Suikersiroop

Momenteel ben ik nog steeds bezig om de bijenvolken elke week een liter suikersiroop te geven. Simpel om ze aan de gang te houden. Pas rond half september geef ik dagelijks een vol voerbakje van twee liter tot ze op gewicht zijn.

Elke ton bevat ongeveer 30 liter suikersiroop.
Met een maatbeker kan ik twee volken voeren.
Ze krijgen een liter per week.

Ik zet het deksel rechtop aan de voorkant. Op deze manier komt er slechts uiterst zelden een bij kijken wat die imker aan het doen is. Het plastic gaat terug onder de voederplank als het voeren gedaan is begin oktober. Daarboven komt dan terug een kussensloop gevuld met schapenwol.

Moestuin 2021

Eind augustus en de ganse moestuin is opgeruimd. Wegens wateroverlast en bijgevolg geen opbrengst. Maar niet getreurd. Er komen ooit nog wel betere tijden. Ga even terug in de tijd en deze blog en toen diende ik tijdens de zomermaanden dagelijks 100 liter water op te pompen om de droogte te overwinnen. Groenten zijn er nog steeds genoeg in de winkelrekken. En zelfs na de voorspelde prijsstijgingen blijven de groenten uit het rek goedkoper dan eigen gewin. Eigen gewin van steeds duurder geworden zaaigoed. Maar dat eigen gewin heeft meer smaak en geeft meer plezier. Daarom spijtig dat ik dit jaar die smaak moet ontberen. Het tuinplezier heb ik evenwel gehad. Grond voorbereiden. Zaaien en planten. Wieden. Nu weer de grond voorbereiden. Voor een late bloemenpracht. Phacelia inzaaien kan nog in augustus. Ik gebruik in een moestuin liever geen mosterd of koolzaad wegens gevaar op knolvoet als ik later koolsoorten wil zaaien. Laat ons hopen op een mooi zacht najaar.

Het aardbeibed en de twee courgetteplanten lijken de wateroverlast te hebben overleefd.

Ook de bijen hebben dit jaar een zeer speciaal jaar te verwerken. Nooit eerder oogstte ik zo weinig honing. Maar nooit eerder waren mijn volken in zo een goede doen. Alle volken zijn mooi in ontwikkeling. Er kwam en komt dan ook steeds zeer veel stuifmeel binnen. En honing is eigenlijk slechts een bijproduct. We nemen de overmaat weg en geven wat suikersiroop in de plaats. Momenteel gaat het nog zeer goed met de balsemienen en dan moet het najaar nog beginnen met de klimopbloesem.

Nieuwe kasten bouwen

De bijen krijgen op dit moment slechts eenmaal per week suikersiroop om ze aan de gang te houden. Pas in de tweede helft van september voer ik ze op gewicht. Daarom heb ik nu wat vrije tijd. Vorige week heb ik zo vier nieuwe broedkamers gemaakt van red cedar.

Hout is de laatste jaren vrij duur geworden en red cedar sowieso. Voor de grote broedkamer is dit lichtgewichthout gewoon super en bijgevolg zijn geld waard. Voor de honingkamers op halve hoogte vond ik echter een alternatief. Twintig jaar geleden heb ik hout gekocht voor de binnenkant van een buitensauna. Ik had planken laten maken van 22 mm dik met tand en groef uit eerste keus grenenhout. Dit jaar heb ik het saunagebouw afgebroken en ik ga het hout hergebruiken. Door telkens drie planken aan elkaar te lijmen, kan ik mooie planken maken om mijn honingkamers op te bouwen. Het prototype is alvast klaar.

Laatste honingoogst in juli

Vandaag heb ik de laatste honingzolders weggenomen. Twee volken hadden nu ook een behandeling nodig tegen de varroamijt. Ze waren nu juist broedloos en dus kon ik de broedramen besproeien met oxaalzuur. De honingramen veeg ik af met mijn beesweeper en vooraleer ik die bijen terug in het volk giet, besproei ik die natuurlijk ook met oxaalzuur. Op deze manier is de laatste honingoogst perfect samengevallen met de zomerbehandeling tegen varroa.

Dit jaar haal ik ongeveer 300 kilo honing en dat is de helft van twee jaar geleden. Maar volgend jaar zal zeker weer anders zijn en andere uitdagingen voortbrengen. Dat is nu juist zo leuk aan de natuur. De mensheid kan de natuur wel ontregelen, maar ik ben er van overtuigd dat de natuur de mens wel zal overleven. Misschien een ander soort natuur, maar het zal zonder ons zijn.

