Dit weekend heb ik de voerbakjes verwijderd en een plasticfolie onder de voederplank geplaatst. Om het volk tijdens de winter te kunnen bekijken, hoef ik dan de voederplank niet los te wrikken. En als ik tijdens de winter een pak deeg leg onder het plastic, haal ik de voederplank weg. De isolatiekussens met schapenwol heb ik ook teruggeplaatst. Ze waren verwijderd tijdens het voeren maar de rest van het jaar beschermen ze zowel tegen de zomerhitte als tegen de winterkoude. https://youtu.be/KQ6B0u_W2Lk?is=jGAx7xh1IWs6wR4x
Categorie: Uncategorized
Honing vast of vloeibaar
De kristallisatie van honing
Toen ik als imkershulpje begon bij mijn schoonvader, werd er slechts éénmaal per jaar honing geoogst. Op 21 juli, een vrije dag in België. De honing werd na slingeren in grote rijpervaten gegoten en naar de kelder gebracht. Na een tweetal dagen werd deze dan ‘afgeschuimd’. Het schuim met alle kleine restjes van het slingeren kwam bovendrijven op de vloeibare honing en dat werd minutieus met een lepel weggenomen. Hierna begaf mijn schoonvader zich tweemaal per dag naar de kelder om daar met een beukenhouten stok gedurende een tiental minuten de honing te roeren. Door de actie van het roeren werden de kristallisatiekernen klein gehouden en als de honing dan uiteindelijk kristalliseerde, waren de kristallen zo klein dat de honing zacht smeerbaar was. Smeuïg op de tong. Maar vooraleer het ganse vat te ver was gekristalliseerd, werd de honing in glazen potten gedaan. Dan ging de kristallisatie nog enkele dagen door in de potten waarna ze klaar waren om te verdelen onder zijn afnemers. De jaaroogst was meestal al volledig weg rond nieuwjaar.
Toen ik mijn eigen imkerij uit passie uitbouwde met meer volken, bekwam ik ook jaarlijks meer honing. De grote hoeveelheid glazen potten in mijn kelder hadden een beduidend groter gewicht en dat bleef niet zonder gevolgen. Op een bepaald moment heeft een rek in de kelder het begeven en het opruimen van alle scherven en weggooien van de verspilde honing deed me besluiten om het anders aan te pakken.
De honing zou, zoals bij beroepsimkers, in grotere vaten worden bewaard. Ik kocht plastic honingemmers van 20 liter die ik kon opstapelen.


