10 mei 2020

Pompoenen geplant en de bonen ingelegd.
De aardappelplanten staan al mooi.
In de Warrekast is een vreemde zwerm gearriveerd.
De oude raten zijn opnieuw in gebruik genomen.

Vorig jaar had ik een zwerm in de kast gezet. Ik had de zwerm behandeld met oxaalzuur en in december nogmaals. Maar in januari verdween de laatste bij uit de kast. In de maand maart was er veel verkeer aan de kast. De laatste voorraad werd blijkbaar geroofd. En twee weken geleden zag ik geregeld speurbijen aan de kast. Nu is er dus een nieuwe zwerm ingetrokken. Geen idee vanwaar hij is gekomen.

De schaapjes zijn weer aan de imkerij. Ik heb ze weer gewisseld met de bok. Deze is nu met een castraatmaatje naar hun aflammerweide. Pas op 1 november mag hij weer naar de dames.

Bijenvolken eind april

Na de wilg en het fruit, staat nu de paardenkastanje in volle bloei. Hierna is het even wachten op de acacia. Maar natuurlijk zijn dit slechts de opvallende bomen. Met bloesem die we boven onze hoofden duidelijk waarnemen. Dichter bij de grond gebeurt er ondertussen ook veel. En dat wordt vaak niet opgemerkt. Er kwamen al enkele honden op de praktijk met een insectensteek in de snuit. Ook zij merken deze kleine stekertjes ook vaak te laat op. Voor mij is dit het signaal dat de bijen nu de hoge bomen ruilen voor lagere bloesems. Voor de imker en natuurliefhebber is het nu het moment om plat op de grond te gaan. Maar de bijen, hoe is het daar nu mee?

Tweede helft april en de meeste volken hebben hun tweede honingzolder gekregen. Wellicht kan er volgende week al een deel voorjaarshoning worden afgenomen. Maar evenzeer heb ik een volk dat nog steeds niet bezig is in de honingzolder. Nu had ik er voor kunnen kiezen om even het koninginnenrooster te verwijderen. Dan gaan ze meestal snel naar boven. Maar broedrestanten in de honingramen probeer ik ten allen tijde te vermijden. Het broednest heb ik even beter bestudeerd en het viel op dat ze een verzegelde voerrand hadden aangelegd boven het nest, bovenaan de broedramen. Eigenlijk perfect normaal maar niet naar de zin van een honingimker. Die wil zijn honing graag apart in een honingkamer. Vermits bijen niet graag over een verzegelde honingrand gaan, heb ik dan de zegels van de voederrand gebroken, platgedrukt met de raambeitel. Het is nu de bedoeling dat de bijen deze honingcellen ruimen en hierbij de honing verder naar boven, dus boven het koninginnenrooster gaan opslaan. Ze gaan er in elk geval ergens mee moeten blijven, want in de broedruimte zelf is geen plaats meer. Dit is blijkbaar een volk dat al lang blij is met een kastruimte van 1 Kempische broedbak. We zullen volgende week nog eens controleren, maar een volk met vertraagde voorjaarsontwikkeling is voor mij een negatief selectiecriterium.

De volken die momenteel al druk bezig zijn met verzegelen in de eerste, bovenste honingbak en de tweede, onderste bak, al uitbouwen, geef ik een pluspunt voor de selectie. Vier volken hebben momenteel zelfs de broedbak compleet in gebruik voor het broed. Ze hebben zelfs de twee buitenste voerramen al geruimd en voorzien van verzegeld broed. Deze vier zijn momenteel mijn eerste keuze voor verdere selectie. Selectie die weldra begint, want volgende week, begin mei, begin ik aan de productie van de broedafleggers. En deze volken die nu met 11 ramen broed en een darrenraam overvol gaan raken, geven me dan twee ramen broed in plaats van slechts één.

