Normaal maak ik mijn broedafleggers steeds via de zuigelingmethode om de koningin zeker niet mee naar de aflegger te geven. Maar aan de stand in Gerhagen is het dak zo laag dat ik de broedbak van de aflegger niet meer bovenop kreeg. Ik heb dus de broedafleggers gemaakt door het wegnamen van een paar ramen broed en jawel hoor: in één kast is weer een koningin geslopen. De produktiekast waar ik de ramen had uitgehaald, had geen koningin meer en had ik de volgende week enkele moerdoppen gevonden. Nu na 14 dagen was er een dop uitgelopen en het volk is dus weer voorzien van een nieuwe moer. Vorige week gaf deze kast zelfs 15 compleet verzegelde honingramen en dit was dus zeker geen fiasco. Uit de opgediepte gegevens van vorig jaar bleek dat de bewuste moer niet was gemerkt of geknipt. Door omstandigheden is dat vorig jaar toch wel een paar keer vergeten. Maar het was nu natuurlijk het moment in de bewuste broedaflegger met slechts enkele ramen. Of eigenlijk dien ik te zeggen: koninginnenaflegger.
In dit filmpje op YouTube is dit te volgen. De bodycam die ik onlangs heb aangeschaft, moet ik nog wel wat beter positioneren om elke actie beter in beeld te brengen. Maar het geeft een idee.
Na het succes vorig jaar met de elektrische harpen aan de thuisstand, had ik me voorgenomen om ook aan het Waterbroek harpen in gebruik te nemen. Tijdens de wintermaanden zijn de harpen gemaakt en ook de elektrische installatie met een zonnepaneel staat klaar. Het is de bedoeling om in juni deze harpen te plaatsen. Maar vorige week bij het vervangen van de geheugenkaarten uit mijn cameravallen, viel me een filmpje op dat me even doet nadenken.
Als deze jonge knaap beslist om met mijn harpen te spelen in plaats van met een jong boompje zou er wel eens vuur uit zijn achterste kunnen komen. Dan zijn mijn bijenkasten niet meer veilig.
Maar gelukkig heb ik dit filmpje op tijd gezien en kan ik mijn plannen aanpassen. Ik zal rondom de kasten en de harpen een degelijke draadafsluiting voorzien. De draad tegen de oprukkende reebok en daarachter dan de harpen tegen de hoornaars. Het zijn nog geen Amerikaanse toestanden waar men omheiningen behoeft tegen beren en wasberen maar we komen toch in de buurt.
Als overtuigd imker met het Kempisch raamformaat, kies ik telkens weer voor de Kempische kast. Slechts één broedbak en honingbakken op halve hoogte. Er is nooit een uitwisseling tussen honingramen en broedramen wat ik als voordeel beschouw. De broedruimte is ergens tussen een Dadant en Duits Normaal in. De gulden middenweg volgens mij. Maar dat betekent niet dat ik de rest van de imkerwereld niet bestudeer. Een absolute meerwaarde vond ik altijd al het systeem met Hoffmanramen zonder bleddens. Tussen de verschillende ramen zit namelijk de ideale bijenruimte zonder dat de ramen in bleddens of afstandsrepen hangen. Men kan deze ramen dus perfect als blok, allemaal tegelijk, verschuiven. Imkers met Segebergerkasten kennen dit systeem natuurlijk. Maar de ombouw naar dit systeem bleek nu toch gemakkelijker dan gedacht. Ik heb van een aantal lege kasten de bleddens omgedraaid en Hoffman-transformatieklemmen aangeschaft. Deze lege broedbakken ga ik volgende week gebruiken voor de broedafleggers. De oude bleddens zijn verwijderd en ik maak ook van de gelegenheid gebruik om ze te vervangen door RVS-exemplaren.
Na de voorjaarscontrole begin maart is het nu tijd geworden om de bijenvolken regelmatig te controleren. Kijken hoe het broed evolueert, of ze al honing opslaan, of ze extra ruimte moeten krijgen, of ze reeds zwermneiging gaan vertonen. Door de weliswaar korte maar toch warme periode in februari zijn de volken vroeger dan normaal in goede doen gekomen. Ze hebben maximaal kunnen profiteren van het eerste stuifmeel van de hazelaars en de elzen. Hierna explodeerden de wilgen en momenteel zijn de pruimen al gepasseerd en zijn de kersen en het kleinfruit in volle bloei.
Wegens mijn geplande operatie had ik de volken op voorhand al een honingzolder gegeven. Dit was de eerste week van maart. Maar deze week, begin april heb ik alle volken al de tweede honingzolder moeten geven. Van de dertien volken was er slechts 1 dat eventueel nog 14 dagen zou kunnen wachten met deze uitbreiding. Het zwermseizoen zal zeer snel beginnen en vermoedelijk voor de tragere imkers al zijn begonnen. Want ruimte geven is een goede zwermonderdrukking.