Maar na verloop van tijd kristalliseert ook deze honing en kan hij dus nog alleen in potten worden gedaan door de emmer honing gedurende een tweetal dagen bij 38 graden in een warmwaterbad te zetten en de honing dan vloeibaar in potten te doen. Mijn hoeveelheid glazen, gevuld met honing, bleef vanaf dat moment beperkt tot een veertigtal potten. Het rek kan deze hoeveelheid wel aan. Maar ik verkoop dus momenteel bijna uitsluitend vloeibare honing. Klanten die een pot aanschaffen, merken soms wel dat deze na een tijd terug kristalliseert. En zeker als ze deze wat langer in gebruik hebben. Soms beweert men dan dat de honing niet goed meer is. Of men denkt dat er suiker is toegevoegd aan de honing. Of de bijen werden gevoerd met kristalsuiker die ze onder de honing hebben verwerkt. Dit is echter helemaal niet het geval. Elke honing kristalliseert vroeg of laat en wordt dus vast. Wat is nu eigenlijk de wetenschap hierachter?
De kristallisatie van honing is volledig natuurlijk en verandert de kwaliteit en de smaak van de honing helemaal niet. Natuurlijk geeft elke textuur een ander mondgevoel wat aan onze hersenen een andere smaakbeleving kan opleveren.
Honing is een oververzadigde suikeroplossing. Het bevat meer dan 80% suikers en minder dan 20% water. Eigenlijk zit er meer suiker in het water dan het water kan vasthouden. Dit maakt honing onstabiel maar de natuur streeft telkens naar een evenwicht of stabiliteit. Als resultaat worden er kristallen in de honing gevormd. De honing wordt dikker en uiteindelijk ontstaat een vaste toestand. Nu gebeurt dat geleidelijk waardoor de honing er tijdelijk bewolkt kan uitzien of gemarmerd. Dit begint meestal bij de onderkant van het glas en langs de zijkanten. Het werkt zo naar boven en naar binnen. Maar niet elke honing kristalliseert even snel en bekomt niet dezelfde textuur. Als er kleinere kristallen worden gevormd, voelt de honing veel zachter aan op de tong. Grotere kristallen voelen ruwer aan. Daarenboven gaat honing die sneller kristalliseert ook kleinere kristallen maken en dus eerder zacht aanvoelen.
Het kristallisatieproces
Er zijn vier omstandigheden die bepalen hoe snel honing kristalliseert. De eerste en belangrijkste is de verhouding tussen glucose en fructose. De samenstelling dus. Hier kan de imker niets aan veranderen. Een imker zou alleen maar zijn bijenstand kunnen verplaatsen bij een gewenste dracht.Maar vermits bijen niet achter een omheining blijven is dat niet sluitend. De bijen bezoeken bijvoorbeeld ook paardenbloemen in een kersenplantage. De andere drie condities zijn de temperatuur, de aanwezigheid van een katalysator en beweging kunnen wel voor een deel worden beïnvloed door de imker bij de oogst, de extractie en de bewaring van de honing.
1: De samenstelling:
Deze bepaalt vooral of de honing kristalliseert of niet. De verhouding tussen de twee belangrijkste suikers, glucose en fructose, gaat de snelheid van kristallisatie bepalen.
Glucose is minder oplosbaar in water dan fructose. In 100g water kan 375g fructose worden opgelost en slechts 68g glucose. Hoe meer glucose de honing bevat, hoe sneller deze dus gaat kristalliseren. Hoe meer fructose hoe langer de honing vloeibaar blijft. Maar honing is bijna altijd afkomstig van meerdere bloemsoorten en het is dus het uiteindelijke glucosegehalte in de geoogste honing dat bepaalt hoe snel de kristallisatie doorgaat. Van monoflorale honing weten we uit ondervinding dat honing van klaver, zonnebloemen en koolzaad snel kristalliseert. Van acaciahoning weten we dat deze zeer traag kristalliseert. Mengsels van meerdere bloesems zoals voorjaars- of zomerhoning kunnen bijgevolg alle kanten op.
2: Temperatuur:
Bij zeer hoge temperatuur en bij zeer lage, verloopt de kristallisatie zeer traag of helemaal niet. De ideale temperatuur voor kristallisatie is 14°C. Hoger of lager vertraagt de kristallisatie.
3: Katalysatoren:
Om kristallen te vormen moet er kleine kernen in de honing aanwezig zijn waaromheen deze kristallen zich kunnen vormen. Dit zijn microscopische stukjes pollen, bijenwas, propolis of luchtbelletjes. Ook stofdeeltjes in de glazen of tijdens het oogsten van de honing kan zo de kristallisatie beïnvloeden.
4: Beweging:
Beweging in de honing doet sneller kristalliseren. Daarom gaat geslingerde honing al sneller kristalliseren dan honing die in de raten blijft. Alleen al het slingeren, zeven en in emmers gieten doet sneller kristalliseren.
Hoe hoger het watergehalte in de honing, hoe trager de kristallisatie. Maar hier zit een addertje onder het gras. Honig met een vochtgehalte hoger dan 18,5% zal uiteindelijk gaan fermenteren. Bedenk ook dat honing hygroscopisch is en dus water aantrekt. Als honing te lang wordt opengesteld aan de lucht, trekt deze water aan en stijgt het vochtgehalte soms tot boven 18,5% en kan hij gaan gisten.
Wat als mijn honingpot nu gekristalliseerd is?
Deze kristallisatie is dus natuurlijk en deze honing is helemaal niet slecht geworden. De hard geworden honing is volledig veilig om te consumeren en sommige mensen hebben deze ook het liefst. Het is in elke geval properder om mee te werken. Maar bij gebruik in keukenrecepten is vloeibare honing vaak te prefereren. En ook bij gebruik in drank is het handiger. Alleen bij gebruik in warme dranken is harde honing even handig. Het gezondheidsaspect van honing verdwijnt wel als honing wordt verhit boven 38°C of als de honing wordt opgelost in een kopje hete thee. Het is dan slechts een zoetstof. Men mag ook nooit honing opwarmen in een microgolfoven vermits daar de temperatuur veel te snel, veel te hoog oploopt. Een warmwaterbad is veel effectiever. Een ketel water opwarmen, van het vuur nemen en dan het glazen honingpotje hierin zetten volstaat. Denk er wel aan dat de honing later toch terug zal kristalliseren.
Het wordt weer wat sneller donker…
En dan begin ik weer waswafels te gieten. En met de nieuwe siliconemal in mijn toestel zijn de wafels weer optimaal. Dit jaar heb ik mijn ganse voorraad bijna opgebruikt maar ook veel ramen terug uitgesmolten. De voorraad wasblokken is zo toch weer aangevuld.


