DIY generator voor harpen

Let wel even op: het betreft hier elektriciteit en als je niet zeker bent, vraag je best hulp aan iemand die hier verstand van heeft.

Om te beginnen zoeken we alles samen om onze generator op te bouwen. We kopen een opbouw-elektriciteitsdoos voor buitengebruik. Ze moet natuurlijk waterdicht zijn. De rest bestellen we bijvoorbeeld bij AliExpress. We beginnen met een diode voor 12V.

Kies wel de diode voor 12V!

Deze gaat ervoor zorgen dat we geen componenten kapot maken als we per ongeluk de polariteit omwisselen. Een diode laat namelijk maar in één richting stroom door: van + naar – en niet andersom. En bij gelijkstroom zoals in dit geval is het namelijk belangrijk in welke richting de stroom vloeit. De stroom komt van + en stroomt naar -. Hij gaat een component binnen langs de + en verlaat de component langs de -. De diode heeft aan haar – zijde een streep. Deze streep komt aan de buitenkant want daar komt de stroom naar buiten. Mocht je ze verkeerd aansluiten, werkt de rest niet, maar geen probleem, je kan ze dan nog omdraaien.

Knip de uiteinden wel even op lengte.

De voedingskabel die naar onze generator komt, is een 12V draad. Deze komt van een batterij. En die batterij kan dan natuurlijk nog worden gevoed door een zonnepaneel. De negatieve draad van onze voedingskabel gaat via de diode naar de lichtschakelaar.

Kies ook hier weer voor de versie 12V.

Om het gemakkelijk te maken, kunnen we alle verbindingen maken met kroontjes of lusterklemmen maar we kunnen natuurlijk ook solderen.

De positieve draad van de voedingskabel bevestigen we in de positieve aansluiting en we lussen dan een tweede draadje door naar de positieve uitgang aan de andere kant van het plaatje. De – draad lussen we dadelijk verder naar de omvormer. Er zijn nu twee contactpunten om met de + verder te gaan naar de omvormer. Langs boven werkt de schakelaar tijdens de dag en langs onder tijdens de nacht. Wij wensen dat hij alleen tijdens de dag stroom levert aan onze harp. Mocht je dit verkeerd doen, moet je het andere contactje gebruiken. Het kaartje is eigenlijk een schakelaar op de + draad die de stroom doorlaat bij licht of bij duisternis, afhankelijk van welke uitgang je gebruikt.

Om stroom te voorzien bij daglicht gebruik ik dus het bovenste contactpunt.

De omvormer moeten we eerst nog even naar 3,7 V regelen.

Bij aanschaf staat de ingang op hetzelfde voltage als de uitgang. Met het kleine knopje rechtsonder kunnen we kiezen om met de display de ingang af te lezen ofwel de uitgang.

We zetten hem op uitgang en draaien dan het kleine schroefje bovenaan in tegenwijzerzin tot we ongeveer op 3,7 V uitkomen.

We maken van onze 12 V stroom dus een stroom met 3,7 V. En van daar gaan we verder naar de generator die deze 3,7 V kan omzetten naar 1800 V. Je regelt dus de omvormer zo dat hij het voltage levert waarmee de generator werkt.

Langs de kant van de felrode condensator bevindt zich de uitgang. De ingang heeft een rode (+) en een zwarte (-) draad.

De dunne draadjes van de uitgang, wit en blauw, verbind ik wel naar een dikkere draad en isoleer deze met een krimpkousje of eventueel isolatietape. De dikkere draad beschermt beter tegen doorslaan bij deze hoge voltages.

We moeten deze korte draadjes ook kunnen verbinden met de draden van onze harp. En we zorgen er zelfs voor dat de twee draden voldoende ver van elkaar blijven om geen vonk te geven of door te slaan naar elkaar toe. We gebruiken dus twee losse draden en komen ook apart uit de contactdoos.

Onze opbouwdoos voorzien we eerst nog van een opening waar één van de bijgeleverde dekseltjes juist in past. Deze dekseltjes zijn eigenlijk bijgeleverd om inwendig de bevestigingsschroeven af te dekken.

Maar ze zijn lichtdoorlatend, wat we nodig hebben voor onze lichtschakelaar.

Aan één kant van deze doos komen we met onze 12 V naar binnen en we gaan tegenoverliggend naar buiten met onze 1800 V. En dus liefst apart van elkaar, door een andere opening.

