voer en het aantal bijen te bekijken in de voerbak. Nu kan het snel gaan en vanaf morgen kunnen ze elke dag tot 2 liter opnemen. Ik tracht ze op 14 dagen in elk geval 20 liter suikersiroop te geven, wat overeen komt met 15 kg suiker. Dit moet ruim volstaan voor een enkele Kempische broedkamer. In de tweede helft van augustus krijgen ze dan hun tweede kuur met mierenzuur. De winterbijen die hierna worden geboren, gaan met een minieme hoeveelheid varroa’s aan de start en ze hoeven zich niet meer te bekommeren om het indikken van de wintervoorraad.

De jonge volkjes krijgen nu ook inwinteringsvoer, dus 3:2, maar slechts 2-3 x per week. Ze mogen in geen geval het broednest doen dichtslibben met hun wintervoorraad. Deze kasten zou ik graag blijven voeren gedurende de ganse maand augustus om ze dan in september te behandelen met thymovar. Dit middel is legaal in België en als enige te gebruiken op dit moment voor kasten die volgend jaar honing moeten produceren.

Ik weet perfect hoeveel voer ik geef, doch heb natuurlijk geen idee hoeveel ze uiteindelijk hiervan opslaan als wintervoorraad. Een belangrijk deel hiervan kunnen ze nog opeten, als de weersomstandigheden tegenzitten. Daarom heb ik de kasten gewogen met een unster aan de achterkant. Als ik de kast achteraan ophef met een unster, weet ik ongeveer hoeveel het halve gewicht van de kast bedraagt. De unster gaf tussen de 8 en de 13 kg aan met 12 kg als vaakst voorkomend. Mijn gemiddelde Kempische kast zou dus nu 24 kg wegen (enkelen zijn van vuren en andere van mltiplex, ook de bodems zijn niet allemaal van hetzelfde hout, terwijl de helft van de kasten een zinken deksel heeft en de rest een houten). Als ik de kasten 20 liter siroop of 16 kg suiker wil geven, wegen ze hierna dus 40 kg (of 20 kg met de unster). De jongvolken zullen met hun 10 ramen en 1 vulraam vermoedelijk slechts 38 kg wegen of 19kg met de unster. Dit zijn dus de streefgewichten van de kasten die ik beoog op het einde van augustus. We zullen dan wel zien hoeveel suiker ik nodig had om dit uiteindelijk te bereiken.

Zojuist nog een pyometraoperatie gedaan. De ontstoken baarmoeder en de eileiders verwijderd van een mechelse herder die enkele weken geleden abnormaal lang loops stond. De teef was 6 jaar en was volgens de eigenaar nog niet ziek. Als ik met een zak etter van 1,1kg zou rondlopen, zou ik me toch wel zieker voelen. De mens is toch een zwakke diersoort of is de juiste term: VERzwakTe?pyometra

Mama Buldog

Vaak voer ik na het avondspreekuur nog een sterilisatie uit. De sterilisatie van een teef is iets gecompliceerder dan die van een poes en ik doe ze dan ook samen met mijn echtgenote. Zij levert het extra paar handen dat vaak erg handig is. Vermits ze ook buitenhuis werkt, gebeuren deze operaties dus ’s avonds. Vandaag hadden we juist de operatiekamer gekuist, de vloer was nog nat, ging de telefoon. ‘Het is eindelijk zover.’, klonk het aan de andere kant. ‘Kom dan maar snel langs.’, antwoordde ik want de Engelse buldog was in het weekend uitgeteld. Ze at al enkele dagen slecht en sliep ook nauwelijks. Even later strompelde ze, dik als een bierton binnen. Om 23 uur binnen en even na middernacht weer buiten met een teefje dat de helft kleiner was. Het vruchtwater en de nageboorten vulden een ganse emmer. En weer werd de operatiekamer gepoetst. Gelukkig zijn ze hier in de buurt al wat gewend. Om 1 uur ’s nachts iemand de dorpel zien kuisen, is best wel een raar zicht. Maar wees gerust, we zijn niet kuisziek. Alleen ben ik straks om 6 uur weer present. De Duitse herderteef wordt al voor 9 uur opgehaald. Vannacht ga ik toch nog wel een keer kijken hoe ze het maakt na haar operatie. En mijn gedachten gaan nu even uit naar de eigenaar van de buldogteef. Een hond die een keizersnede heeft ondergaan, laat ik hier nooit overnachten. Meestal beweren de eigenaars immers dat ze fokken voor hun plezier. En dat zal deze geweten hebben. Acht gezonde bulletjes zijn meegegaan met hun moeder! In dat gezin zal de eerste nachten ook niet veel worden geslapen.
Dit stuk maar even geschreven omdat ik de slaap toch niet kan vinden, vlak na het werk. Via deze blog zou je anders de indruk krijgen dat ik niks anders doe dan imkeren en plantgaten graven.

