5 september 2019

Vandaag heb ik de volken gewogen. Elk volk zou voor de winter 36 kg moeten wegen om mooi uit de winter te komen. Momenteel zitten de meeste kasten aan 26 kg en ik ga ze daarom vanaf zondag elk 10 kg suiker bij geven. Ze krijgen dan dagelijks een vol voerbakje van 2 liter en zijn dan een week later voldoende op gewicht.

Ik had naast de 18 mooie volken ook nog 3 volken die darrenbroedig waren vorige maand. Ze hadden eveneens een nieuwe koningin gekregen, maar deze hadden ze blijkbaar niet aanvaard. Ik heb deze volken mee behandeld tegen de varroamijt en ze aan de leg gehouden door ze eveneens twee keer per week wat voer bij te geven. Net zoals de andere volken. In september vind ik de nachten koud genoeg om deze volken af te slaan. De weinige bijen die nog in goede doen zijn, bedelen zich dan wel in bij de andere volken. En de oudere, versleten werksters, alsook de leggende werksters, sterven dan een snelle dood tijdens de koude nachten. Door even te wachten met het verwijderen van deze zwakke darrenbroedige volken, riskeer je wel ziekten op de stand. Daarom heb ik ze mee behandeld vorige maand en gevoerd. Ik had ze toen ook kunnen afslaan, maar nu hebben deze volken me wel enkele mooie ramen opgeslagen voer opgeleverd. Deze zitten nu in de vriezer als reserve. Want dat doet zelfs een darrenbroedig volk: voeder opslaan tot ze volledig zijn ingestort.

Een mooie verrassing is nu dat één van deze volken toch werksterbroed heeft over vier ramen. En bovendien al op inwinteringsgewicht is. Ik heb er dus maar twee moeten opruimen en heb dus 19 volken om de winter in te gaan. Ook op die manier heeft het wachten geloond.

Europese hoornaar

De hoornaars zijn momenteel volop op zoek naar zoetigheden. Net zoals de andere wespen. De laatste dagen zie ik ze massaal op de oude els. Op de ruwe schors zitten veel vermolmde gaten waar constant een vochtige film uitloopt. Het lijkt wel een beetje op het aftappen van berkensap. Hier gaat het echter niet om afgebroken jonge twijgen, maar vochtige houtmolm in gaten van de verweerde boomstam. Tijdens de zomer zie ik de hoornaars hier geregeld een mier van de schors plukken. En vaak ook andere insecten. Deze worden allemaal aangetrokken door het zoete sap. De hoornaars zijn nu echter niet meer geïnteresseerd in de insecten zelf, maar ze smullen duidelijk mee van de zoete film op de stam. Ze laten zich ook niet meer wegjagen. Tijdens de jacht zijn ze zich zeer bewust van hun omgeving. Maar nu zou je ze letterlijk van de stam kunnen oppakken. Zo afgeleid zijn ze. Misschien zijn ze wel stoned van de zoetigheid.DSC_2656DSC_2657

Kippentractor

De voorbije week heb ik een kippentractor gemaakt. Een kippentractor is een verrijdbare kippenren. Deze zorgt er voor dat de kippen steeds weer een nieuw stukje bodem kunnen loswoelen en vrijmaken van onkruid en schadelijke insecten. Tegelijkertijd wordt de bodem bemest door de kippen. Het zou een idee zijn uit de permacultuur. Het werkt een beetje als een kleine tuintractor, vandaar de naam. Ik wou wel alleen een verrijdbare versie om geen vaste constructie te moeten optrekken. De ren moest natuurlijk wel vosveilig zijn. Ik heb de ren dan ook gemaakt met gaaspanelen van een hondenkennel. De bodem laat ik open om het woelen van de kippen mogelijk te maken. Maar het nachthok heb ik wel voorzien van een automatisch sluitend deurtje. Het werkt op vier batterijen en zou hiermee ongeveer een jaar moeten werken. Ik had nog een onderstel van een karretje van een oude motoculteur  waar ik de wielen van de motoculteur zelf, heb onder gemonteerd. Het karretje had toevallig exact dezelfde maat als het nachthok. Daarom kon ik de opstaande steunen van het karretje blijven gebruiken om het nachthok stevig vast te schroeven. Vermits de totale lengte een drietal meter bedraagt, is de hefboomwerking voldoende om het gevaarte makkelijk op te tillen en enkele meters te verplaatsen.