Na het afhalen van de honingbakken, plaats ik een honingbak met uitgeslingerde ramen op de bodem. Het is ook het ideale moment om de vlieggatvernauwing terug te plaatsen. Dit helpt ook tegen roverij na de honingoogst. In de plaats van het dekplastiek leg ik een vloerplank en plaats een voerbakje. Tweemaal per week geef ik nu een liter suikersiroop. Het volk kan dan zonder dracht toch verder ontwikkelen.

Ook de jonge volken, de broedafleggers, kregen een honingbak onder en een vlieggatvernauwing in plaats van de schuimstofstrip. Ook zij krijgen een voerbakje met hetzelfde dieet. Ze zien er nu exact hetzelfde uit als de productievolken. In hun broedbak hebben ze echter nog maar acht uitgewerkte broedramen. Ze bouwen wel nog steeds waswafels uit. Bij de inwintering in oktober zijn ze meestal gelijkwaardig aan de oude volken.

Honingoogst

Wat een rotweer. Alle dagen intense regenbuien. De bijen sleuren tussen de buien toch veel nectar binnen, en de honingbakken lopen vol. Alleen worden ze slecht verzegeld terwijl de lindedracht al op zijn einde loopt. Ik hoop tegen het weekeinde de honingbakken te kunnen verwijderen en alle ramen te slingeren. Ik plaats daarna een honingbak met geslingerde ramen terug onder de broedbak. Hierdoor kan het broednest tijdens de zomermaanden naar onder afzakken en kunnen ze de broedbak vullen met wintervoer. In het vroege voorjaar zitten ze dan boven in de broedbak onder hun wintervoorraad en kan ik de honingbak verwijderen. De honingraampjes worden dan uitgesmolten om de was te hergebruiken.

De laatste honingoogst van het jaar doe ik dus een week na de lindebloei. Indien er daarna te weinig dracht is, krijgen ze enkele keren een litertje suikersiroop om ze pas in september op gewicht in te winteren.

De grootste uitdaging blijft echter de strijd tegen de varroamijt. Ik werk hoofdzakelijk met oxaalzuur. Dit heeft echter geen effect tegen de mijten in het broed en daarom wordt het alleen gebruikt als het volk broedloos is. Tijdens de dracht kan er om honingvervuiling te voorkomen natuurlijk niet worden behandeld. De volken die echter tijdens de honingdracht een nieuwe koningin kregen, konden dan ook niet worden behandeld in hun broedloze fase. Deze volken behandel ik daarom na de honingafname met mierenzuur. Dat is wel actief tegen mijten in verzegeld broed. Mierenzuur heeft echter ook beperkingen. Zowel de temperatuur als de luchtvochtigheid mag niet te hoog of te laag zijn om een goede, veilige verdamping te verkrijgen. Ik volg daarom de weersvoorspellingen op de voet om de beste drie dagen te kunnen gebruiken. In september krijgen ze nog een tweede behandeling van drie dagen. De jonge volkjes die al een behandeling met oxaalzuur hebben gekregen in mei, geef ik dan in september ook nog drie dagen mierenzuur. De productievolken die nog een nieuwe koningin moeten krijgen, hebben hun broedloze fase na afname van de honing en deze kan ik dus wel eenmalig behandelen met oxaalzuur.

Honing oogsten, koninginnen vervangen, varroabehandelingen… Het mag dus duidelijk zijn dat er twee zaken echt belangrijk zijn. De weersvoorspellingen waar de imker geen invloed op heeft en slechts kan ondergaan en het bijhouden van een agenda waarbij fouten alleen maar aan de imker te wijten zijn.

wekelijkse zwermcontrole

De wekelijkse zwermcontrole begint op zijn einde te lopen. Einde juni hebben meerdere volken al afgezien van hun verdere zwermplannen. Een zwermcel vinden die werd belegd, wordt een zeldzaamheid. De darrenramen die regelmatig werden uitgesneden, worden in sommige volken nog wel uitgebouwd, maar niet meer belegd. Ze worden nu volgestouwd met nectar. De laatste zomerdracht is hier volop bezig. Binnen twee weken is deze dan ook weer afgelopen. Linde en kastanje gonzen nu van het aan en af vliegende bijengeweld. Aan de bijenhal is geen doorkomen meer aan. Toch niet langs de voorkant. Met honderden tegelijk wordt de vliegspleet overrompeld. Het lijkt wel Zaventem op een topdag.