Chinchillakooi

Toen enkele maanden geleden de chinchilla van de dochter overleed, deed ik de kooi van de hand. Ze zat immers op kot en had ondertussen een vriendje. Doch de dierenliefde was te groot. Via een kennis is ze nu aan een paar jonge chinchilla’s geraakt en heb ik maar een nieuwe kooi aangeschaft. Als chinchillaexpert is ze meegeweest naar de winkel, doch de meeste kooien vond ze niet geschikt. Deze papegaaienkooi heeft echter volgens haar de ideale maten, de traliebodem is er bij installatie weel niet in geplaatst. Vandaag heb ik in de Lidl enkele boekplanken gekocht om leggers te maken en nu moet ik nog enkele stukken marmer bevestigen op een legsel. Hierop kunnen ze dan de nodige koelte vinden. In augustus zouden de jonge chinchilla’s oud genoeg zijn om hun moeder te verlaten en mag ik ze hier verwachten. Het is een koppeltje, doch ik heb wel moeten beloven dat ik het broertje snel genoeg castreer om geen familiedrama’s te veroorzaken.

Regenperiode

Door de vele regendagen geef ik mijn jonge bijenvolken nu 3 keer per week een suikeroplossing. De koningin zou zo aan de leg moeten blijven, waardoor het volk kan verder aangroeien. Om de 2 dagen ga ik nu even langs en telkens is de voerbak leeg. Ze brengen wel veel stuifmeel binnen tussen de regenbuien door.

Ook de produktievolken waar ik vorig weekend de honingzolders heb weggenomen, worden nu bijgevoerd. Omdat ze bij een varroabehandeling de voerbak soms niet lijken te vinden, ga ik pas vandaag de behandeling opstarten. Zo hebben ze de weg naar de voerbak alvast gevonden. De voorspelde temperaturen van 15 tot 22 graden zouden  wel ideaal zijn voor een varroabehandeling. Als het te warm is, kan de verdamping te snel gaan en kunnen de dampen schadelijk zijn voor de bijen en hun broed.

De buxushaag die plaats moet ruimen voor de serre, heb ik nu ook maar verplant. De haag is verdeeld in een dertigtal struikjes die eveneens in haagverband zijn teruggeplant aan de bijenstand. Daar hoef ik ze niet meer te snoeien en kunnen ze naar hartelust bloeien.

Gisteren heb ik nog een cadeautje gekregen van mijn lieve vrouw: drie doosjes met chocolaatjes van  Neuhaus.

kuifje, blikken doos, Neuhauskuifje, blikken doos, Neuhauskuifje, blikken doos, NeuhausDe verzameling blikken met stripfiguren groeit aardig aan en neemt veel plaats in. Maar ze zijn ook zo onweerstaanbaar volgens mij.

