Voorjaarsoogst

Dit weekend was het weer zalig zomerweer. In de schaduw gaf de thermometer vandaag 29°C aan. En het duurt nog wel een paar dagen. Het was dus het moment om de broedafleggers te maken en de verzegelde honingramen af te halen.

Een tijdje geleden heb ik twee volken verkocht die ik diende over te zetten op een segenbergerkast. Toen de kunststofkasten werden afgehaald bleef ik achter met 24 Kempische ramen die nog veel voer, veel stuifmeel en nog vrij veel, hoofdzakelijk verzegeld, broed bevatten. Ik heb toen de beste ramen samen gehangen in 1 bak met een raam broed uit mijn beste volk. Vermits er nog alleen verzegeld broed was in de overige ramen, hebben ze doppen aangezet op mijn geselecteerd raam. Nu vrijdag heb ik daar zes doppen uitgesneden voor de broedkast en drie doppen laten staan. Deze staan vlak naast elkaar en de eerste koningin die uitloopt zal de overige wel elimineren. Voor de zes doppen heb ik dit weekend nu ook zes apidea’s klaargemaakt.

De wekelijke volkscontrole heb ik nu dus gekoppeld aan het maken van jonge volkjes, de kweek van enkele extra koninginnen en de eerste honingoogst.

Uit elk volk nam ik twee ramen met veel verzegeld broed, en veel stuifmeel. De ramen waren de oudere uit de kast. Wel goed controleren of er ook eitjes aanwezig zijn op die ramen. In de plaats kwamen dan weer twee verse waswafels. De ramen werden afgeveegd als ik de koningin nog niet opzij had gelegd. Dat doe ik namelijk altijd als ik haar tegenkom. Ik laat ze dan pas terug in het volk lopen als ik de controle heb beëindigd. Deze twee broedramen worden dan in een kast gehangen tussen een voerraam en een waswafel. Hiernaast komt nog een sluitblok. Ik leg de moerrooster terug en plaats de broedaflegger hier bovenop. Deze bak loopt nu snel vol met broedverzorgende bijen van de juiste ouderdom.

De twee honingzolders staan nu nog opzij en die worden nu bekeken. Centraal in de bovenste honingzolder bevinden zich de verzegelde honingramen. De bijen op deze ramen heb ik afgeveegd in een emmer. De honingramen die nog niet volledig zijn verzegeld worden dan verschoven naar het midden en aan de buitenkant komen weer nieuwe honingramen. De bijen in de emmer worden dan besproeid met een 3% oxaalzuuroplossing, waarna er in elk apideakastje een koffiebekertje bijen wordt gegoten.

Het is dan tijd om de broedaflegger een eigen bodem te geven en de honingzolders weer op hun plaats te zetten. Het volk is nagekeken: er waren eitjes, vaak werd de koningin gevonden, doppen werden weggehaald en verzegelde darrenramen werden uitgesneden.

Ik heb de bijen uit de emmer die ik overhad, verder nog verdeeld over de broedafleggers en heb ze verder opzij gezet.

De apideakastjes en de verzegelde honingramen heb ik meegenomen naar huis.

Bij thuiskomst moest ik nog het ene volk uit de tuin controleren. Het was 13 u en toen ik in de tuin kwam werd de lucht plots donker.

Gelukkig liep de geknipte koningin vlak voor de kast en was ze nog niet in de kippenren terecht gekomen. Ik heb ze in een knijper even vastgehouden om zo de zwerm een krachtdadig halt toe te roepen. Zeer snel keerden de zoekende zwermers terug en binnen een kwartiertje had ik ze in een nieuwe kast.zwerm1

De 30 honingramen heb ik dan geslingerd en vanavond heb ik de zwerm naar een andere stand gebracht. De verdere afloop van dit drukke weekend laat ik wel weten in een volgend berichtje.