Het belangrijkste punt van controle deze week was dus de uitbreiding met een tweede honingzolder en het eerste uitsnijden van het darrenbroed. Snijden van darrenbroed ligt momenteel wel wat ter discussie. Is het nuttig om de varroabesmetting met 30 % aan te pakken of niet? Voor mij heeft het ook de functie van een bouwraam. Dit principe was al in gebruik lang voor varroa ons kwam teisteren. We geven de bijen een leeg raam om te controleren hoe het met hun gaat. Ze bouwen alleen darrencellen uit als ze in goede doen zijn. Als ze het uitgesneden raat bij de volgende controle niet hebben uitgebouwd, is dit zelfs een acute zwermwaarschuwing. Als ze dit raat niet meer laten beleggen maar voldragen met nectar, maken ze zich blijkbaar klaar voor de winter. Het is deels ook bezigheidstherapie voor de bijen. Ze krijgen op deze manier steeds een raam ter beschikking om hun wasklieren te gebruiken.
Deze was is ook zeer zuiver. Volledig zelf gemaakt door de jonge bijen. Vermits er geen nectar of stuifmeel in gestockeerd wordt, is het niet vervuild door de foeragerende bijen met externe bezoedeling. Vermits het binnen de 24 dagen wordt weggesneden, zit er slechts verpoppingsmateriaal in van 1 broedronde. Het is dus op zegelwas na van de zuiverste kwaliteit.
En wat is nu het resultaat van de controle van 13 bijenvolken? 475g zuivere was. En dat dus elke drie weken tot begin juli.
De ontsapketel voor kleine hoeveelheden zoals darrenraat.De overblijvende brij met gestoomde larven als lekkers voor de kippen. Zodra de kippen hiermee klaar zijn, gaat de rest naar de composthoop.475 g zuivere was!
Voor de geïnteresseerden is hier nog een filmpje dat ik heb gemaakt tijdens de controle. Wel wat schokkerig met de nieuwe bodycam.
Na de pruimen beginnen nu ook de kersen aan de bloei.Maar ook de Nassipeer begint er aan.En de vroege perenrassen.
Vanaf nu zal het snel gaan. We zijn weer vertrokken. En hopelijk krijgen de bijen veel kansen om op bezoek te gaan. Tussen de maartse buien en aprilse grillen door. Af en toe een waterig zonnetje met temperaturen boven 12 graden, dan moet het lukken.
Onlangs had ik de paarse dovenetel aanzien voor hondsdraf maar nu zet ik ze hier achter elkaar. De hondsdraf groeit vaak in de buurt van brandnetels en dat is maar goed ook. Om de tintelingen van een brandnetel ervaring te verzachten volstaat het om enkele gekneusde bladeren van de hondsdraf over de plek te wrijven. Ook tegen insectenbeten is het plantensap effectief.
De paarse dovenetelHondsdraf (Glechoma hederacea)
Maar ook de bessen beginnen aan hun bloei. De honingbes heb ik al getoond en vandaag vond ik de eerste bloeiende rode bessen.
Rode bes (Ribes rubrum) ras: Jonkheer van Tets
Vandaag in de tuin de eerste Aziatische hoornaars gevangen. De Cameliastruik met zijn enorme bloemen is een echte hoornaarlokker. Ze zitten graag aan de nectar in de bloemen maar kunnen natuurlijk ook genieten van de vele andere insecten op de bloemen. Het is me al een paar jaar opgevallen en ik zou bijgevolg niet aanraden om Cameliastruiken aan een bijenkast te planten. Je wil een hoornaarkoningin in het voorjaar echt niet de weg wijzen naar je bijenstand.
Sinds vandaag is mijn Payconiq geüpdatet naar Bancontact Pay. U kan nu met uw smartphone en uw bankapp, Bancontact-Pay of Wero simpel betalen voor het potje honing uit het honingkastje. Scan simpelweg de QR-code en geef het verschuldigde bedrag in. U hoeft dus niet meer via uw contacten mijn gegevens te zoeken. Simpel scannen, bedrag ingeven en bevestigen.
Om accidenten te voorkomen heb ik de code hier geblurd.
Vandaag is ook mijn gereviseerd waswafeltoestel teruggekomen van het Bijenhof. Ze hadden het teruggestuurd naar de fabrikant om van een nieuwe silliconenmat te voorzien. Het ziet er weer prachtig als nieuw uit.
