Controle bijenvolken

Het voorbije weekend heb ik de volken nagekeken. Ik geloof niet meer in het koudeverhaal. De bijen kunnen heus wel hun broednest warm houden. Maar ik ga natuurlijk geen volk openen om niks te doen op dit moment. Na drie weken moest ik de verzegelde darrenramen uitsnijden. En het was meer dan tijd. Althans in de grootste volken. Slechts in 1 van de 14 kasten met een honingbak was het darrenraam slechts voor de bovenste helft uitgebouwd. En in nog eens 3 kasten was het raam nog maar voor de helft verzegeld. Maar in al de andere heb ik wel degelijk een gans raam, Kempisch formaat, verzegeld darrenbroed uitgesneden. Mocht ik dit hebben uitgesteld, was de toekomstige varroschade misschien niet te overzien. En ik heb ook kunnen vaststellen dat het maken van een eenraamsaflegger volgende week in elke kast kan en ook moet gebeuren. Ze hebben allemaal nog een voerraam links en rechts in de kast en een kleine voederkrans achterboven van de meeste ramen. En vermits ze al een klein beetje honing naar boven hebben gedragen, kunnen ze volgende week dan ook het rechtse voerraam missen om met de aflegger mee te geven. Ze behouden dan alleen het linkse voerraam naast het darrenraam.

Wellicht zijn de meeste imkers bezorgd om in de volken te werken bij deze temperaturen, maar de bijen zijn wel degelijk bezig aan hun voorjaar. Wellicht gaat er dit jaar zeer weinig voorjaarshoning te oogsten zijn, maar zwermen vangen in mei kan toch ook niet de bedoeling zijn. Als er volgende maand veel bijen zijn in een volk en ze hebben niks om handen, willen ze alleen nog maar zwermen. Dat doen ze namelijk niet omdat de honingbakken te vol zijn. Maar. Dat doen ze wel als de broedbakken te vol zijn. Te vol met bijen.

Oxaalzuurbehandeling tegen de varroamijt

Om een en ander duidelijk te maken over de varroabehandeling in december geef ik hier nog even het filmpje uit 2017 van mijn YouTubekanaal. https://youtu.be/9dVhZDT4lgs Op mijn oudere filmpjes kan je ook nog het verdampen vinden van oxaalzuur. Toen kon dit nog onder het cascadesysteem worden toegepast. Momenteel is dit echter verboden en is de imker verplicht om reglementair aangekocht oxaalzuur te gebruiken via de druppelmethode. Sproeien kan ook maar dit wordt toch eerder tijdens de zomer aangeraden.

Crocussen voor de bijen

Ik had 10000 crocusbollen gekocht om de bijen te plezieren en mijn lokale imkervereniging, de Verenigde Taxanders, te steunen. Hiervan heb ik er bijna 5000 zelf geplant en de rest geef ik cadeau aan de klanten van de praktijk. Op deze manier kan ik nog heel wat mensen even laten nadenken over de bijen en de natuur. Velen namen het pakketje met 50 bolletjes aan zonder er verder bij stil te staan. Maar ik verwacht toch dat ze binnen enkele maanden, als ze hun bloemenbedje mogen aanschouwen, nog even stil staan bij deze toegift aan de natuur. Missie geslaagd.

Propolistinctuur

Eerst weeg ik een hoeveelheid propolis af. In dit geval 36,25g.

Ik wens mijn tinctuur te maken met 70 graden alcohol. Ik heb alcohol van 96 graden gekocht en dien deze dus te verdunnen door er water aan toe te voegen. Hoeveel bereken ik met een Andrieskruis.

Ik heb dus 74ml alcohol nodig van 96 graden en 26ml water.

Ik wens een tinctuur van 30%, zijnde 30g in 100g alcohol van 70 graden. Mijn 36g moet ik dus oplossen in 120g oplossing. Let wel, ik weeg alles, ook de vloeistoffen. Alcohol is namelijk lichter dan water voor hetzelfde volume. Het is eenvoudiger en juister om alle hoeveelheden uit te drukken in dezelfde eenheid als we spreken over percentages.

Propolis, water en alcohol
Deze pot nu 14dagen schudden als ik passeer.

Na deze 14 dagen giet ik de oplossing door een koffiefilter en bekom ik mijn propolistinctuur.