De wasblokken smelt ik in de soepketel die bijna 10 liter kan bevatten. Waterkoeling gebeurt met een aquariumpompje en ik hou het water extra koud met koelelementen uit de vriezer. Het waswafeltoestel is op dadantformaat en de raat wordt dan op kempisch formaat gesneden terwijl de volgende al afkoelt. Ik reken op een raat per minuut.
De zomerhoning is geoogst.
De voorbije week is de laatste honing van dit jaar binnengehaald en geslingerd. Ik had dit jaar bijendrijvers geplaatst en de volgende dag alle honingzolders mee naar huis genomen. Op 13 productievolken stonden in totaal 41 honingzolders. Na het slingeren heb ik bij elk volk en bij de broedafleggers een honingzolder vol geslingerde honingramen opgezet. Ik ga de bijen dit jaar laten overwinteren op anderhalve bak, maar de honingzolder bovenop in plaats van onderaan zoals ik vroeger deed. De broedafleggers zaten op 6 tot 8 ramen. De rest van de broedkamer heb ik aangevuld met waswafels. In juli en augustus worden de bijen nu tweemaal per week gevoerd met lichte siroop. Deze lijkt wel iets op nectar en hierdoor bouwen ze de laatste wasraten nog mooi uit. Hopelijk kunnen ze na deze drachtpauze nog wat uit de natuur halen en kan ik ze op gewicht invoeren in september.
De koninginnenafleggers zelf heb ik gisterenavond van stand gewisseld. Gelukkig liggen de twee standen slechts een vijftal kilometer van elkaar. De kasten vervoeren bij 30 graden is normaal niet zo ideaal. Maar met een open bodem en een gaas op de bovenkant is dat prima verlopen. Ik heb ze dan overgehangen van hun zesramer naar een grote bak en ook een leeggeslingerde honingzolder opgezet.
De honingramen die ik niet heb teruggegeven, zijn de voorbije dagen allemaal gesmolten om de was te recupereren.
Tellen varroabesmetting
Vijf dagen geleden heb ik koninginnenafleggers gemaakt van de productiekasten. Deze volken maken nu een nieuwe koningin aan. De bijen doen dat door een aantal eitjes of larven uit te kiezen als toekomstige koningin. Ze maken zogenaamde redcellen aan. Het is echter wel de bedoeling dat de bijen vanaf het eerste moment de larve uitsluitend het hoogwaardige koninginnenbrij voeren. Daarom is de keuze van een larve minder geschikt. Beter is dat de bijen deze redcellen aanmaken op cellen die nog maar een eitje bevatten. Zo krijgt de larven vanaf het eerste moment het juiste koninginnenvoedsel toegediend. Uit eigen ervaring weet ik dat deze koninginnen uit redcellen toch van hoge kwaliteit zijn. Om zeker te zijn dat de bijen de juiste keuze maken, want ze willen natuurlijk zo snel mogelijk een nieuwe koningin, verwijder ik na 5 dagen alle doppen die al zijn gesloten. Doppen worden immers gesloten op dag 9 en bijgevolg zijn die gesloten doppen aangemaakt op larven en niet uit eitjes.
De volken hebben geen koningin op dit moment en tijdens de eerste 9 dagen is er nog open broed met broedverzorgende bijen. Dit is dus eigenlijk het ideale moment om nog snel even een varroatelling te doen op een staal van 300 bijen. Hiervoor zijn hoofdzakelijk broedverzorgende bijen nodig waar de meeste varroamijten zich op bevinden. Ook de koningin mag niet in het staal terecht komen.
Deze telling kan gebeuren met bloemsuiker, maar uit onderzoek is gebleken dat deze bijen ook sterven korte tijd na de staalname. Vermits een alcoholwash iets betere resultaten geeft kies ik hiervoor. Als alcohol kies ik voor een ruitenwisservloeistof die na filtering wordt gerecycleerd. Maar uiteindelijk blijft het een geklieder en daarom probeer ik ook de derde mogelijkheid. De bijen verdoven met CO2. Het is mogelijk met CO2pompjes uit de fietsenhandel maar ik koos voor de spuitfles uit de keuken. Standaard werken deze met NO2 maar dit is echter een dodelijk gas voor de bijen. De CO2 patronen van 8g voor mijn luchtpistolen passen echter perfect en na het monteren van een pipetje op de spuitfles kon ik de test aanvatten. Voor mij is deze test geslaagd. De staalname is veel zuiverder dan met bloemsuiker of alcoholoplossing en de bijen werden snel wakker. In de literatuur vind ik wel dat deze bijen toch ook wel wat schade oplopen en sneller verouderen, maar het minder geklieder blijkt een enorm voordeel.
In volgend filmpje dat ik op YouTube heb geplaatst, is alles een beetje verduidelijkt. https://youtu.be/wdSFHNJrhH4
Eind Mei 2026
We zijn bezig aan een serieuze hittegolf momenteel. Vorige week zijn alle acaciabloemen van de bomen geregend terwijl de bijen niet buiten konden uitvliegen. De voorjaarshoning is vorige week geslingerd en ondanks de tijdelijke drachtpauze, maar ook door de extreme temperaturen boven 30 graden, heb ik besloten om elk volk een extra honingbak te geven. Meestal doe ik dat toch begin juni, maar het lijkt dit jaar weer allemaal iets vroeger te gebeuren. Volken die twee honingbakken hadden, kregen een derde en die er al drie hadden, kregen een vierde. Allen met uitgeslingerde ramen aangevuld met waswafels. Terwijl ik die extra honingbak gaf, heb ik ze ook even gecontroleerd op zwermneiging en een enkele koningin die zich in het verleden goed wist te verbergen, heb ik ook gemerkt.
https://youtu.be/d5p3fZWR9s4?is=mTmyVhXVUlolx_rs
De nieuwe muilkorven waren ze zeer snel gewend. Maar de bovenstaande hoornaarval heb ik wel terug tijdelijk verwijderd. Het is niet de bedoeling dat een koningin die op bruidsvlucht wil, hierin terecht komt. Ook darren vliegen zich hierin ten ongeluk. Na de zomeroogst, half juli, zijn de bruidsvluchten ten einde en begint normaal ook de darrenslacht. Dan kan ik de geïntegreerde hoornaarval op de muilkorf plaatsen.
De jonge volkjes, de broedafleggers, heb ik na 24 dagen behandeld tegen de varroamijt en nu na 30 dagen zijn de meesten in het bezit van een leggende koningin die ik heb gemerkt. De afleggers waar ik nog geen eitjes vond, zal ik volgende week terug controleren. Soms gaat een jonge koningin wat later op bruidsvlucht, zeker met het voorbije slechte weer en daarom wachten we nog wel even.
Ondertussen heb ik het ganse bloemenperceel ingezaaid met de zonnebloempitten van vorig jaar en sinds enkele dagen zijn die massaal gekiemd. Ik heb nu daarover nog een hoeveelheid Phacelia en Tagetes bijgezaaid. De zonnebloemen worden nu normaal niet meer weggeconcurreerd. Althans dat is de bedoeling.

