Nieuwe foto’s

Tamme kastanje

De tamme kastanje staat nu volop in bloei terwijl de linde al bijna uitgebloeid is.

 

Komkommerkruid

Het komkommerkruid is een succes voor de bijen en het bloeit blijkbaar lang.

bloemenmengsel voor insecten

bloemenmengsel voor insecten

bloemenmengsel voor insecten

bloemenmengsel voor insecten

Eén van de gezaaide bloemenmengsels gaf mooie bloemen, maar veel te weinig. Wellicht was het mengsel niet zo geschikt voor de pas omgewoelde bosgrond.

aardappelveldje, aardperen

Het veldje met aardappelen en aardperen staat er fleurig bij. Volgend jaar komen hier de koolplanten. Het stukje dient dan wel te worden omheind om wildvraat te voorkomen.

pompoen

Op de berg grasmaaisel heeft één pompoen het overleefd.

wijnbes

De wijnbes heeft een zeer volle smaak in vergelijking met de framboos. Een succesverhaal.

DSC_0464 (Custom).jpg

De bonen krijgen nu hun eerste bloemen.

Bessen en lindebloesem

Mijn vader heeft deze week de rode bessen geplukt. Morgen worden ze verwerkt in een taart en wellicht maak ik van het restant nog wat confituur. Vandaag had hij de kruisbessen geplukt: 16 kg! In pakken van telkens 1 kg hebben we ze ingevroren. En de rode kruisbessen zijn pas volgende week rijp.
Zonet nog even een mandje lindebloesem geplukt. De geur ’s avonds is echt overweldigend. Een lekker glas thee mee gezet en de rest wordt vannacht te trekken gezet in een suikersiroop. Op dezelfde manier als de vlierbloesemsiroop, maak ik zo lindebloesemsiroop.
Aan de bijenstand heb ik gisteren het perceel zonnebloemen gemaaid. Er waren slechts enkele zaden opgekomen en het ganse perceel was nu overwoekerd met perzikkruid en distels. Wellicht kan ik het maaisel nu morgen verwijderen en het perceel frezen. Ik kan dan nog phacelia zaaien. Deze staat dan na 6 weken in bloei. Het veld phacelia dat nu bloeit kan dan binnenkort worden vervangen door mosterd.
Aan de bijen hoef ik dit weekend niet te werken. De jonge volkjes krijgen slechts wat voedersiroop en een nieuwe waswafel. Vandaag heb ik even gekeken hoever het stond met de honingramen, maar ze waren slechts op enkele ramen na nog niet verzegeld. Ze hebben nog ruimte zat tot ik binnen 14 dagen alle honingramen wegneem.

Juli

De laatste maand van het imkerseizoen. De laatste honingoogst en dan beginnen we met de strijd tegen varroa en het inwinteren om volgend jaar weer gezond verder te kunnen. De voorbereiding van het volgend jaar is dus eigenlijk al het begin van het nieuwe imkerjaar. Een efficiënte varroabestrijding voorkomt de bijensterfte die vaak al voor de winter optreedt. Een normaal bijenvolk van meer dan 20.000 bijen kan tot 10.000 mijten aan. Maar bij de ontwikkeling van de winterbijen krimpt het aantal broedcellen en worden de jonge bijen uiteindelijk te zwaar geïnfecteerd door de steeds hogere aantallen mijten. Als een volk echter voor de geboorte van zijn winterbijen, van de hoge varroadruk is ontdaan, gaat haar ontwikkeling gewoon door en stort het volk in het najaar niet in.

Na de honingoogst is dus het moment gekomen om de varroa’s te tellen op de bodemplaat. Deze wordt er nu gedurende 3 dagen weer ondergestoken. Niet langer want anders vinden de oorwurmen en de mieren deze interessante voederplaats en is er van een exacte telling zeker geen sprake meer. Om geen permanente voederplaats voor deze beestjes te creëeren, worden de bodems dan ook bijna constant opengelaten. Een produktievolk mag einde juli zeker niet meer dan 10 mijten per dag laten vallen en een jongvolk maximaal 5 mijten per dag. Deze jonge volkjes zijn immers opgestart met een oxaalbehandeling en bijgevolg met weinig mijten begonnen. Het is ook de bedoeling dat we ze tot in september kunnen gerust laten.