Vierde honingoogst 2011

Vandaag de laatste honing van 2011 geslingerd. Gisteren omstreeks 06.00hr heb ik de bijenuitlaten geplaatst. Ik had 3 uitlaten met klepjes en 1 trapeziumvormige. De trapeziumvorm had ik in het voorjaar gekocht ter vervanging van een kapotte met klepjes. Dit is echter echte rommel. Toen ik vanmorgen om 05.30hr de honingzolders ging afhalen, zaten in de de honingzolders met de trapeziumuitlaat nog meerdere bijen. Ik had geen beroker aangemaakt om de honing niet te ‘vervuilen’ maar de bijen kwamen als een vulkaan door de uitlaat naar boven. Ik had de 2 honingzolders naast me gezet en ben toen de beroker gaan aansteken om de bijen terug in de broedkamer te jagen. Vermits ik ook mijn laarzen niet had voorzien, heeft er toch eentje in mijn voet kunnen steken. Ik droeg dan ook maar sandalen.Volgend jaar weer allemaal uitlaten met klepjes!

Volk nr 3 had net zoals vorig jaar in juli ook broed in de eerste honingzolder. Op de een of andere manier kan die koningin door het rooster. Het is nog dezelfde als vorig jaar en vermoedelijk is het maar een kleintje. Het koninginnerooster heeft maar een kans van 1 op 4 om hetzelfde te zijn als vorig jaar. De fout ligt dus volgens mij eerder bij de koningin. Hier had ik uiteraard geen uitlaat geplaatst. Bijen verlaten het broed toch niet door een bijenuitlaat. De ramen van de bovenste honingzolder heb ik dan maar afgeveegd met een ganzenvleugel en de eerste honingzolder onder de broedkamer op de bodem gezet. Ik zal proberen om in de tweede helft van augustus deze honingkamer weg te halen als het broed hierin is uitgelopen. Deze ramen zijn dan voor de wassmelter.

Volk 4 en 5 met een klepjesuitlaat gingen perfect zonder problemen. Sinds vorige week heb ik echter een wespennest van de hoornaar in mijn bijenhal en die waren samen met de geagiteerde bijen van de eerste 2 kasten de ganse boel wel danig aan het verzieken. Ik heb alles in de hal achter de kasten gewoonweg laten staan en ben vertrokken met mijn volle honingzolders. 84 ramen heb ik geslingerd. Ze waren zeker niet allemaal volledig uitgebouwd en ook niet volledig verzegeld. Het zomerseizoen is, zoals al is gezegd, duchtig tegengevallen. Maar uiteindelijk heb ik 41,5 kg honing met een vochtgehalte van 17,5%. Dit is dus allemaal nog zeer goed.Met een totaal voor 2011 van 82 kg of dik 20 kg per volk heb ik beter gepresteerd dan vorig jaar.

De leeggeslingerde honingramen heb ik dan geselecteerd en 48 stuks in 4 honingbakken gehouden voor volgend jaar. Dan heb ik nog 48 nieuwe honingramen in te smelten om volgend jaar per honingbak de helft waswafels en de helft uitgebouwde ramen te kunnen geven. Al de andere ramen worden morgen gesmolten om nieuwe waswafels mee te kunnen gieten in de winter. De 4 leeg te likken honingzolders heb ik allemaal boven kast 3 gezet. Met hun anderhalve bak broed hebben ze misschien wel het meest volk om deze job te klaren en dit volk wordt volgend jaar toch niet meer gebruikt voor de produktie. De 3 andere volken heb ik 2 liter suikersiroop gegeven in verhouding 3:2. Woensdag worden de leeggelikte ramen verwijderd en krijgt dit volk ook een voerbak. De propergelikte ramen gaan dan in de diepvriezer en als na 1 week de eventuele wasmotlarven zijn doodgevroren wordt de stekker uitgetrokken en blijft de vriezer dicht tot in 2012.

Met enkele foto’s van het slingeren zal een nieuw fotoalbum worden geplaatst om het gebeuren iets te verduidelijken.