Walnoten

Vandaag enkele nieuwe walnoten geplant. Met een gaas rond de stam om schapenvraat te voorkomen. Het duurt nog wel een tiental jaar alvorens ze bloeien, maar als ze nooit worden geplant, bloeien ze ook nooit. De lindebomen hebben dit jaar ook voor eerst in bloei gestaan. De voorbije tien jaar zijn voorbij gevlogen.

Ik ben ook begonnen met de herstellingen aan de nestkastjes. Een fijn najaarswerkje. Er zijn er elk jaar wel een paar die zwaar geleden hebben en wat TLC nodig hebben.

Herfstcontrole bijenvolken

Eind september en de volken worden nu klaargemaakt voor de winter. Ze zijn natuurlijk al op gewicht bijgevoerd met suikersiroop. Maar ik kijk toch nog graag even naar het broednest. Hiervoor hoef ik slechts een centraal raam iets op te lichten. Onder de voedselkrans bevind zich dan nog een broednest met mooi aaneengesloten plat verzegelde broedcellen. De voederbak wordt verwijderd en onder de voederplank komt een nieuw vel plastiek. Hierdoor is het straks in december iets gemakkelijker om het volk te openen zonder veel onrust te veroorzaken. Het loswrikken van een vastgekitte dekplank maakt het volk veel onrustiger dan het lostrekken van een vel plastiek. De houten dekplank blijft op het plastiek liggen tot half januari als ik een stuk voederdeeg geef aan de lichtere kasten. De isolatie met schapenwol gaat ook dan pas op het plastiek. Het is nu nog niet de bedoeling om de kasten te isoleren. De volken moeten nu stilaan stoppen met aanzet van broed en dat gaat beter als ze wat meer koude ervaren.

Honing op de fopspeen

Terwijl tegenwoordig vaak wordt vermeld op het honingpotetiket dat men best geen honing geeft aan kleine kinderen, was dat vroeger wel anders. Een fopspeen werd in honing gedoopt alvorens je hem in je mond kreeg. Instant-geluk werd je deel, je werd rustig en viel in slaap. Niet dat ik me daar nog iets van herinner, maar ik paste het eind jaren tachtig nog zelf toe bij mijn kinderen. Op dat moment woonde ons jong gezin bij mijn grootvader, waar ik ook de dierenartspraktijk opstartte. Er hadden altijd al bijenkasten gestaan in de boomgaard en mijn moeder was er doodsbenauwd van. Ondertussen werden de bijenvolken wel beheerd door de zoon van Charel: ‘Jef de bieboer’. Jos Jannes, werd bijgevolg dwingend verzocht zijn kasten elders te plaatsen. Zijn bijen zouden haar kleinkinderen dan geen steek kunnen bezorgen. De kasten werden honderd meter verder verplaatst naar een braakliggend stuk grond. Ze zouden de bloesems van daar ook wel vinden, vond mijn moeder.

Op een warme namiddag werd Evelien weer te slapen gelegd op haar kamertje. Naast het bedje, op de vensterbank stond het potje honing. Zoals steeds kreeg ze een lekkere tut met honing en ze zou wel in slaap vallen terwijl wij buiten in de boomgaard zaten. Het was nog niet zo veel later als ik een massa bijen opmerkte aan haar slaapkamerraam. Ik ging wat dichterbij en zag dat het raam zelfs langs de binnenkant zwart zag van de bijen. Als door een bij gestoken, renden we beide naar haar kamertje. We stonden letterlijk aan de grond genageld. De ganse kamer zat vol bijen. Blijkbaar hadden ze een opening gevonden in de vliegenhor van het open raam. Het honingpotje bevatte alleen nog bijen. De honing was bijna allemaal verdwenen. Uit de pot, maar niet uit de kamer. De honing hing overal. Aan de vensterbank, aan de gordijnen, het kinderbedje plakte helemaal van de honing. En overal zaten massa’s bijen zich te laven aan het goudgele goedje.

En in het midden van deze apocalyps stond Evelien, breed glimlachend, rechtop in haar bedje. Haar handjes en haar gezicht glommen van de honing. Ze heeft er geen enkele steek en zeker geen trauma aan over gehouden. Ik zou de waarschuwing op het etiket nog willen uitbreiden: ‘BUITEN BEREIK VAN KINDEREN HOUDEN!’