Een voerraam, een broedraam (moet ook eitjes bevatten) een waswafel en een sluitblok worden in een broedbak gehangen en enkele uren op de honingzolders gezet. Dit broed trekt de jonge, broedverzorgende bijen onvermijdelijk naar boven. Daarom noemen we deze broedaflegger ook vaak een zuigeling. De juiste bijen worden naar boven ‘gezogen’. Hierna wordt de broedbak op een bodem gezet, de vliegspleet op één bijbreedte afgesloten met een schuimstofstrip en naar de andere bijenstand vervoerd. Na 24 dagen behandel ik dit volkje met oxaalzuur. Op drie ramen is de koningin dan zeer gemakkelijk te vinden. Ze is al op bruidsvlucht geweest en bijgevolg wordt ze gemerkt en geknipt. Een week later kan ik dan controleren of ze een mooi broednest heeft. Ik geef deze jonge volkjes telkens een nieuwe waswafel als de vorige is uitgewerkt en plaats een voerbakje onder het dak waar ik regelmatig een litertje siroop in voorzie.

 

Verplaatsen bijenkasten ten tijde van lockdown

Vermits er de voorbije dagen wat duidelijkheid is gecreëerd omtrent het verplaatsen van bijenkasten, heb ik dat toch nog kunnen doen. Ik heb gisteren omstreeks 8.00u twee kasten verplaatst van de winterstand naar de zomerstand. Dit was altijd al het plan geweest, maar blijkbaar mocht dit niet tot nu. In het kader van de normale bedrijfsvoering van een imkerij mag men zijn kasten verplaatsen naar een andere stand. Ik heb nu zes volken op de stand aan het Waterbroek. Dit beschouw ik als het maximum op die locatie.

Ik heb ook de drie perceeltjes gemaaid waar ik dit jaar een wilde bloemenweide wens in te zaaien. Als alles volgens plan verloopt ga ik morgen ploegen en frezen. Volgende week krijgen we dan wat mooi weer en kan ik inzaaien. Het zaadmengsel komt van DCM en wordt aangeboden op hun professionele site. wilde bloemenmix Ik ga het proberen in plaats van elk jaar weer mosterd en phacelia te gebruiken.

Wilgenbloei

De voorbije 10 jaar stonden de wilgen compleet in bloei rond 20 maart. Ondanks het feit dat de katjes vaak al in januari hun wit jasje lieten opmerken. Maar als het zachte weer voortzet in februari, gaat de bloei toch een paar weken vroeger zijn. De eerste katjes gaan namelijk al open.

De gele kornoelje is momenteel ook in volle bloei. Het betreft hier wel een kleine struik van slechts drie jaar.

Bomen en struiken voor de bijen

De bijen kunnen tegenwoordig wel wat hulp gebruiken om voldoende nectar te vinden. En door de klimaatopwarming gaat de situatie zeker niet verbeteren. De winters zijn blijkbaar zachter en korter. Er zijn duidelijk meer vliegdagen voor de bijen. De bloeitijd van de inheemse flora lijkt wel iets te vervroegen. Maar de vroege wilgenbloei begon bij mij de voorbije jaren steeds omstreeks 20 maart en dit lijkt niet echt vroeger te komen. Ik ben dus steeds op zoek naar bijenplanten die bloeien in januari en februari. De discussie over exoten wens ik niet meer aan te gaan. Als het klimaat in onze streken verandert, zullen we wel moeten overschakelen naar andere planten. Ik wacht liever niet op de natuurlijke verandering van de inheemse flora. Als wij de meer zuidelijke planten niet naar hier brengen, komen ze ook zelf wel. Ik vrees echter dat dit te lang duurt voor de bijen. En al zeker voor de bijen die ik tijdens mijn leven kan verzorgen. Dat is alvast mijn mening.

Er is trouwens niet alleen een maand vroeger dat de bijen uitvliegen. Er is ook een maand later in het najaar. Vroeger was er na de linde slechts de heide. En de gigantische heidevelden, door de mens onderhouden, verdwijnen zienderogen. De wintervoeding die we vroeger gaven in juli en augustus is duidelijk niet meer voldoende als onze bijen tot en met oktober actief blijven. We kunnen wel hopen op grote mosterdaanplantingen in het najaar, maar is dit wel de perfecte wintervoeding? Ik zie door de toenemende bebouwing ook geen toename in de bloei van klimop. De natuurlijke voedselvoorraden voor onze bijen worden zeker niet groter in de nabije toekomst. We moeten dus zelf zorgen voor betere en meer bijenplanten.

