25 oktober 2020

Ondertussen is gebleken dat mijn coronatest negatief was en ben ik weer aan het werk. Aan het Waterbroek heb ik momenteel al 1500 crocussen geplant. Nog een duizendtal te gaan. In Gerhagen heb ik er ondertussen ook 1000 geplant. Thuis moet ik er ook nog een paar honderd bijplanten. De rest van de 10000 bollen schenk ik weg aan de klanten van de praktijk.

Vandaag heb ik vijf daken en vijf bodems voor mijn Kempische kasten geverfd. De daken en de bodems koop ik bij het Bijenhof. Voor 31 euro per stuk kan ik die niet zelf maken. Zeker niet als ik er ook de benodigde tijd moet bijrekenen. En naast de vele kleine onderdelen in hout, heb ik ook nog een vlieggatvernauwing nodig, een varroagaas en een metalen dakdeksel. Deze zaken kunnen worden aangekocht, maar ze compliceren de eigen fabricatie te veel.

In het voorjaar geef ik dan een nieuwe bodem aan de volken en kunnen de oude worden hersteld en van een nieuwe laag verf voorzien.

De verf die ik gebruik, is een watergedragen latexverf. Het zijn restanten van onze muurverf voor binnen. De verschillende kleuren meng ik simpel,door elkaar en met het resultaat verf ik de kasten. Al jaren doe ik het op deze manier en de verf blijkt van zeer goede kwaliteit voor buiten. Om de drie, vier jaar een nieuwe laag is ruim voldoende. Alleen de kleur is telkens weer anders. Ditmaal heb ik een soort limoengroen gemengd met een paars restant en het resultaat is fris voorjaarsgroen. De vorige keer was het een bruinpaars, de kleur van iets dat al eens was gegeten als het ware. De bijen malen niet om de kleur. Mijn vrouw kiest de kleuren in huis en vermits dit nog al eens varieert, hebben ook de bijen regelmatig een nieuwe kleur aan hun woning.

De broedbakken en de honingbakken maak ik tegenwoordig van red cedar en die worden natuurlijk niet geverfd. Ook dit najaar heb ik weer een lading red cedar gekocht om nog enkele bakken bij te maken. Stilaan moeten alle bakken van dit lichte hout worden gemaakt. Volgend voorjaar kunnen de laatste multiplexkasten aan de kant.

Quarantaine

Wegens een loopneus gepaard met hoesten, heb ik de praktijk even on hold gezet. In afwachting van mijn coronatest en het resultaat ga ik maar in quarantaine in het Waterbroek. Vandaag heb ik alvast 300 crocussen geplant en de eerste wilgen bijgesnoeid. De dunne takjes knip ik nu al weg. Het is dan volgende maand wat gemakkelijker om de rest te knotten. En de wilgen die dit jaar niet worden geknot, hebben dan toch wat minder takken die dan wel beter aandikken voor hun volgende knotbeurt. En veel van die dunne twijgen verdrogen toch en zouden de boom misschien kunnen verzieken. Een luchtiger kroon vind ik ook veel gezonder voor de boom.

Enkele graszoden verwijderen en vijftig bollen kunnen tegelijk worden geplant. Wel even opletten dat ze met de wortelkant naar onder liggen.
Bij thuiskomst wat rogge gemalen en een roggebrood gebakken voor morgen. 250 g vers gemalen rogge en 250 g tarwebloem.

Brood bakken

Een wit, een meergranen en een desembrood

Vorige week heb ik rijsmandjes besteld en toen ze deze week geleverd werden, heb ik dadelijk de proef genomen. Het desembrood liet ik nu rijzen in een mandje en bakte het daarna op steen. Het is prima gelukt en zeer lekker.

Vermits het rijzen van een desembrood zo lang duurt, had ik ook nog tijd om twee andere broden te bakken. Dit recept gebruik ik nu al jaren in alle mogelijke variaties.

Ik begin met 300 g water en voeg er een eetlepel droge gist aan toe. Hierbij voeg ik een halve eetlepel honing. Ik weeg dan 500 g bloem. Soms volledig wit, soms volledig meergranen maar meestal gemengd. Ik voeg dan nog een eetlepel olijfolie , 8 g zout en een kneepje Provençaalse kruiden toe. Het mengsel laat ik 8 minuten kneden in mijn Ankarsrum keukenrobot. Ik laat het doorgeknede mengsel dan 40 minuten rijzen in de kneedkom. Hierna kneed ik het deeg met de hand nogmaals door en bol of punt het op voor de ingeoliede bakvorm. Ik laat het onder een doek nog even rijzen terwijl ik de stoomoven voorverwarm op 250 graden. Als de oven op temperatuur is, plaats ik het brood na insnijden van de bovenkant, verlaag de temperatuur naar 200 graden met stoom en bak het brood op 36 minuten.