Als we nu tijdens de laatste honingoogst nog naakte zwermen opstarten met een jonge koningin, is deze best al aan de leg en geven we de zwerm 2 tot zelfs 2,5 kg jonge bijen mee. Vanaf half juli geven we ze ook liever uitgewerkte ramen dan waswafels. Ik bewaar echter geen uitgewerkte broedramen en begin elk volk op zuivere waswafels. Ik probeer dan ook om mijn jonge volkjes al in mei en juni op te zetten. Er zijn mogelijkheden zat om je volkenaantal te vermeerderen in de loop van het jaar. Zelf kies ik er wel voor om dit te doen met 100% wasvernieuwing per jaar. Dit gaat prima met de jonge volkjes die alleen maar waswafels krijgen. Een aantal produktievolken die ik als reserve inwinter, hebben ondertussen ook al de helft nieuwe waswafels gekregen. Door voerramen uit te halen in het vroege voorjaar,  broedramen af te leggen in het late voorjaar en gewoon door steeds ruimte te geven. Als ze dan in het voorjaar terug worden ingezet, krijgen ze begin april eerst een nieuwe broedbak bovenop. Deze moeten ze uitbouwen alvorens ze tegen eind april, begin mei een honingzolder krijgen. Op ditzelfde moment wordt dan de onderste broedbak gans verwijderd. Ook dit volk produceert dus zijn honing op nieuwe waswafels. Misschien zal het wel zo zijn dat deze enorme wasproduktie ten koste gaat van de honingproduktie, maar bergen volle honingpotjes in de kelder zijn niet mijn hoofddoel. Ook natuurzwermen beginnen elke keer opnieuw op verse was en laten de vervuilde raten simpel achter in het oude nest.

Bosbessen

bosbessenTijdens onze fietstochtjes haddden mijn vrouw en ik al een paar keer gelonkt naar een prachtige locatie waar het ganse onderbos begroeid was met bosbessen. Vorig jaar was het ons ontgaan, doch dit jaar zijn we er op uit getrokken. Zodra we het bos diep genoeg waren ingetrokken, verder dan menig wandelaar, vonden we de geschikte plek. Grote bessen in overvloed. Op nauwelijks een paar vierkante meter plukten we in een oogwenk twee kilo bessen. En het was hierna zelfs niet te merken dat er waren geplukt. Er is wel een gigantisch nadeel aan verbonden: elke mug in het bos wist ook van deze bessen. En ze wisten ook dat er vroeg of laat grote zoogdieren op af zouden komen. Onze muggenbeten zijn nu even groot en talrijk als onze bosbessen. Maar we hebben confituur gemaakt, bosbessenmuffins, een bosbessentaart en bosbessenbroodjes. Dit maakt natuurlijk veel goed.  En zo moeten de honingjagers uit de oertijd zich ook gevoeld hebben: dolgelukkig met het smakelijk eten, doch helemaal kapot geprikt!

Controle bijenvolken

De controle van de produktievolken ging dit weekend wat sneller. De volken die nu met een jonge koningin of nog een dop zitten in de broedbak, heb ik ongemoeid gelaten. Er is al vrij veel nectar binnengehaald en als de lindedracht op deze manier verdergaat, zal ik deze week de honingzolders in de gaten moeten houden. Het is nu zaak dat ze ruimte blijven hebben. Mocht de honingkamer vol raken, beletten ze namelijk de jonge koninginnen om aan de leg te gaan.

De controle van de jonge volkjes is ook vlot verlopen. Er zijn drie broedafleggers goed aan de leg en gestaag bouwen ze waswafels uit. De drie kunstzwermen van vorige week doen het blijkbaar ook prima. Alle drie hebben ze hun 5 waswafels al over de halve hoogte opgebouwd en de koninginnen zijn prima aan de leg. Nu om de paar dagen het voer controleren en eventueel een waswafel bijgeven. De apidea’s waar deze koninginnen uitgehaald zijn, doen het ook prima. Twee hebben doppen aangezet en de kastjes zitten barstensvol bijen. Ik heb de kastjes dan maar uitgebreid en een voerbakje vervangen door 2 raampjes. De kastjes hebben nu dus 8 raampjes en een voerbakje. We zullen wel zien of ze nu nog een nieuwe koningin kunnen optrekken. Ik heb ze in de tuin gehangen om dit beter te kunnen opvolgen. DSC_0424 (Custom).jpgZe zijn wel niet echt gemaakt om er twee boven elkaar te zetten, maar mits wat schuiven met de bodemplaat zijn alle openingen toch gedicht.

Foto’s juni

acacia

Welgeteld 1 acaciabloem is er dit jaar verschenen aan de jonge acaciadreef. Vanaf volgend jaar kan het dua alleen maar beteren. De boompjes zijn ondertussen vier jaar oud.