Broedafleggers maken.
Om de opkomende zwermneiging iets in te perken, maak ik van elk bijenvolk een broedaflegger. Door twee ramen broed met de opzittende bijen en een raam voer uit het volk te halen en te vervangen door verse wasraten, wordt het volk iets kleiner en krijgen ze ook meer ruimte. Het is natuurlijk heel belangrijk om de koningin niet mee te geven in de broedaflegger. We hebben wel de opzittende broedverzorgende bijen nodig om het broed te verzorgen. Dit zijn nog jonge huisbijen. Maar hiervoor bestaat een simpel trucje.
We vegen alle bijen van de betreffende ramen en plaatsen daarna deze aflegger boven op de honingbakken gedurende een half uur ongeveer. Dit broed trekt de broedverzorgende bijen uit de onderste broedbak letterlijk naar boven. Daarom noemt men deze methode ook een broedzuiger. Mochten er toch niet genoeg bijen in de aflegger terecht komen, is het nog altijd mogelijk om enkele ramen bijen uit de honingbakken bij te geven.
Vermits er alleen jonge huisbijen in deze aflegger zitten en geen vliegbijen, blijft de hoeveelheid bijen goed op peil. En er moet vooral veel verzegeld broed op deze ramen zitten. Dan worden er de volgende 12 dagen ook veel nieuwe bijen geboren. Het gebrek aan vliegbijen impliceert wel dat deze aflegger goed moet worden gevoerd vermits er geen nectar of stuifmeel binnenkomt de eerste dagen.
Op mijn YouTubekanaal heb ik weer een filmpje geplaatst over deze actie. https://youtu.be/k-QI4BW7pVQ?is=Khq61dRD-kZYPyfH
4 april 2026
Naast de paarse is er ook een gele dovenetel.