Inwinteringsbehandeling

Vorige week het maandblad van de vlaamse imkersbond gelezen. Omdat de Belgische imkers nog steeds niet weten welke middelen ze mogen inzetten tegen de varroamijt en omdat de situatie onnodig ingewikkeld wordt gemaakt, is er op het moment dat het er echt toe doet, nog veel onwetendheid. Ze zouden zelfs toelaten dat wij, dierenartsen, via het cascadesysteem nu andere middelen voorschrijven. Zelfs amitraz zou nu mogen. Weliswaar onder de volledige verantwoordelijkheid van de dierenarts. Alsof ik mijn nek zou uitsteken voor dit gif. Hoe zou ik kunnen garanderen dat de imker dit produkt op de juiste, voorgeschreven manier gebruikt? Hoe zou ik kunnen garanderen dat het produkt effectief werkt onder omstandigheden die ik niet ken? Hoe kan ik garanderen dat een restant van het voorgeschreven spul volgend jaar toch niet wordt gebruikt onder een aanwezige honingzolder?Ik begin er dus niet aan. Als het voedselagentschap ons geen veilig produkt kan geven, behandel ik niet. De darrenraatmethode moet dan volstaan in de produktievolken. Want het gaat zuiver om produktievolken. Volken die geen honing produceren en imkers die geen honing verkopen mogen dus alles gebruiken, waar ze de hand op kunnen leggen. Mijn afleggers die geen produktievolken zijn, werden behandeld met melkzuur. In de produktievolken is het ganse voorjaar darrenraat gesneden.
Gisteren een telefoontje gekregen van een imker die op zoek was naar Thymovar. Dit is een toegelaten bestrijdingsmiddel voor de zomer tegen de varroamijt. Het middel bevat thymol en is zonder voorschrift verkrijgbaar bij de apotheek. Dit is althans de theorie. Zijn apotheker zei dat hij eerst een voorschrift moest halen. Dat betekent voor de imker extra kosten. Onnodig want ook een dierenarts mag thymovar leveren aan zijn klanten. Ik heb even een bestelling geplaatst bij mijn leverancier en heb spijtig genoeg slechts enkele verpakkingen Thymovar gekregen. Ofwel is de hele voorraad al verkocht ofwel rijst er snel een distributieprobleem als de imkerijsector deze maand massaal Thymovar wil aankopen.
Waar zijn ze hier in België in godsnaam toch mee bezig?
Mijn oplossing: terug naar de korfimkerij. Niet wat de bijenwoning betreft, maar wat de werkmethode betreft. Een volk produceert maar één jaar honing en datzelfde jaar wordt dan alleen behandeld via de darrenraatmethode. Verzegeld darrenbroed wordt telkens uitgesneden om de mijtinfestatie zo laag mogelijk te houden. Zo vroeg mogelijk worden er broedafleggers gemaakt om zo nieuwe produktievolken te creeëren voor het volgende jaar. Door de broedafleggers blijft de koningin in het produktievolk en daalt toch de zwermkans sterk. Door steeds weer broed af te nemen voor broedafleggers en de broedramen te vervangen door nieuwe waswafels, stijgt ook de hygiëne in dit produktievolk. De afleggers kunnen gerust worden behandeld met oxaalzuur of melkzuur in hun broedloze periode in de voorzomer en de winter. In de korfimkerij werd het produktievolk vernietigd om de honing te kunnen oogsten. Door de vele zwermen hadden ze het volgend jaar toch nieuwe produktievolken. De moderne imker in dichtbevolkte gebieden wil echter geen zwermen meer. Door de broedafleggers en de jonge koninginnen in de nieuwe produktievolken is er toch al niet zoveel kans op zwermen.De broedafleggers maken bovendien een compleet nieuwe voorraad wasraten, wat ook de washygiëne ten goede komt. Het enige nadeel is dat de produktievolken, na de honingoogst zullen worden opgeofferd. Welnu, die kunnen nog worden behandeld na de honingafname met thymovar.Blijjkt dit niet voldoende en sterft het volk in de winter, is er echter geen probleem. Er zijn genoeg jonge volkjes ter vervanging en er is geen onwettige behandeling gebeurd van de produktievolken.
Ik weet niet hoe de imkers hier over denken, maar ik ga deze bedrijfsmethode in elk geval proberen toe te passen. Ik kan dan tenminste met de hand op het hart zweren dat mijn honing niet bezoedeld werd met bestrijdingsmiddelen.