Elke bijenplant bloeit maar enkele weken. We moeten dus ook zorgen voor voldoende opvolging. Als we een vierkante meter volplanten met crocussen of sneeuwklokjes, hebben we wel wat voor de bijen. Als we op diezelfde vierkante meter een struik of boom kunnen planten, hebben we gedurende eenzelfde periode wel veel meer bloemen. Daarom pleit ik eerder voor bomen en struiken. Als de imker hier de ruimte voor heeft natuurlijk.

Gisteren heb ik even een bezoekje gebracht aan de plaatselijke plantenkweker: Houtmeyers in Eindhout. Ik bracht er alvast acht struikjes mee. Drie Hamamelis intermedia, geel, rood en oranje, drie Chimonanthus praecox ( winterzoet) en ook nog twee bijenbomen Tetradium Daniellii. Deze bloeien dan wel in juli-augustus, maar ze vullen ook dan een drachtpauze. Terwijl ik even tussen de rijen bomen struinde,vond ik eveneens de honingboom, Sophora japonica en de wimperlinde, Tilia henryana. Ze bloeien eveneens allebei in de zomer. Vermits deze bomen al enkele meters groot waren, ga ik ze volgende week met de aanhanger ophalen.

The bees can use some help these days to find enough nectar. And climate warming is certainly not going to improve the situation. The winters are apparently softer and shorter. There are clearly more flying days for the bees. The flowering time of the native flora seems to have advanced slightly. But the early willow flowering started in recent years with me around March 20 and this does not seem to come sooner. So I am always looking for bee plants that bloom in January and February. I no longer wish to enter into the discussion about exotics. If the climate in our regions changes, we will have to switch to other plants. I would rather not wait for the natural change of the native flora. If we don’t bring the more southern plants here, they will come too. However, I fear that this will take too long for the bees. And certainly for the bees that I can take care of during my life. That is my opinion.

Besides, it is not only a month earlier that the bees fly out. There is also a month later in the fall. In the past there was only the heath after the linden tree. And the gigantic heaths, maintained by man, are disappearing visibly. The winter food we used to give in July and August is clearly no longer sufficient if our bees stay active until October. We can hope for large mustard plantations in the autumn, but is this the perfect winter food? I also see no increase in the flowering of ivy due to the increasing buildings. The natural food supplies for our bees will certainly not increase in the near future. So we have to ensure better and more bee plants ourselves.

Each bee plant only flowers for a few weeks. We must therefore also ensure adequate follow-up. If we plant a square meter full of crocuses or snowdrops, we have something for the bees. If we can plant a shrub or tree on the same square meter, we will have many more flowers during the same period. That is why I argue for trees and shrubs. If the beekeeper has the space for this, of course.

Yesterday I paid a visit to the local plantcenter: Houtmeyers in Eindhout. I already bought eight bushes . Three Hamamelis intermedia, yellow, red and orange, three Chimonanthus praecox (winter sweet) and also two bee trees Tetradium Daniellii. They bloom in July-August, also filling a poor blooming period. While I was strolling among the rows of trees, I also found the honey tree, Sophora japonica and the linden tree, Tilia henryana. They both also bloom in the summer. Since these trees were already a few meters tall, I will pick them up next week with the trailer.

Waswafels gieten

Ik heb al jaren mijn eigen waswafeltoestel en werk met een gesloten waskringloop. Dit jaar heb ik ongeveer dertig kilo was gesmolten en deze winter zou ik hier raten van gieten. Lieteberg met de Limburgse imkersvereniging heeft nu een volautomatisch wasraattoestel aangekocht om de eigen was te promoten bij de Limburgse imkers. Gedurende de eerste vijf jaren kan nu elke Limburgse imker 5 tot 20 kg was gratis laten omzetten tot zijn eigen wasraat. Hiervan ga ik natuurlijk ook gebruik maken. Ik kan mezelf dan bezighouden met andere zaken. Zopas heb ik mijn 20 kg was klaargemaakt voor aanlevering. Om het smeltproces te versnellen, vraagt men om de wasbroden te verkleinen tot kleinere brokken van ongeveer 100 g. Met een scherpe machete was dit een klusje van een kwartiertje.