We zijn begonnen met het poten van de aardappelen. Vandaag als eerste de Lady Christ’l, een vroege soort. Hierna volgen nog Valery, Trésor, Violet Sun. En als latere soorten Charlotte, Melody en Pink Love.

De voorbije week heb ik bij de bijenvolken gedurende drie dagen de vrije mijtenval geteld. Op dit moment is dat natuurlijk zeer laag of zou zo moeten zijn. Bij één volk telde ik één gevallen mijt en bij de andere volken geen enkel. Deze controle doe ik elke maand om zodoende een quotering te kunnen geven aan de volken. Ik kweek alleen verder van de beste volken. Varroabesmetting, uitwinteringssterkte, honingdracht, goedaardigheid vind ik allemaal zeer belangrijk. Het volk met de ene gevallen varroamijt krijgt sowieso al een kruisje op haar fiche. Uitwinteringssterkte beoordeel ik volgende week. Hoe minder kruisjes, hoe beter voor mijn standselectie.
Lammetjesdag
Gisteren liepen er drie nieuwe lammetjes in de wei. Nog slechts 1 ooi wacht op verlossing. Drie op één dag is wel zo makkelijk. En dan hebben ze weldra een groepje om samen te ravotten.


De zwarte ooi stond op stal en daar is het licht niet denderend. Het lammetje lijkt wel heel donkerbruin, neigend naar zwart. Foto maken was nu niet mogelijk.

Nieuwe bloempjes
Onlangs had ik de paarse dovenetel aanzien voor hondsdraf maar nu zet ik ze hier achter elkaar. De hondsdraf groeit vaak in de buurt van brandnetels en dat is maar goed ook. Om de tintelingen van een brandnetel ervaring te verzachten volstaat het om enkele gekneusde bladeren van de hondsdraf over de plek te wrijven. Ook tegen insectenbeten is het plantensap effectief.


Maar ook de bessen beginnen aan hun bloei. De honingbes heb ik al getoond en vandaag vond ik de eerste bloeiende rode bessen.

Vandaag in de tuin de eerste Aziatische hoornaars gevangen. De Cameliastruik met zijn enorme bloemen is een echte hoornaarlokker. Ze zitten graag aan de nectar in de bloemen maar kunnen natuurlijk ook genieten van de vele andere insecten op de bloemen. Het is me al een paar jaar opgevallen en ik zou bijgevolg niet aanraden om Cameliastruiken aan een bijenkast te planten. Je wil een hoornaarkoningin in het voorjaar echt niet de weg wijzen naar je bijenstand.