 

 

Stoomwassmelter

Ik heb mijn stoomwassmelter nog eens verbouwd. Het eerste prototype had een uitloop naar buiten waar ik dan de wasrecipiënten kon onder plaatsen. Deze was koelde echter te snel af en daar de was uit de stoomtoren kwam, werden tijdens de warmere dagen bijen aangetrokken. Daarom gebruikte ik deze smelter alleen ’s avonds of tijdens de winter. Nu heb ik eigenlijk van enkele oude honingzolders en een broedbak een nieuwe toren gebouwd. In de toren is plaats voor een honingemmer met afsnijkraan.

Na het smelten van de was kan ik de emmer uithalen, het onderstaande vocht aflaten via de kraan en dan de waskoek uit de emmer halen.

Eerst twee honingbakken op een gesloten bodem waar de emmer in past.

Hierboven komt een metalen plaat met centraal afvoergat, mooi boven de emmer.DSC_0070

Hierop weer een honingbak en daarop een koninginnenrooster.DSC_0071 Dit rooster dient om het grootste vuil tegen te houden. Hierop staat dan eventueel nog een honingbak om ruimte te creëren  voor dit vuil boven het rooster en onder de ramen. En dan de broedbak waar ik zowel 12 broedramen als honingramen kan inhangen.DSC_0072 Brokken uitgesneden darrenraat kunnen gewoon op het rooster worden gelegd.

De stoom wordt geproduceerd door een behangafstomer.

 

Controle bijenvolken

De weersvoorspellingen voor de volgende dagen hou ik als imker nauwlettend in de gaten. Ik vind het minstens zo belangrijk als een agenda. Ik was van plan om tijdens het komende weekend van alle volken een broedaflegger te maken.Het voorspelde weer geeft echter veel buien en een koude week na het weekend. Vermits een broedaflegger elke warmte goed kan gebruiken, wordt dit een week of langer uitgesteld. Ook ga ik met de komende afkoeling geen honing afhalen. Bij de controle bleek wel dat de laatste twee volken dringend een tweede honingzolder nodig hebben en die ga ik ze morgen geven. Ook zag ik al twee volken die zonder honingoogst een derde honingzolder kunnen gebruiken, maar dat zal ik in de loop van volgende week toch nog eens moeten bekijken.

Er waren wel twee volken met belegde moerdoppen, maar niet dezelfde als vorige week. Ik heb hopelijk alle doppen vernietigd en dan zien we volgende week weer verder. De nieuwe waswafels en de darrenramen die ik gaf begin deze maand zijn momenteel goed verzegeld. Als er in elk volk zo binnen enkele dagen 2 ramen bijen uitlopen, kan de zwermdrift snel toeslaan. De darrenramen snij ik uit zodra ze verzegeld zijn.

Ouessant keizersnede

De laatste ouesssant ooi begon vanmorgen te persen. Een uurtje later was de vruchtwaterblaas te zien, maar er verschenen geen pootjes. Die waren uiteindelijk wel te strekken in het nauwe geboortekanaal, maar het hoofdje kon ik niet bereiken, laat staan stevig vastgrijpen om te assisteren bij het persen. Na enkele minuten heb ik het ooitje maar in de wagen gelegd en ben ik naar de praktijk gereden. Ondertussen is het al wel veertien jaar geleden dat ik keizersnedes bij schapen en runderen uitvoerde, maar het is zoals fietsen. Je verleert niet wat je echt in de vingers hebt. Ik heb thuis wel het voordeel van een praktijkruimte en en inhalatieanesthesie en heb daar dan ook dankbaar gebruik van gemaakt.

Vermits een verdoofde ooi na een keizersnede haar lam vaak moeilijk aanvaard, heb ik een portie biest afgemolken en alvast via een sonde aan het lam gegeven. Door deze biest via een maagsonde te geven, verliest het lam niet zijn natuurlijke zuigreflex. Dit gebeurt namelijk nogal eens als ze in het begin met een speen worden gevoerd. Ze verliezen dan nogal eens de zoekdrive om aan de uier te gaan zuigen. Het ooitje heeft momenteel al wat gegeten en ze staat vlot recht. Het ramlammetje heeft ze ook goed droog gelikt. De recoverykooi voor honden is gelukkig groot genoeg om in recht te staan en morgen mogen ze wellicht al terug naar de bevallingskudde. Deze bestaat nu uit de vijf bevallen ooien en hun lammeren, vier rammetjes en een ooitje.