Hopelijk gaan nu alle Limburgse imkers ook voldoende gebruik maken van deze unieke dienstverlening. Want zoals het oude spreekwoord altijd al had moeten luiden: “Eigen was is goud waard”.

I have had my own foundation machine for years and I work with a closed wax cycle. This year I melted about 30 kilos and this winter I would make the foundation. But Lieteberg with the Limburg Beekeepers Association has now purchased a fully automatic waxfoundation machine to promote the own foundation production with the Limburg Beekeepers. During the first five years, every Limburg beekeeper can now have 5 to 20 kg of theorie own wax converted into his own foundation for free. Of course I will also use this. I can then deal with other things. I recently prepared my 20 kg wax for delivery. To speed up the melting process, it is requested to reduce the wax to smaller chunks of about 100 g. With a sharp machete this was a fifteen-minute job.

Hopefully all Limburg beekeepers will now make sufficient use of this unique service. Because as the old proverb should always have said: “Own wax is worth gold”.

Warmhouden bijenbroed

De bijen beginnen nu stilaan aan hun broednest. De koningin begint te leggen als de dagen lengen en we merken dat aan de condensatie onder het afdekplastiek. Ik heb dit vroeger al eens aangegeven dat dit beginnend broednest ook is te meten met een digitale meter om oppervlaktetemperaturen te meten. Volgende week zal ik dit nog eens trachten te demonstreren met een YouTubefilmpje. Om dit broednest warm te houden dienen de bijen de temperaturen op te drijven tot ongeveer 35°C. Deze temperatuursstijging is dus meetbaar door de warmte van het afdekplastiek te meten. Tijdens het najaar probeer ik de kasten zo koud mogelijk te krijgen om het volk tegen december broedloos te krijgen. Maar vanaf januari probeer ik de bijen te helpen om hun kasten op te warmen. Het is dus nu het moment om de kasten te isoleren. Warmte gaat verloren langs boven en bijgevolg plaats ik de isolatie in het dak. In het verleden heb ik de deksels opgevuld met allerlei isolatieplaten, isomo en PUplaten, maar telkens bleek dat de strakke vlakke platen slecht aansluiten op de pakken voederdeeg onder het dekplastiek. De voorbije jaren heb ik dan maar kranten gebruikt. Eerst een dik pak kranten dat ik samen had geniet, maar ook dit was niet aansluitend genoeg. Vorig jaar gebruikte ik krantensnippers. Van die lange snippers over de ganse lengte van een blad. Dit sloot al beter aan, maar de controles van het voer bleken niet zo gemakkelijk. In mijn Warrékasten had ik ook al schapenwol gebruikt. Dit voldeed toen niet wegens te vochtig. In deze kasten lag de wol echter op een gaas en nam de wol vocht op uit de kast zelf. In de Kempische kast heb ik nu de wol gelegd op het plastiek. De wol neemt dus alleen vocht op uit de omgevingslucht en niet uit de kast. En ondanks een lichte vochtigheid zou wol nog steeds isoleren. Rotten doet het trouwens niet snel.Het zou dus wel eens de oplossing kunnen zijn. Ik heb ergens, op het Nederlandse forum Bijenhouden denk ik, een item gelezen over wol in een soort kussenslopen ter isolatie. Nu heb ik niet direct een aantal kussenslopen en heb dus maar de wol op het plastiek gelegd. Moest het werken, ga ik in elk geval tegen volgend jaar voldoende kussenslopen voorzien. De wol zelf heb ik voldoende van mijn Ouessantschapen. dsc_2805

Op deze foto is duidelijk zichtbaar hoe de bijen zich kunnen te goed doen aan het halve pak voederdeeg. dsc_2806

Zo heb ik de wol op het plastiek gelegd en het deksel terug geplaatst. De wol hangt wel enigszins aan elkaar, maar als hij in een kussensloop zit, gaat een controle toch makkelijker zijn.