De eerste wilgenkatjes bloeien. De bijen vliegen af en aan met stuifmeel, water en de eerste nectar.
Eerste wilgenbloei bij de platte wilg.Ook de eerste boswilgkatjes opgemerkt.
De eerste honingzolders zijn geplaatst.Het eerste bloemetje van het speenkruid (Ficaria verna)Veldkers (Cardamine)Paarse dovenetel (Lamium purpureum)Sterhyacint (Scilla)Narcissen (Narcissus)
Het zal nu de volgende weken alleen maar sneller en sneller gaan.
Eindelijk terrasjesweer deze week. Als imker heb ik het dan niet over de vele mensen die nu weer buiten komen. Ik bedoel dat ook de bijen nu volop buitenkomen om van de eerste zonnestralen te genieten. Ook voor hun is het terrasjesweer. Schuchter komen ze buiten tot ze het ideale ‘terras’ hebben gevonden. Een slokje water, een druppel nectar in een krokus of lenteklokje, maar vooral veel stuifmeel van de hazelaar en de els. Stuifmeel dat het kleine grut zo hard nodig heeft. Want moeder-koningin is thuisgebleven. Die doet nu niks anders meer dan eitjes leggen terwijl een massa nanny’s nodig zijn om haar beginnend broed te voeden en warm te houden. Ook deze werksters blijven binnen in het beginnend broednest. Want werksters zijn het. De koningin voeren. Haar voortdurend volgen en zorgen dat ze propere cellen te zien krijgt, waarin ze haar eitjes kan deponeren. Na vier dagen terug komen bij die cellen en de pas geboren larfjes voeren. En ondertussen het water, stuifmeel en nectar van de buitenvliegers in ontvangst nemen en gebruiken of stockeren. Stockeren in zuiver gepoetste cellen. Wie zou het gelukkigst zijn? De binnenblijvers die nog een half leven voor de boeg hebben of de terrashoppers die rondvliegen in het zachte voorjaarszonnetje maar misschien wel weten dat ze aan hun laatste weken bezig zijn. Gelukkig is het bijenvolk zeer goed georganiseerd en wordt het werk prima verdeeld. Daarom beschouwen we het bijenvolk ook als één geheel, één organisme. Want terwijl één bij een koudbloedig dier is, is een gans bijenvolk eerder te beschouwen als een warmbloedig organisme.
Ik heb er van geprofiteerd om de bodems van de bijenkasten proper te maken en de onderstaande honingzolders weg te nemen. Onder de broedbak plaats ik tijdens de winter namelijk een honingzolder. Hierdoor zit het volk toch wat hoger en verder weg van het koude vlieggat. Door nu de kast voor een deel te verkleinen, is de warmtehuishouding voor de bijen ook iets gemakkelijker. De gesloten bodemplaat heb ik op een kier geopend om condensatie en schimmel langs de koude kanten te voorkomen. Ook weer minder werk voor de bijtjes. Het kussen met schapenwol, onder het dak, blijft in de kast om de opstijgende warmte van het broednest niet verloren te laten gaan. En elke kast heeft ook nog een half pak voederdeeg op de raten voor de dagen dat ze dat extraatje zouden nodig hebben. Pas vanaf half maart krijgen ze dan die honingzolder terug maar boven op een moerrooster op de broedbak. Want vanaf half maart komt het eerste nectar in grotere hoeveelheden binnen. Rond die periode hangen de wilgen vol katjes en beginnen ook de eerste bloesembomen er aan. Met de sleepruim vaak als eerste.
Om de elektrische harpen van 12V stroom te voorzien, gebruik ik een autobatterij. Deze kan gemakkelijk een week worden gebruikt alvorens terug op te moeten laden. Maar vorig jaar heb ik op de stand in Gerhagen de batterij aangesloten op een zonnepaneel met mppt-omvormer die de batterij opgeladen houdt.
Dit 200W paneel had ik nog liggen.In deze box had ik twee accu’s van een scootmobiel geplaatst.Vermits de generators van vorig jaar nog geen lichtsensor hadden, was in deze box een 12V timer gemonteerd.
Dit systeem werkte zo goed dat ik dit jaar ook op de andere stand met elektrische harpen ga werken. De harpen zijn ondertussen al klaar en nu heb ik ook de rest klaargemaakt. De omvormer en de batterij zijn weer in een kist gemonteerd. Het zonnepaneel wordt later in het seizoen op een rek geschroefd en de kist kan daar dan onder.
Onder het deksel heb ik nu verluchtingsgaten voorzien met insectengaas en verder ook nog een kijkglaasje voor de leds van de omvormer.
Deze tweede box is dus beter bestand tegen nat weer en indringende insecten.