Bloemen voor de bijen

Deze week is het onder andere de beurt aan de appelbomen om de bijen van stuifmeel te voorzien.DSC_0034.jpg Ook de wilde kersen bloeien volop terwijl de knotwilgen nog steeds bloemen.DSC_0039.jpg

Maar natuurlijk doe ik meer. Twee percelen die onlangs zijn omgeploegd, waren klaar om in te zaaien. Met de motorfrees ging nog niet wegens de te natte bodem. Ik heb met de oude sleepeg van mijn grootvader het stuk geëgaliseerd en dan ingezaaid. Met een kleine handfrees heb ik hierna het zaad ingewerkt.DSC_0031.jpg Een kleine twee uurtjes werk in de blakende zon. Gebruind en voldaan.DSC_0032.jpg

Een mengsel van veldbloemen  en nectarbloemen op een perceel. Het andere heb ik nogmaals in twee verdeeld en witte klaver en luzerne ingezaaid.

Wekelijke controle bijenvolken

Vanaf half april kijk ik graag wekelijks de volken even na. Even wat rook blazen door het varroagaas en even later het dak opzij zetten. Hierop plaats ik dan de honingbakken en geef nog wat rook over het moerrooster alvorens dit ook te verwijderen. Ik hang mijn ramenrekje aan de broedbak en haal  het darrenraam uit. Is dit voldoende verzegeld, wordt het uitgesneden. DSCPDC_0003_BURST20180420133005231_COVER.jpgIk haal hierna het raam naast dit darrenraam uit en plaats het darrenraaam terug. Ik heb nu een open plek naast het darrenraam, waar ik de verdere ramen na controle kan in hangen. Het eerste raam met werksterbroed dat ondertussen naast de broedbak op het rekje hangt, wordt terug ingehangen op de laatste opening die ik heb gecontroleerd. Soms controleer ik slechts twee broedramen en soms allemaal.

Alvorens iets te beslissen of uit te voeren, kijk ik eerst of er nog eitjes te vinden zijn. Hierna kijk ik naar de speeldopjes. DSC_0020.jpgAls ik op de eerste twee ramen een dop vind met een eitje of een gepoetste bodem, zal ik elk raam nakijken om alle doppen te vernietigen. Kom ik de moer tegen, dan zet ik haar tijdens de verdere controle even in de afvangpijp op de reeds gecontroleerde ramen. DSC_0022.jpgPas als alle ramen zijn terug gehangen, laat ik ze weer naar beneden kruipen.

Vandaag kwam ik twee moeren tegen van vorige zomer die nog niet waren gemerkt. Ik heb ze dus nog snel even een gele stip op haar borst gezet en een vleugel geknipt. Ik vond in drie volken al met eitjes belegde zwermdoppen en in elk volk liepen al wat darren op de ramen. Volgende week plan ik dus het maken van een broedaflegger van elk volk.

Vandaag heb ik ook de vliegopening over de hele breedte opengezet. Thuiskomende bijen moeten nu vlot binnen kunnen om hun lading te lossen en weer te vertrekken. DSC_0026.jpg

Bij het afzetten van de honingbak bekijk ik natuurlijk even de buitenste ramen. Aan beide zijden hingen bij de start drie waswafels en als ze bijna zijn uitgewerkt, dient het volk een tweede honingbak te krijgen. In sommige volken was zelfs het buitenste al volledig uitgewerkt en bijna volgedragen. DSC_0025.jpg

Daar heb ik toch ook even een raam uit het midden bekeken:DSC_0024.jpg

De volken hebben dus nu allemaal een tweede honingbak bijgekregen, onder de eerste. Ze zijn nu klaar voor de appelbloesems volgende week.DSC_0029.jpg