 

The bees are now starting their breeding nest. The queen starts laying when the days are becoming longer and we can notice that from the condensation under the covering plastic. I have indicated before that this starting nest can also be measured with a digital meter to measure surface temperatures. Next week I will try to demonstrate this again with a YouTube video. To keep this breeding nest warm, the bees need to raise the temperature to around 35 ° C. This temperature rise can therefore be measured by measuring the heat from the cover plastic. During the fall I try to get the hives as cold as possible to get the population broodless by December. But from January I try to help the bees to warm up their hives. So now is the time to insulate the hives. Heat is lost from above and therefore I place the insulation in the roof. In the past I filled the lids with all kinds of insulation plates, isomo and PU plates, but each time it turned out that the tight flat plates did not fit well with the packs of feed dough under the covering plastic. In recent years I have used newspapers. First a thick package of newspapers that I had clipped together, but this was not enough. Last year I used newspaper shreds. Of those long chips over the entire length of a leaf. This fitted in better, but the controls of the food were not that easy. In the past, I had already used sheep wool in my Warré hives. This was not satisfactory then due to too moist. In these hives, however, the wool lay on a mesh and the wool absorbed moisture from the hive itself. In the Kempen hive I have now put the wool on the plastic. The wool therefore only absorbs moisture from the ambient air and not from the hive. And despite light humidity, wool would still insulate. Rotten does not do it fast, by the way. It could be the solution. I have read an item, somewhere on the Dutch forum Bee keeping I think, about wool in a pillowcase for insulation. Now I do not immediately have a number of pillowcases, so I just put the wool on the plastic. Should it work, I will at least provide enough pillowcases by next year. I have enough wool from my Ouessant sheep.

On the first photo you can clearly see how the bees enjoy the half pack of feed dough.

On the second photo, I laid the wool on the plastic and replaced the lid. The wool is somewhat tied together, but if it is in a pillowcase, a check would be easier.

Eindejaarsverlof

Zoals elk jaar neem ik ook dit jaar weer tien dagen verlof om mijn batterijen weer op te laden. Ik doe dit niet op latten, maar in de natuur bij mijn bijen. Om te beginnen heb ik de netels en bramen verwijderd aan hetWaterbroek.

Het perceel van 60 aren is momenteel langs de zijkanten volledig omzoomd met knotwilgen. Hiervan moet ik nog een aantal knotten deze winter. Aan de noordkant loopt de beek en aan de zuidkant heb ik een haag van meidoorn aangeplant. Die wordt geschoren na de bloesem in de zomer. Het voorste deel van het perceel waar de schapen niet komen, is voorzien van drie veldjes die ik inzaai voor de bijen en een stuk ruigte. Hier heb ik een haag hazelaar geplant, een rij Egyptische wilg en een rij lindebomen. De rest komt stilaan vol schietwilg te staan. Maar ondertussen maai ik wel regelmatig de netels en bramen.

Het achterste deel wordt proper gehouden door de schapen. Hier heb ik ook een moestuin, een boomgaard, de bijenkasten en een speelterrein voor de kleinkinderen. De schapen heb ik vandaag weer verhuisd. Dit keer heb ik de castraten naar het Waterbroek gebracht om daar de bok gezelschap te houden. De ooien heb ik dan weer terug gebracht naar mijn andere stand in Gerhagen. Dit is droge zandgrond en achter de woning van mijn vader. Hier blijven ze nu tot ze allen gelammerd hebben en ik de twee groepen weer omwissel.

Momenteel heb ik ook alle bijenvolken een half pak deeg opgelegd. Het pak snij ik simpelweg in twee en dan hebben de bijen gemakkelijk toegang tot de suiker. De volken zijn momenteel toch een zestal kilo lichter dan andere jaren. De vele vliegdagen van het najaar hebben hun tol al opgeëist. En volgens de condensatie onder het plastic is er ook al wat broed in de meeste volken. Regelmatig zal ik nu de leeg gegeten pakken vervangen.