Voedersiroop voor jonge volkjes

De jonge volkjes krijgen voortdurend voedersiroop ter beschikking om vlot nieuwe zuivere ramen uit te kunnen bouwen.

afkoken oude ramen

Na het uitsmelten van de oude was, worden de ramen gekookt in sodawater. Hierdoor worden ze mooi zuiver en is de draad goed wasvrij. Dit vergemakkelijkt het terug insmelten van nieuwe waswafels.

Phacelia wit

In het phaceliaveld dook dit wit exemplaar op.

jongvolken

De jongvolkjes met de broedafleggers vooraan en de kunstzwermen achteraan.

Witte klaver

De witte klaver is een leuke dracht voor de bijen.

klaverveld

En op deze schaal wordt het interessant.

Tuter

Vorige zondag bij een kast met doppen een ganse honingbak weggenomen met een pak jonge bijen voor de kunstzwerm. Ik had op 17 juni bij de controle enkele gesloten doppen gevonden en er drie van meegenomen naar de couveuse. Op slechts één raam had ik er een drietal laten staan met enkele nog niet gesloten exemplaren. Tot gisteren was er nog steeds geen tuter te horen en vandaag waren de doppen zeker al de achtste dag gesloten, dus 17 dagen oud. De koningin zou dus ten laatste vandaag worden geboren. En inderdaad liep er deze voormiddag een koningin uit in de couveuse. De twee andere waren afgestorven in de dop. Dus vanavond naar de kast met de zwermemmer en de koningin in haar potje. Ik was voorbereid om jonge bijen te ontnemen om apidea’s te vullen, mochten er koninginnen te veel zijn en ik had ook de koningin bij om in de kast te gooien als er geen tuter was. Er was echter wel een tuter te horen, doch geen kwakers. Het bewuste raam uitgehaald en naast een uitgelopen dop waren de andere doppen al afgebeten vanaf de basis. De bijen hadden dus hun zwermplannen opgeborgen en waren niet van plan om verder af te zwermen. Ik kan alleen maar bedenken dat het wegnemen van de halve honingvoorraad mét 2kg jonge bijen de rest van de kast deed geloven dat er een zwerm was vertrokken en dat ze bijgevolg verder zwermen niet meer zagen zitten. Ik heb dan maar besloten geen jonge bijen meer af te nemen voor de couveusekoningin en heb haar simpel tussen de ramen vrijgelaten. De bijen van dit volk hebben momenteel geen open broed meer te verzorgen en kunnen zich bijgevolg volledig toeleggen op de lindebloesem die nu massaal openstaat in de straat. Een heerlijke geur als je er ’s avonds onderdoor fietst.

Gisteren de honing afgeschuimd en vandaag nog eens. Hierna heb ik de rijpervaten gewogen en in de kelder gezet. De teller staat voorlopig op 101kg. Met roeren begin ik pas als er streepvorming begint op te treden in de vaten. Dit kan snel gaan of lang duren. De vorige oogst bevatte veel wilgen- en koolzaadnectar en was binnen de week gekristalliseerd en opgepot. Dit lot kan een belangrijk deel  acacianectar bevatten en bijgevolg veel trager kristalliseren. Hoe het uiteindelijk afloopt, is niet te voorspellen. Elke oogst is de bloei anders en de verschillende soorten nectar in een andere verhouding aanwezig. Elke slingerbeurt staat voor een andere bloeiperiode en kan andere honing geven.

Broedafleggers

Drie broedafleggers van begin mei doen het ondertussen uitstekend. Ze hebben al op drie platen verzegeld broed en hebben ondertussen al waswafels bijgekregen. De vierde is echter darrenbroedig. Dit volk wordt nog deze week op een avond afgeveegd op een goede 100 meter van de stand. Met de twee erbij, die geen koningin hebben opgetrokken, haal ik in dit gek voorjaar toch nog drie op zes. De twee broedafleggers die pas eind mei zijn gemaakt, heb ik nog niet gecontroleerd op leg. Als de rest nu verder lukt, de twee broedafleggerfs en de drie kunstzwermen, heb ik mijn acht jonge volkjes al voor volgend jaar. De produktievolken van dit jaar hebben al voor een groot deel een nieuwe, jonge koningin, of ze zijn er mee bezig. De twee volken die vorige week gesloten doppen hadden, hebben deze avond getuut en gekwaakt. Ik heb de broedkamers geopend en de andere doppen gebroken. Enkele mooie koninginnen heb ik eveneens laten inlopen.  Drie in de ene en slechts een in de andere. In deze kast waren wel nog zeer veel open doppen. De rijpe gesloten en de uitgelopen dop stonden mooi in het midden als wisseldoppen voor een stille moerwissel. En er waren toen naast de gesloten dop ook nog eitjes. In de kast zat dus ook nu nog veel onverzegeld broed. Wel geen eitjes meer of jonge larfjes. Het lijkt er op dat na het sluiten van de wisseldop, het volk plots toch nog heeft besloten om te gaan zwermen. Dit waren echt meer dan tien zwermcellen aan de randen van de ramen. In elk geval zullen ze het nu moeten doen met de koningin die de volgende nacht overleefd. Van de 11 oudere koninginnen zijn er momenteel al 9 verdwenen. Twee met een wisselcel, een met redcellen na het maken van een koninginnenaflegger en de rest met zwermcellen. De koningin die ik toevallig tegenkwam in mei zit in een aflegger. Bij een stille moerwissel hoef ik de oude koningin niet te zoeken en bij een afkomende zwerm loont het knippen van de koningin. Kom ik vanaf juli de jonge koningin tegen, wordt ze gemerkt en geknipt. In de apidea’s en de broedafleggers is ze gemakkelijk te vinden en wordt ze bijgevolg ook sneller gemerkt.