Een hete dag in april…

DSC_0012.jpg

Gisteren was het zo warm dat de bijen er voor kozen om een baard te vormen aan de vliegplank. Zeldzaam in april, maar het was dan ook  30 °C in de Kempische zon. Ik kan de bijen geen ongelijk geven want ik heb gisteren hetzelfde beleefd. Anderhalf uur aangeschoven bij de autokeuring op een betonplein terwijl de thermometer in de wagen 35°C aangaf. Ik hing zelf ook meer uit de wagen dan er in. Het valt me bij warmte-baardvorming  wel telkens op dat het steeds de donkergroen geverfde kasten zijn die hier het meest last van hebben. Maar elke nadeel heeft ook hier weer een voordeel: in het vroege voorjaar is een donkere kast ook sneller opgewarmd. Dit weekend gaan de vliegspleten in elk geval over de ganse lengte open. De latjes met rooster worden dan onder het dak bewaard tot september bij het inwinteren.

Raampjes bedraden

Omstreeks einde april maak ik elk jaar een broedaflegger van elk volk. Uit elk volk neem ik een raam broed of een tweede als het volk te groot wordt. Ook een raam met voer en stuifmeel wordt weggenomen. Deze twee of drie ramen worden vervangen door verse waswafels. De uitgehaalde ramen worden afgeveegd om zeker de moer niet mee te nemen. Ik plaats ze dan  in een nieuwe broedbak boven de honingbak om voldoende broedverzorgende bijen naar boven te lokken. Deze broedbak bevat het voerraam, daarnaast één of twee ramen broed en daarnaast een waswafel en het geheel afgesloten met een sluitblok. Een uurtje later kan ik de bak op een eigen bodem en met een eigen dak verplaatsen naar een andere stand waar ze ook nog een 1:1 suikeroplossing krijgen.

Om hiermee te beginnen heb ik dus voldoende verse waswafels nodig. Twee of drie voor de productievolken en één voor de broedaflegger. Hiermee ben ik nu dus bezig. Elk raam wordt voorzien van koperen oogjes en een nieuwe RVS draad.

De waswafels smelt ik pas volgende week in. Dit doe ik echt pas de laatste dagen voor ik ze ga gebruiken.

Oxaalzuur vernevelapparaat

Onlangs heb ik via een gezamenlijke aankoop van de imkervereniging een nieuw toestel aangeschaft om oxaalzuur te vernevelen. Vernevelen en niet sublimeren. Het toestel was me niet bekend, maar ik heb het aangeschaft om het eens te bestuderen. Van horen zeggen, leert men immers niet zo veel. De RuBee Ox Vernebler 2.0 om oxaalzuur tot 4% te vernevelen in een bijenkast. Gedurende 3-4 minuten wordt 20 ml oplossing in de kast verneveld bij een stroomverbruik van slechts 25 Watt. Klinkt allemaal te mooi om waar te zijn, toch?

Het toestel wordt gevuld met een oxaalzuuroplossing van 3,5% in 1 L gedemineraliseerd water, zonder suiker. Ik heb het voorlopig getest met zuiver water. De droogloopbescherming van het membraan vraagt echter 100 ml vloeistof. Ik moest dus eigenlijk al 120 ml maken om een kast te behandelen. Om die 20 ml te vernevelen, had het toestel echter 5 minuten en 30 seconden nodig. Die kleine hoeveelheden heb ik rechtstreeks op het membraan aangebracht, want het reservoir werkte niet met die kleine volumes. Het restant kan natuurlijk na behandeling van alle volken weer worden terug gegoten in uw recipiënt. Zeer interessant is het lage stroomverbruik dat met een omvormer makkelijk uit een autoaccu is te halen op afgelegen standen. Het eerste dat me opviel, was dat de nevel zeer koud aanvoelde. Dit natuurlijk in tegenstelling tot sublimeren. Als ik het water op 30°C bracht, had de nevel een temperatuur van 24°C. Ik heb dan het toestel gevuld met water van 20°C en de nevel had dan een temperatuur van 22°C. De werking van het membraan zal dus ook wel wat warmte genereren. Of een winterbehandeling met een nevel van ca. 20 °C beter of slechter is dan de warmte van sublimeren of warme oplossing van 35°C druppelen laat ik in het midden. Maar de hoeveelheid oxaalzuur die met dit toestel in het volk terechtkomt is een ander paar mouwen.