24 augustus 2019

Vandaag heb ik de moestuin nogmaals gewied en ben ik terug begonnen met water geven. Door de regen van de voorbije weken ziet alles er weer fleurig uit. Zelfs het onkruid. Voor mij is het wel pas onkruid als het groeit tussen de groenten en die plantjes ook nog eens verdringt. Met de hitte in het vooruitzicht de volgende week zal ik ook terug elke dag wat water geven. Vermits ik toch bezig was aan de imkerij heb ik daar ook de nestkastjes proper gemaakt en terug opgehangen. Aan de bijen doe ik momenteel niks. Ik zie nog weinig darren aan de kasten en vlak na de middag steeds veel voorvliegende jonge bijen. Het zou dus goed moeten gaan met de volken. Ik wacht nog steeds op de bloei van de klimop. Deze is hier nog niet begonnen.

Neonicotinoiden in honingdauw

Volgens een team Nederlandse en Spaanse onderzoekers zitten neonicotinoiden niet alleen in de nectar maar evenzeer in de honingdauw. En vermits honingdauw gedurende een veel langere periode beschikbaar is dan de nectar uit de bloemen, zou dit veel schadelijker kunnen zijn voor veel insecten die leven van bladluizen, bladvlooien, witte vliegen enz. De nuttige insecten die deze schadelijke insecten opruimen, gaan op deze manier ook ten onder. Honingdauw is geen afscheiding van de planten, maar is de uitscheiding van insecten die plantensappen opzuigen. Deze uitscheiding wordt dan weer opgenomen door andere insecten wegens de zoetheid ervan. Zou het niet logisch zijn dat de insecten die plantensappen opzuigen, deze giftige neonicotinoiden binnen krijgen. Dat zou nu juist de bedoeling moeten van deze insecticiden want juist om die reden stopt men neonicotinoiden in de plantensappen. Wat mij eigenlijk het meest verontrust is het feit dat deze neonicotinoiden in de uitscheiding van deze schadelijke insecten voorkomt. Want dat betekent volgens mij dat ze niet meer simpel dood gaan van dit gif. Als ze nog honingdauw kunnen uitscheiden, leven ze volgens mij nog. En dat zou voldoende reden moeten zijn om te stoppen met het gebruik van neonicotinoiden. Dat hun lijf vol zit met giftige neonicotinoiden en dat ze bijgevolg ook giftig zijn de nuttige sluipwespen en andere nuttige insecten, zal al wel lang vaststaan. Maar het simpele feit dat de schadelijke insecten niet meteen doodvallen en nog honingdauw kunnen produceren vind ik eigenlijk best angstaanjagend.

Ik herinner me nog heel goed een ander horrorverhaal van de vorige eeuw. Het was iets met roofvogels en DDT. Hoe dom kan de mens zijn als zelfs dieren leren uit ervaring.

14 augustus 2019

Vanmorgen de meidoornhaag nogmaals geschoren voor de winter. Ik heb ze geschoren na de bloei, maar de nieuwe scheuten heb ik nu weer verwijderd omdat de haag anders te breed en te hoog wordt.

De bijenvolken zijn tot nu toe twee maal per week gevoerd met 2 liter siroop. Vandaag voor de laatste keer. Achttien Kempische volken zijn klaar voor de winter. De behandeling tegen de varroamijt met Apivar is lopende en de kasten hebben nog zeer veel broed. Ondertussen vliegen de bijen weer met stuifmeel. De reuzenbalsemien, de guldenroede, de persicaria, de doorbloeiende wilg zijn maar een deel van de najaarsbloei die nog moet komen. Ik zet de volken dan in de tweede helft van september op gewicht.

Naast de Kempische kasten heb ik dit jaar ook nog een ecokast in gebruik genomen. Ik beschouw een ecokast niet als een productiekast. Ik heb het geprobeerd gedurende enkele jaren maar het werkte niet voor mij. Wellicht prima voor de bijen, om ze op een natuurlijker manier te houden, maar bijen houden is iets anders dan imkeren. Ik heb daarom mijn ecokasten verkocht maar behield er een als zwermvanger. Dit jaar is er geen zwerm in getrokken, maar ik heb er eentje in geplaatst. Op een bepaald moment belde een klant dat hij een bijenzwerm had aan zijn huis. Ik heb deze opgehaald en in de ecokast gezet. Niet dat ik geen Kempische kasten meer had, maar ik heb geen idee vanwaar die zwerm kwam en heb geen behoefte aan inbreng van vreemde ziekten. In de ecokast mag de zwerm trachten te overwinteren en indien ze hier in slaagt, krijgen ze volgend jaar wel een Kempische kast. Dan hebben ze zich voor mij voldoende bewezen.

Momenteel bezetten ze anderhalve bak en is hun wintervoorraad al goed zichtbaar tegen het kijkraam van de bovenste bak.