Mijn desembrood is lichtjes anders. Ik begin met 250 g desemstarter en 250 g water. De andere ingrediënten en hoeveelheden zijn hetzelfde. Het deeg kneed ook 8 minuten. Ik doe dit in de vooravond en laat het deeg afgedekt rijzen tot ik ga slapen. Dan zet ik de kom in de koelkast tot de volgende morgen. Ik kneed het deeg dan nog eens door en plaats het in een rijsmand. Na 4 u of tijdens de middag zet ik de oven aan op 250 graden met een pizzasteen . Zodra hij op temperatuur is, kieper ik het rijsmandje om op de hete steen en geef de bovenkant wat insnijdingen. Ik bak het brood af met stoom op 200 graden gedurende 46 minuten.

Propolistinctuur

Eerst weeg ik een hoeveelheid propolis af. In dit geval 36,25g.

Ik wens mijn tinctuur te maken met 70 graden alcohol. Ik heb alcohol van 96 graden gekocht en dien deze dus te verdunnen door er water aan toe te voegen. Hoeveel bereken ik met een Andrieskruis.

Ik heb dus 74ml alcohol nodig van 96 graden en 26ml water.

Ik wens een tinctuur van 30%, zijnde 30g in 100g alcohol van 70 graden. Mijn 36g moet ik dus oplossen in 120g oplossing. Let wel, ik weeg alles, ook de vloeistoffen. Alcohol is namelijk lichter dan water voor hetzelfde volume. Het is eenvoudiger en juister om alle hoeveelheden uit te drukken in dezelfde eenheid als we spreken over percentages.

Propolis, water en alcohol
Deze pot nu 14dagen schudden als ik passeer.

Na deze 14 dagen giet ik de oplossing door een koffiefilter en bekom ik mijn propolistinctuur.

Walnoten

Vandaag enkele nieuwe walnoten geplant. Met een gaas rond de stam om schapenvraat te voorkomen. Het duurt nog wel een tiental jaar alvorens ze bloeien, maar als ze nooit worden geplant, bloeien ze ook nooit. De lindebomen hebben dit jaar ook voor eerst in bloei gestaan. De voorbije tien jaar zijn voorbij gevlogen.

Ik ben ook begonnen met de herstellingen aan de nestkastjes. Een fijn najaarswerkje. Er zijn er elk jaar wel een paar die zwaar geleden hebben en wat TLC nodig hebben.

Herfstcontrole bijenvolken

Eind september en de volken worden nu klaargemaakt voor de winter. Ze zijn natuurlijk al op gewicht bijgevoerd met suikersiroop. Maar ik kijk toch nog graag even naar het broednest. Hiervoor hoef ik slechts een centraal raam iets op te lichten. Onder de voedselkrans bevind zich dan nog een broednest met mooi aaneengesloten plat verzegelde broedcellen. De voederbak wordt verwijderd en onder de voederplank komt een nieuw vel plastiek. Hierdoor is het straks in december iets gemakkelijker om het volk te openen zonder veel onrust te veroorzaken. Het loswrikken van een vastgekitte dekplank maakt het volk veel onrustiger dan het lostrekken van een vel plastiek. De houten dekplank blijft op het plastiek liggen tot half januari als ik een stuk voederdeeg geef aan de lichtere kasten. De isolatie met schapenwol gaat ook dan pas op het plastiek. Het is nu nog niet de bedoeling om de kasten te isoleren. De volken moeten nu stilaan stoppen met aanzet van broed en dat gaat beter als ze wat meer koude ervaren.

Bloempercelen in najaar

Ik ben ondertussen begonnen aan de nazomerwerkjes voor de bijen. De bloemenweides heb ik gemaaid. Na een tiental dagen wordt dan het hooi verwijderd om de bodem schraal te houden. Ik gooi er nog even wat zaad over van allerlei bloemen dat ik overal verzamel en dan mag het najaar komen. Op het natste perceel waar ik zeer veel last heb van kweekgras, heb ik mosterd en phacelia gezaaid. Hopelijk hebben de bijen er dit najaar nog iets aan.

In het wilgenbosje heb ik de onderliggende bramen en netels nog eens gesnoeid. Ook hier verwijder ik na een week alle opgedroogde plantenresten om de bodem voldoende schraal te houden.