Kunstzwermen

Ik ging enkele naakte zwermen maken tijdens de honingoogst. Jonge bijen uit de honingzolders met een jonge, leggende koningin op waswafels en behandeld tegen varroa. Zoals de rotatiemethode van Celle. Zondagmorgen begonnen met de volkscontrole en er kon inderdaad worden geoogst. Eerst nog even de apidea-dames bekeken: de drie gemerkte en geknipte koninginnen, waren inderdaad goed aan de leg. Ik zou dus ook drie naakte kunstzwermen kunnen maken met jonge bijen uit de honingzolders. Ongeveer 2 kg bijen per volkje. De jonge bijen worden nog in de emmer besproeid met oxaalzuur. Hierna kieperde ik de bijen in een honingbak tussen twee reisroosters. De koningin werd er dan bijgehangen in een kluisje met een deegstop en tape als afsluiting. Deze improvisatiekooi werd koel in de schaduw gezet tot ’s avonds na het slingeren. Na het terughangen van de uitgeslingerde ramen, heb ik het kluisje tussen 5 waswafels gehangen in een nieuwe broedkamer. De tape werd verwijderd en de bijen kunnen dus de voederstop verwijderen om de koningin te bevrijden. Hierbij ook nog een vol raam voer meegegeven en siroop opgezet. De bijen heb ik in de lege honingkamer geplaatst op een bodem. Hierboven kwam dan de broedkamer met de konigin. De bijen gaan dus naar de koningin in plaats van andersom. Ze waren al wel vriendelijk tegen haar. Het kluisje hing echt tussen de bijen en ze lieten zich zachtjes hiervan wegvegen. Naar het schijnt bijten ze zich stevig in het kluisje vast als ze de koningin agressief benaderen. Dat zag er dus al goed uit. De vliegopening bleef gesloten tot deze avond. Nu heb ik vanavond de vliegopening op een dubbele bijbreedte gezet en de bijen zaten zodoende 2 nachten opgesloten. Ze zijn geharmoniseerd en ze vliegen niet meer af. Volgend weekend zal ik het kluisje verwijderen en wellicht nog later een controle doen. Ik zou niet willen dat ze deze koninginnen inballen door een te vroeg rommelen in de kast. De onderste honingkamer haal ik dan ook wel weg. Natuurlijk dien ik om de andere dag wat voedersiroop bij te geven.

Tuters

Vanavond weer gaan luisteren aan twee kasten naar een tutende koningin. Nog niks. Ten laatste dit weekend loopt er een jonge konigin uit en als ze kwakende koninginnen hoort, die nog in de dop zitten, zal ze de volgende dag willen afzwermen. Ik zal dan die avond echter alle resterende doppen breken en de zo uitgelopen koninginnen verplichten om het ’s nachts uit te vechten in plaats van met de helft van het volk te vertrekken. Momenteel staat er een perceel phacelia in bloei, een stuk bladrammenas en een stuk koolzaad. De sneeuwbesstruiken gonzen van de bijen, net zoals de braamstruiken. Er is nu ruim voldoende dracht en de linde en de tamme kastanje moeten nog beginnen. Ook de liguster komt er nog aan. Wellicht moet ik dit weekend weer een deel verzegelde ramen afnemen om te slingeren. Ik zal er van profiteren om wat kunstzwermen te maken van de jonge bijen uit de honingzolders met de jonge leggende koninginnen uit de apidea’s. Althans als ik dit weekend wat tijd kan vrijmaken om dit te bewerkstelligen. Zaterdag begin ik namelijk aan de isolatie en afwerking van de zolder. We zien wel hoe vlot dit allemaal verloopt.