Sublimeren oxaalzuur

Het laatste volk is behandeld met oxaalzuur. Vermits het volk op anderhalve bak zit, is het interessanter om een oxamat te gebruiken. Ik hoef dan het volk niet te verstoren door elk raam uit te halen om te vernevelen.

De volken die momenteel een nieuwe koningin hebben, bekijk ik na een poosje nog eens graag om het verzegeld broed te controleren. Ik hef even het middelste raam en dat geeft voldoende info. Dit volk is zeker niet darrenbroedig en alle straatjes tussen de ramen zitten boordevol bijen. Ze zijn op gewicht en bijgevolg weet ik ook dat ze momenteel voldoende voer hebben.

14 juli 2018

Ik had nog 3 volken te behandelen tegen de varroamijt. Drie volken die tijdens de honingdracht broedloos waren en bijgevolg toen niet werden behandeld. Ik had me voorgenomen om ze deze maand met mierenzuur te behandelen, maar de hoge temperaturen deden me anders besluiten. Ik heb tijdens de koelste dagen vorige week een behandeling met thymol gestart. Anderhalve strip thymovar gedurende 2 x drie weken. De andere volken kregen of krijgen allemaal een behandeling met oxaalzuur tijdens de broedloze periode. Morgen het laatste volk. Vermits dit volk nu al op anderhalve Kempische bak zit , ga ik niet vernevelen met oxaalzuur maar sublimeren. Elk raam uithalen is dan niet nodig.

Ideaal zou zijn dat alle volken tegelijk kunnen worden behandeld en op dezelfde manier. En grote professionele imkers zullen dat wel op deze manier toepassen. Maar volgens mij is dat juist de reden dat sommige van hun volken het niet halen. Ik pas de varroabehandeling steeds aan volgens de ‘interne’ toestand van het volk en de ‘externe’ weersomstandigheden. Zodoende ben ik zeker dat elk volk apart de varroamijt onder controle krijgt. Maar steeds krijgen ze een zomer- én een winterbehandeling naast de biotechnische ingrepen van het voorjaar en de vroege zomer. Biotechnische methodes zoals het uitsnijden van darrenramen en weghalen van broedramen voor broedafleggers.dsc_1987

Op de twee kasten aan de rechterkant liggen plaatjes thymovar op de bovenste latten. Er bevinden zich veel meer bijen buiten de bak op de vliegplank. Wellicht niet te wijten aan de thymolgeur die zelfs buiten goed is waar te nemen, maar wel aan de gesloten varroalade onderaan waardoor er minder afkoeling in de kast mogelijk is.

De onderstaande beelden geven heel goed het verschil weer tussen begroeiing die regelmatig water krijgt en begroeiing die verdort. De moestuin krijgt dagelijks water en het gras voor de schapen verdort elke dag meer en meer. De schapen eten nu wel veel courgettes die in overmaat groeien.

 

8 juli 2018

Nog steeds geen regen. De bessenstruiken verdorren ondertussen en de kersenbomen verliezen hun bladeren. Maar die zien we volgend voorjaar wel terug. Het afgooien van hun bladeren zal wel een bescherming zijn tegen de verdamping. In de moestuin giet ik dagelijks ongeveer 150 liter water. De waterput geeft ondertussen niet meer voldoende en daarom heb ik de grote middelen ingezet. Een ton van 1000 L die ik vul met water uit de beek. Mijn dompelpomp doet dit werkje op iets minder dan 5 minuten. Met het afrollen van 50 meter darm, het opstarten van de generator, de pomp in de beek plaatsen en daarna alles weer opruimen, ben ik een half uur bezig. Maar ik kan dan ook weer een week verder. Als er volgende week nog water door de beek stroomt, zien we dan wel weer.

De twee apideakastjes met een leggende moer hadden ondertussen al een opzetbakje volgebouwd en belegd. Bij de controle van mijn broedafleggers bleek gisteren dat ik ze nodig had. Een broedaflegger was moerloos en ik had er voorlopig een moer van vorig jaar opgezet. Een andere broedaflegger had een darrenbroedige koningin. Ik heb beide moeren verwijderd en de volken verenigd met een apideakastje. Dit wordt simpel ondersteboven op een opengeknipt plastic gezet, waarna de twee volken zich kunnen verenigen en de koningin afdaalt in de Kempische broedbak. Binnen drie weken verwijder ik de bovenste bak met het apideakastje.