Waar ben ik dan op dit moment mee bezig? Bij de wekelijkse controle haal ik steeds de verzegelde honingramen weg om plaats te bieden voor de zomerdracht. Maar de hoge luchtvochtigheid belet momenteel wel een vlotte indikking van de honing. De verzegeling gaat zeer traag en alle 24 honingramen zitten bijna vol met verse nectar. Onder in de broedbak is zelfs de koningin op zoek naar een lege cel om haar ei in kwijt te kunnen. En daar komt nog bij dat er naast nectar ook zeer veel stuifmeel binnen komt. De meeste volken hebben al drie of vier platen vol stuifmeel in de broedbak. De buitenste ramen die vorige maand nog werden gebruikt voor het broed, worden nu niet meer belegd. Ze komen weer vol nectar te zitten. Het broednest begint in te krimpen en de bijen slaan volop hun wintervoorraad in. Ik probeer op deze trend in te spelen. De koninginnen worden sinds vorig weekend uit het volk verwijderd. Niet bij alle volken tegelijk want dan zou ik het binnenkort veel te druk krijgen. Na twaalf dagen dien ik de aanwezige moercellen te verwijderen en laat ik enkele koninginnen vrij om het onder elkaar uit te vechten. Sinds de negende dag is er geen open broed meer te verzorgen en kunnen alle bijen worden ingezet voor de laatste dracht. Na 24 dagen is alle verzegeld broed uitgelopen en zitten alle varroamijten op de bijen én bereikbaar voor de zomerbehandeling met oxaalzuur. Deze kan dan zonder probleem worden uitgevoerd vermits er dan geen honingbakken meer op de volken staan. Om dit allemaal bij te houden is een agenda een absolute must.

Mijn koningin is geknipt voor de job…

Ik zoek nooit actief naar de koningin in een volk. Als ze niet wil gevonden worden, laat ik dat aan haar. Is het een fiere dame zal ze zich wel tonen. Als ik haar tegenkom, zet ik haar alvast even opzij in een kooitje. Ze kan dan niet meer worden gekwetst tijdens de verdere kastcontrole. Is ze nog niet gemerkt, kan ik dat alsnog doen. Elk jaar krijgt een koningin een nieuwe kleur. Dit jaar is het weer wit. Ik heb al enkele cycli doorlopen en telkens blijkt weer dat wit de meest opvallende kleur is om de koningin te merken. Vanaf dit jaar ga ik dus elke koningin steeds merken met een witte kleur. Vermits ik toch een kastnotitie gebruik, weet ik perfect of in dat volk een gemerkte koningin zit. Kom ik dan een ongemerkte tegen weet ik steeds dat het een jonge is. Ik vervang elk jaar al mijn koninginnen en hoef dus niet via de kleur te weten hoe oud ze is.

Maar naast het merken met een kleurstip op het borststuk, knip ik ook steeds een vleugel weg. Dit stuk is bij een insect compleet gevoelloos. Het is als wijzelf onze nagels knippen. Als de koningin dan wil vertrekken met een zwerm, valt ze enkele meters voor de kast op de grond. De zwerm die zich ondertussen heeft neergezet, merkt vrij snel dat ze niet is gevolgd en de bijen gaan allemaal terug naar hun kast.

Vandaag is dit gebeurd. Ergens in een zeer groot volk heb ik een belegde zwermdop gemist. Op de negende dag na de eileg, wordt de moerdop verzegeld en de volgende dag, bij mooi weer, vertrekt de oude koningin met een groot deel van het volk. Ze weet dat er dan een week later, op dag 16 een nieuwe koningin wordt geboren. Ik kreeg dus een telefoontje dat er een zwerm begon uit te vliegen aan een van mijn kasten. De lucht is dan compleet gevuld met rondvliegende bijen. Fantastisch mooi om te bekijken. Ik heb de man gerust gesteld en gezegd om ervan te genieten. Na enige tijd zouden de bijen zich ergens in een bol verenigen om nog even later terug naar de kast te vliegen. Ik kwam wel eens langs tijdens mijn drukbezette dag.

Toen ik dan een uur later arriveerde, werd me verteld dat ik alles juist had voorspeld. De bijen waren ondertussen allemaal al terug in hun kast getrokken. Tijdens het gesprek had ik echter al een klein trosje bijen opgemerkt een tweetal meter voor de bewuste kast. Hierop vertelde ik tegen de man dat we nu de koningin gingen zoeken. En ondertussen greep ik haar uit het trosje van een tiental bijen. Alsof er een wonder was gebeurd, werd ik aangestaard.

De koningin is ondertussen in de bijenhemel en binnen zes of zeven dagen, bij het horen van een tuter, ga ik alle overige zwermcellen weghalen. De bij die het tutend geluid produceert, is de nieuwe, pas geboren koningin.

En dat is de reden waarom ik mijn koninginnen knip. De bijenvolken mogen af en toe wel eens zwermen, maar ze veroorzaken geen overlast in de buurt. En mijn volken verjongen zichzelf zonder zich te verzwakken.