Alle componenten worden nu met een lijmpistool vastgezet en de kabeldoorvoeren worden ook met deze lijm dicht gesmolten.

De lichtsensor wordt eveneens met de lijm tegen het venstertje gekleefd.

Het resultaat:

***Nog een zeer belangrijk detail om nooit te vergeten! Als er stroom stond op de installatie, houdt de rode condensator nog even de 1800V stroom vast. Zelfs als je de stroom uitzet, kan de generator dus nog een schok geven. Na uitzetten van de stroom dien je even een contact te maken om de condensator te ontladen. Ook later als de harp is geïnstalleerd, kan deze nog een schok geven bij aanraking, als de stroom nog maar pas is uitgezet. Pas hier dus mee op!!!

Vermeld aan de harpen ook duidelijk dat er een gevaarlijke spanning opstaat. Dieren kunnen niet lezen, maar rondneuzende onbevoegden worden toch best gewaarschuwd.

De beste wensen voor 2026!

Ook dit jaar maak ik weer foto’s van de bloeiende planten aan de bijenstand. En soms kan ik beelden van de wildcamera’s tonen. De bijen en de moestuin worden natuurlijk ook voortdurend opgevolgd. Laat ons beginnen met de eerste bloemen van het jaar of de laatste van vorig jaar. Alhoewel de bijen er nu weinig aan hebben, geeft het toch een warm gevoel als je ze even van dichtbij bekijkt. En de wildcamera’s geven soms leuke verrassingen.

De sneeuwbal Viburnum x bodnantense is een echte winterbloeier met een zeer lekkere geur.
De toverhazelaar of Hamamelis kan echt betoverend uit de schaduw treden. Ik heb hier een rode variëteit aangeplant.
Nog niet echt in bloei maar de mannelijke katjes van de hazelaar zwellen toch al serieus op.
Deze zeer bleke variëteit van de buizerd komt hier al jaren, maar ik zie hem nooit samen met het bruine koppel dat hier ook rondhangt. Deze lijkt wel een eenzaat.
Ik zie minder reeën dan enkele jaren geleden, maar er zijn nog enkele hindes en een bok. Tijdens de zomer waren er ook jongen.

Nieuwe literatuur voor donkere dagen.

Het honingboek zou zeer informatief zijn over honing over gans de wereld. Dat ga ik zeer binnenkort lezen maar het boek over de hoornaar trok mijn aandacht toch nog iets meer. Ik vind het vooral intrigerend dat in 2025 een Engels boek wordt gepubliceerd dat de Britse imkers alle bekende truken uit Frankrijk en Spanje moet bijbrengen vooraleer de hoornaar bij hun ook een probleem wordt. En dat terwijl men in België nog steeds in het duister tast. Elke imker, elke vereniging is wel op zoek naar oplossingen. Maar zoals de schrijver stelt: het wiel moet niet steeds opnieuw worden uitgevonden. Daarom dit boek. Ik begin er nu direct aan.

Varroamijten op de bodemschuif

December en we hebben de vrije varroaval genoteerd van alle volken. Dit wil zeggen dat we de bodemschuif hebben zuiver gemaakt en 4 dagen later het aantal gevallen mijten hebben geteld. We weten nu dus hoeveel mijten er per dag vallen. Zijn er dat minder dan 1 per dag zou een winterbehandeling eigenlijk niet nodig zijn en zijn het er meer dan 2 is er absoluut wel een winterbehandeling nodig. De mijten die zijn gevallen, de vrije mijtenval dus, zijn de mijten die op de bijen zaten en door ouderdom of door poetsgedrag van de bijen naar beneden vallen. Men noemt dit vaak de phoretische mijten.

Maar een phoretisch organisme hecht zich slechts vast aan een ander organisme om zich te kunnen verplaatsen. En de varroamijt die op een bij zit, voedt zich op die bij. Eigenlijk zijn ze dus niet phoretisch. Het is eerder een fase in hun leven tussen twee voortplantingsperiodes in. Want ze heeft vermoedelijk die voeding nodig alvorens in een volgende broedcel te kruipen en daar eitjes te kunnen leggen. Ze kan dit 2-3 keer alvorens te sterven. Deze voedingsperiode op de bij duurt 4 tot 11 dagen als er broed is in het nest. Een reproductieve mijt kan zo 1 tot 2 maanden leven alvorens te sterven. Maar een niet-reproductieve mijt kan in de winter wel 3 maanden of langer leven en bijgevolg de winter samen met de bijen overleven. Een winterbehandeling is dus wel degelijk nodig en geen extraatje zoals vaak vermeld.