Het nieuwe perceel phacelia staat volledig in bloei. Het perceel boekweit begint eveneens, maar de bijen hebben aan het waterbroek momenteel nog massa’s bramen en doorbloeiende wilgen om te bevliegen. Ze hebben in elk geval voldoende voer en ze brengen nog veel stuifmeel binnen.dsc_1981

3 juli 2018

Gisteren weer een volk nagekeken met een tutende jonge moer. Ook hier weer op de twaalfde dag en alle overige doppen waren stukgebeten. Mijn bijen kiezen er dit jaar zelf voor om geen nazwermen te produceren. Het seizoen is dus ook voor hen afgelopen. Tijdens de voorbije week heb ik al bij twee volken de darrenslacht waargenomen. Alvast een begin. Vier, vijf darren tegelijk op de vliegplank die door een werkster over de rand worden buitengewerkt. De darren zitten nog niet in trosjes op de kastwand maar deze volken hebben blijkbaar toch al beslist dat ze hun mannelijke soortgenoten niet meer nodig hebben dit jaar.

Droogte

Het wordt nu wel erg droog. De planten kwijnen zienderogen weg. Ook ’s morgens zien ze er niet uit en dat is toch het signaal dat ze het weldra moeten afleggen. Ik profiteerde gisteren van deze droogte door de netels rond de fruitbomen manueel uit te trekken. De wortels kwamen zeer vlot los door de poederdroge zandgrond. Het gras is weliswaar ook aan het verdwijnen, maar de schapen eten de drogende netels zeer graag terwijl ze de levende planten absoluut niet waarderen.dsc_1975

Gelukkig geeft de waterput nog elke dag 100 liter water en ik kan zodoende de moestuin nog wat bevochtigen. Vorige week haalde ik nog vlot 200 liter per dag naar boven, maar dat is dus ook al sterk verminderd.

22 juni 2018

Een volle maand eerder dan vroeger. De lindes zijn uitgebloeid. Maar er zijn nog kastanjebomen in bloei en een aantal ligusterstruiken. De nectar komt nog steeds binnen. Toen ik gisterenavond bij het breken van overtollige moerdoppen de ramen afklopte, liep de verse nectar nog royaal uit de cellen. Volgende week ga ik in elk geval alle honingbakken afhalen en de rest van de zomer is alle opgehaalde nectar voor de bijenvolken zelf.

Ook gisteren viel me weer op dat de volken blijkbaar hun zwermplannen opbergen. Voelen ze ook aan dat met het einde van de lindedracht het seizoen op zijn einde loopt? Alle doppen die niet waren uitgelopen, waren ofwel langs opzij geruimd door de bijen ofwel bevatten ze een dode larve. Afgestoken door de nieuwe koningin. In één volk kwam ik op twee aangrenzende ramen een jonge koningin tegen. Ze waren blijkbaar naarstig naar elkaar op zoek.

14 juni 2018

Gisteren bij drie moerloos gemaakte kasten een controle gedaan na 12 dagen. Blijkbaar hebben ook deze bijen begrepen dat het seizoen dit jaar kort en krachtig is en dan vooral kort. In elke kast vonden we een uitgelopen dop, maar de overige doppen waren allemaal ofwel opengebeten, ofwel bevatten ze een dode larve. De bijen waren dus niet meer van plan om zich op te delen in kleinere nazwermen. Natuurlijk is dit niet betrouwbaar en ga ik ook de volgende kasten op de twaalfde dag nakijken. Niet elk volk reageert hetzelfde en ook per stand zou dit wel eens verschillend kunnen zijn. Binnen 14 dagen worden de honingzolders weggenomen bij de laatste oogst van dit jaar en dit valt dan perfect samen met de varroabehandeling.

Ik ben nu ook bezig met het verplaatsen van de jonge volken naar hun winterstand. Deze volken zijn ontstaan uit de broedafleggers en staan momenteel op 4 – 6 uitgewerkte ramen. De moeren zijn aan de leg, geknipt en gemerkt en weldra loopt hun eerste eigen broed uit. Ik probeer vaak iets uit om bij te leren en zo heb ik dit keer gemerkt dat de broedafleggers die in een zesramer gezet zijn én van een andere stand kwamen, nu op 6 ramen zitten. De broedafleggers in een normale Kempische kast zitten slechts op 5 ramen en de broedafleggers die bovendien op dezelfde stand zijn gebleven, zitten slechts op 4 ramen. De bijvoedering was dezelfde. Ze zijn ook gelijktijdig gemaakt. Het verschil zit blijkbaar in de warmtehuishouding en het verplaatsen naar een andere stand. Ik heb geen aparte bevruchtingsstand en niet voldoende zesramers.  Maar de kleinere volken zijn voldoende sterk op dit moment en bijgevolg hoef ik mijn methode niet aan te passen. Maar toch goed om weten.