Controle afleggers

Het is momenteel even rustig bij de bijen. Het slechte weer heeft plaats geruimd voor zomerse omstandigheden. De bijen kunnen weer volop hun reserves opbouwen uit de schatkamers van de natuur. Ze vliegen waar ze maar kunnen. De acacia laat het bij mij dit jaar wat hangen. Maar de vele vuilbomen of sporkehout gonzen van de bezoekers. Ook de bramen komen al in bloei. ’s Avonds zit elke lege cel in de onderste broedbak dan ook barstensvol nectar. Tijdens de nachtelijke uren sleuren ze die nectar naar boven om de volgende dag weer plaats te hebben voor nieuwe aanbreng. En tussen al die wriemelende werksterlijven paradeert de koningin, op zoek naar eveneens een lege cel om haar eitjes af te zetten. Volgende week slinger ik weer de verzegelde ramen. Ik heb namelijk niet genoeg honingbakken om op elke kast een derde bak te plaatsen. De toren zou dan ook veel te zwaar zijn om een wekelijkse controle door te voeren. Elk verzegeld raam wordt vervangen door een nieuwe waswafel en ze zijn dan klaar voor de lindedracht binnen tien tot veertien dagen.

Momenteel zijn de afleggers allemaal gecontroleerd en heb ik de eerste resultaten genoteerd. Van de 12 broedafleggers zijn 7 koninginnen aan de leg. Ze zijn ondertussen gemerkt en de volkjes zijn behandeld tegen varroa. Ze kregen allemaal een potje honing bijgevoerd toen het te koud was om te fourageren. Momenteel halen ze echter zelf voldoende op en het honingpotje blijft bijgevolg verder onaangeroerd. De ramen uit de 5 ‘mislukte’ broedafleggers heb ik verdeeld over de 7 ‘gelukte’.

Vermits er nog steeds zwermneiging kan optreden, blijf ik wekelijks de productievolken controleren en haal geregeld enkele ramen verzegeld broed weg. Wel opletten dat het volk niet verzwakt en bijgevolg te weinig honing zou halen. Eén raam per week volstaat ruimschoots. Op te merken valt dat ik imker met 12 Kempische ramen in een enkele broedbak. Ik maak nu geen volkjes meer van slechts één broedraam, maar maak verzamelbroedafleggers. Meerdere ramen uit de verschillende volken hang ik zo samen in één bak. Momenteel heb ik zo al drie afleggers gemaakt. Als alle broedcellen na 9 dagen zijn gesloten, zijn er geen eitjes of larven meer om moerdoppen op te trekken en zijn de bijen compleet moerloos. Op dat moment zijn er al zeer veel broedcellen uitgelopen en barst de kast bijna uit haar voegen van de jonge bijen. Ik controleer dan alle ramen op moerdoppen en laat alleen het raam van de beste moederkast haar doppen behouden. Ik zet er op dat moment een honingbak op zonder moerrooster met slechts waswafels. De bijen hebben geen broed meer te verzorgen, werken de honingbak uit en denken er meestal niet aan om te zwermen met slechts een paar doppen. De eerste koningin loopt uit en de andere doppen worden langs de zijkant open geknaagd.

Zeer veel imkers gebruiken de verzamelbroedaflegger om koninginnen te kweken. Ik gebruik ze slechts om een enkele reservekoningin te bezitten, maar de mooi uitgewerkte ramen en de bijen kunnen altijd dienen om de andere jonge volkjes te versterken.

De koninginnen uit de productievolken worden elk jaar vanaf half juni vervangen waarna ik het volk zelf een nieuwe koningin laat optrekken. Ze hebben 9 dagen later geen broed meer te verzorgen tijdens de lindedracht die ze dan ook optimaal kunnen benutten. Deze broedloze periode beperkt ook de varroabesmetting aanzienlijk. Door de koningin te verwijderen, boots ik de broedloze periode na die volgt op het zwermen. Het volk behoudt in dit geval echter zijn bijen en zijn honingvoorraad. Tot 21 dagen na het verwijderen van de koningin worden er nog nieuwe werksters geboren en dat volstaat ruimschoots voor de lindedracht. Vanaf half juli kan de jonge koningin dan zorgen voor een mooi najaarsvolk dat vlot inwintert. Normalerwijze heb ik dan ook de honing al geslingerd en kunnen de volken behandeld worden tegen de varroamijt op het moment dat ze nog geen nieuw verzegeld broed hebben.

In het najaar verenig ik dan alles tot 20 mooie volken en in het vroege voorjaar bouw ik hiermee mijn 15 productievolken.