Na deze winterbehandeling tellen we na 4 dagen nogmaals het aantal gevallen mijten. Dit geeft dan het resultaat weer van de behandeling die liefst ruim boven de 90% effectief is. Wat wil zeggen dat er minder dan 10% van de mijten achterblijven in het volk.

Dit voorbeeld uit 2016 laat het resultaat zien van een behandeling met oxaalzuur.

Die donkerbruine ovale stipjes zijn de vrouwelijke mijten die dus ook een leven hebben buiten de broedcellen. Vinden we witte mijten die tevens iets kleiner zijn, betreft het mannelijke of onvolwassen vrouwelijke exemplaren die niet buiten de broedcel kunnen leven. Vermits de bijen nu broedloos zouden zijn en oxaalzuur niet werkt in de broedcel, zouden we deze witte exemplaren nu niet mogen vinden.

December 2025

We zijn bijna half december en de temperaturen zijn abnormaal hoog. Nog steeds vlot 10 graden halend en volgens de voorspellingen nog zeker 10 dagen. De bijen waren hier in het verleden steeds broedloos in december. De koningin stopt meestal met leggen als het volk op wintertros gaat. En ze gaan op tros als de temperaturen onder 5 graden liggen. Daarom hebben we steeds uitgekeken naar de eerste vrieskou in november om zeker te zijn dat ze dan drie weken later zonder broed zijn. Meestal kon ik dan behandelen rond sinterklaas of beter gezegd rond sint Ambrosius. Meestal is het dan minder dan 5 graden. De bijen zitten dan op tros en men kan door bedruppeling met oxaalzuur goede resultaten behalen.

De situatie is de voorbije jaren echter duchtig veranderd. Met temperaturen rond 10 graden is er geen wintertros. Gisteren vlogen de bijen zelfs even buiten. In november hebben we echter wel een koude week kunnen noteren en er is dus een kans dat ze toch broedloos zijn. Behandelen met oxaalzuur is dus zeker aan de orde. Alleen zitten de bijen niet op tros en bijgevolg werkt bedruppelen met oxaalzuur niet goed genoeg. Boven 5 graden wordt altijd aangeraden om te verdampen. Alleen is dat in België blijkbaar nog altijd een probleem. Of varroa nu verplicht moet worden bestreden of niet, is niet de kwestie. Elke dierenhouder heeft tenminste de morele plicht om zijn dieren gezond proberen te houden. En dat geldt dus even goed voor een imker.

De kasten die op dit moment leeg zijn, door virusbesmettingen, varroa, hoornaars of gelijk welke andere oorzaak, worden best direct opgeruimd. Ze laten staan, trekt alleen maar andere vuiligheid aan. Selecteren van ramen met voer of mooie ramen bewaren, om ze later aan andere volken te geven, doe ik nooit. Om elk risico op een kruisbesmetting te voorkomen, smelt ik alle ramen dadelijk uit. Deze week vond ik zo een lege kast bij het opleggen van voederdeeg. Het was een aflegger die veel last heeft gehad van de hoornaars en bijgevolg steeds kleiner werd. Verenigen van een zwak volk met een gezond volk doe ik uit principe ook nooit. Ik beschouw dit als een vorm van selectie. De broedbak en de onderstaande honingbak levert me nu tenminste nog een behoorlijke hoeveelheid was op om nieuwe waswafels te maken.

Bemerk boven op de toplatten de wasmotlarven. Ze zijn klaar om binnen enkele weken de ganse bak met wasramen te vernielen.
Er gaan 24 ramen in mijn stoomwassmelter: een volle broedbak en honingbak tegelijk.
Het resultaat aan was. Toch iets teveel om aan de wasmotten te geven.

Zelf maken van een selectieve hoornaarval

youtube.com/watch

Voor 5 euro maak je heel snel zelf een selectieve hoornaarval die je in februari kan plaatsen op allerlei locaties om de overwinterde koninginnen weg te vangen. Als lokvloeistof maak ik een mengsel met witte wijn, bier en grenadine. Vaak doe ik er ook wat honing bij. Naast de alcohol kan ook wat appelazijn worden gebruikt om bijen uit de val te weren. Wel dagelijks controleren in het voorjaar om eventuele bijvangst toch te verwijderen. Als je het bakje een paar minuten in een vriezer stopt, liggen alle gevangen insecten roerloos op de bodem. Je kan dan de hoornaars pletten en de andere insecten vliegen na korte tijd weer weg als ze wat zijn opgewarmd.