Hiervoor ging ik even zoeken op het internet. Hierbij kwamen enkele zaken naar voor.

Ten eerste wordt voor de meeste kasten een hoeveelheid oxaalzuur verwacht van 1 à 2 gr. Dit is natuurlijk afhankelijk van de kastgrootte. In ons klimaat druppelen we een liter van 3.5% over 20 kasten. 35 g in 20 volken is 1,75 g op de wintertros. Weliswaar in een groot volk dat 50 ml krijgt gedruppeld. Met de sublimatie gebruikt men 1 g per broedbak Duits Normaal. Zelf gebruik ik om te sublimeren 1,7 g in mijn Kempische kasten. Om te vernevelen tijdens de zomer met een 3 % oplossing in water, haalt men de ramen een voor een uit en besproeit elke kant met 2 à 4 ml. Dus 0.12 tot 0.18 g oxaalzuur per raam. Op 7 ramen met bijen tijdens de winter zou men dus 0,84 tot 1,26 g oxaalzuur benutten. Dus weer ongeveer een gram per broedbak.

Hoe presteert het verneveltoestel?  Het zou 20 ml benodigen per volk van een 3,5 % oplossing in water. Deze 20 ml bevat 0,7 g en dus duidelijk lager dan andere hoeveelheden. Als ik dan rekening hou met de tijdsduur van 5’30”, levert het toestel ongeveer 0,175 g oxaalzuur per minuut. Dat is de hoeveelheid die we normaal vernevelen per raam. Per raam zou ik dus 1 minuut dienen te vernevelen om dezelfde hoeveelheid oxaalzuur in het volk te brengen. Ons wintervolk op 7 ramen heeft hier wel 7 minuten voor nodig. En dat terwijl de koude nevel over de tros stroomt. U mag zelf vergelijken met de warme luchtstroom van 3 minuten sublimeren of de zoete oplossing van een aangename 35 °C gedurende 30 seconden.

Wat moest ik hiervan denken? Verder zoeken dan maar. In het Schweizerische Bienen-Zeitung van april 2010 is een artikel verschenen over een verneveltoestel. Men heeft een test gedaan met verneveld oxaalzuur en daarna de volken nogmaals behandelt met de bekende varroxmethode. Men ging ervan uit dat men met de varrox bijna 100% mijten afdoodt. Na de beide behandelingen zou dus zeker 100% zijn afgedood. De hoeveelheid mijten die na de verneveling al vielen, geeft dus een goede indicatie over de werking. Met 5% OZ haalde men na 5 minuten een effect van slechts 57,3%. In een Dadantkast behaalde men slechts met 10% OZ een effect van 86,3 % na 4 minuten. Dit waren behandelingen door het vlieggat. Later heeft men dit geprobeerd langs boven en toen bereikte men wel een effect van 90%. Weliswaar met 10% OZ na 3-4 minuten. Mijn RuBee vernevelaar kan echter slechts worden gebruikt met oplossingen van maximaal 5%.

Is het oxaalzuur effectiever als het in zeer fijne druppels wordt verneveld? Het toestel lijkt als twee druppels water op een vernevelingstoestel voor terraria. De zeer fijne druppels mist zijn vergelijkbaar met een aerosoltoestel. Deze kleine druppels dringen dus veel dieper door in de luchtwegen. Gesublimeerd oxaalzuur beschadigd de slijmvliezen en daarom zijn serieuze aangezichtsfilters nodig. Maar het inademen van deze mist lijkt me minstens even gevaarlijk. Vermoedelijk nog gevaarlijker.

Ik ga het toestel niet gebruiken voor de winterbehandelingen. Tijdens de zomer kan het ook niet dienen. Een zwerm in een emmer is veel sneller verneveld met een plantenspuit. Ook de verneveling van enkele ramen in broedafleggers gaat vele malen sneller en eenvoudiger met een plantenspuit.

Verneveltoestel voor oxaalzuur: Te gevaarlijk, te omslachtig en vermoedelijk niet efficiënt. In deze volgorde.