Varroaval controleren

Vandaag heb ik de varroaval genoteerd na 5 dagen. De meeste volken hebben 1 tot 3 mijten op de bodem liggen en komen dus ruim onder een mijtenval van 1 per dag. Twee kasten hadden 12 mijten en bijgevolg meer dan twee per dag. Deze moeten absoluut worden behandeld. Maar ik behandel al mijn volken tegelijk. En dat zal rond 14 december zijn met oxaalzuur. Wat me wel opviel was dat alle volken al bovenaan zaten. Dit is wellicht te wijten aan de hoornaarinvasie waardoor ze te weinig najaarsdracht hebben binnengehaald.

De volgende week wordt het iets warmer en dat lijkt me dan een goed moment om ze al een pak deeg op te leggen. Vroeger deed ik dat pas na nieuwjaar als ze bovenaan zaten maar dat is dit jaar duidelijk vroeger.

De hoornaarharpen heb ik vandaag ook terug binnengehaald. De muilkorven laat ik nog ter plaatse. Deze helpen namelijk ook tegen andere warmtezoekers zoals muizen. Tijdens de oxaalbehandeling zal ik deze wel wegnemen.

Ik had nog twee volken bij een kennis staan en deze hadden geen plastiek maar een gesloten plank onder het deksel. Met de warmtebeeldcamera kan ik ook de aanwezigheid van een bijentros waarnemen. De bak waarin zich een tros bevind is namelijk warmer.

De twee volken die ik vandaag zo controleerde.
Een beeld van een paar weken geleden.

1 november 2025

De volgende twee maanden mag de Ouessantram weer bij zijn harem. Die is dit jaar wel wat kleiner dan vorig jaar. Slechts 4 ooien heb ik behouden. Maar dat zal voor hem de pret niet drukken.

De hoornaars blijven nog massaal aanwezig maar de nieuwe muilkorf blijkt te werken. Zie hier het eerste prototype.

De moestuin is op dit moment nog zeker niet leeg, maar het aardappelveld voor volgend jaar is nu ook geploegd. Hier stonden dit jaar zonnebloemen en pompoenen.

Stormweer

Om schade door de storm Benjamin te voorkomen, heb ik daarstraks de hoornaartenten afgebroken. Ze zouden toch maar gaan vliegen en misschien zelfs de kasten omtrekken. De doeken worden nu uitgewassen en veilig opgeborgen tot volgend jaar. Resultaat was zeer goed. Elke hoornaar die je voor de kast kan vangen, zelfs met een bijtje tussen zijn kaken, gaat niet terug naar het nest en komt ook geen tweede keer meer langs. Ik schat het resultaat beter in dan de hoornaarharpen. Maar de laatste hoornaar is nog niet weg en dus hang ik morgen wel de muilkorven terug.

Alle hoornaars die ik uit de vallen van de tenten heb geschud.
Dit wordt de nieuwe muilkorf voor volgend jaar.

Ik heb al een voorbeeld van de nieuwe muilkorf gemaakt en de volgende dag had ik al twee hoornaars in de bovenliggende val. De maten pas ik wel aan voor mijn Kempische kasten. Het eerste model muilkorven had geen geïntegreerde val maar werkt met zijn 6mm gaas wel prima. Het tweede model met 8mm gaas had vallen langs de zijkanten en daar kwamen veel te weinig hoornaars in terecht. De val moet blijkbaar bovenaan zitten vermits een succesvolle hoornaar langs boven wegvliegt en dan zo in de val terechtkomt. Dit nieuwe derde type heeft geen gaas meer voor het brede vlieggat. De hoornaar kan dus mee op de vliegplank maar komt dan in de bovenste val terecht. Ik had dit type al eens gezien in een YouTube filmpje maar dan compleet gemaakt met gaas. De imker uit dit filmpje heeft zijn muilkorf gemaakt met hout en moerroosters. Vermits het vlieggat open blijft, is er ook nooit een belemmering voor een zwerm, darren of de koningin. Deze muilkorf zou het ganse jaar voor de kast kunnen blijven.