Revalidatie

Terug gezond worden. Daar zijn we momenteel vooral op gefocust. Na mijn heupprothese vorige woensdag zal het even wat rustiger worden. De bijen hebben de volgende weken toch niet veel aandacht nodig. Ze hebben reeds allemaal een darrenraam en een honingzolder gekregen. Zwermneiging gebeurt pas als de bijen te weinig ruimte hebben. Hieraan is alvast verholpen met de eerste honingzolder. Een tweede voorwaarde is dat er al volgroeide darren aanwezig zijn. En vermits ik vorige week nog maar in 1 volk een paar cellen met open darrenbroed vond, heb ik nog zeker 30 dagen alvorens ik de volgende volkscontrole hoef te doen. En dan zijn we half april.

Ook in de moestuin kan het nog wel even wat rustiger. Na de tuinbonen, spinazie, erwten, uien en sjalotten kan de rest ook nog wat wachten. De buitenrollator staat in elk geval al klaar. Al zal hij de eerste dagen hoofdzakelijk dienen om me naar de revalidatie te begeven.

Lenteweertje

De eerste wilgenkatjes bloeien. De bijen vliegen af en aan met stuifmeel, water en de eerste nectar.

Eerste wilgenbloei bij de platte wilg.
Ook de eerste boswilgkatjes opgemerkt.
De eerste honingzolders zijn geplaatst.
Het eerste bloemetje van het speenkruid (Ficaria verna)
Veldkers (Cardamine)
Paarse dovenetel (Lamium purpureum)
Sterhyacint (Scilla)
Narcissen (Narcissus)

Het zal nu de volgende weken alleen maar sneller en sneller gaan.

Terrasjesweer

Eindelijk terrasjesweer deze week. Als imker heb ik het dan niet over de vele mensen die nu weer buiten komen. Ik bedoel dat ook de bijen nu volop buitenkomen om van de eerste zonnestralen te genieten. Ook voor hun is het terrasjesweer. Schuchter komen ze buiten tot ze het ideale ‘terras’ hebben gevonden. Een slokje water, een druppel nectar in een krokus of lenteklokje, maar vooral veel stuifmeel van de hazelaar en de els. Stuifmeel dat het kleine grut zo hard nodig heeft. Want moeder-koningin is thuisgebleven. Die doet nu niks anders meer dan eitjes leggen terwijl een massa nanny’s nodig zijn om haar beginnend broed te voeden en warm te houden. Ook deze werksters blijven binnen in het beginnend broednest. Want werksters zijn het. De koningin voeren. Haar voortdurend volgen en zorgen dat ze propere cellen te zien krijgt, waarin ze haar eitjes kan deponeren. Na vier dagen terug komen bij die cellen en de pas geboren larfjes voeren. En ondertussen het water, stuifmeel en nectar van de buitenvliegers in ontvangst nemen en gebruiken of stockeren. Stockeren in zuiver gepoetste cellen. Wie zou het gelukkigst zijn? De binnenblijvers die nog een half leven voor de boeg hebben of de terrashoppers die rondvliegen in het zachte voorjaarszonnetje maar misschien wel weten dat ze aan hun laatste weken bezig zijn. Gelukkig is het bijenvolk zeer goed georganiseerd en wordt het werk prima verdeeld. Daarom beschouwen we het bijenvolk ook als één geheel, één organisme. Want terwijl één bij een koudbloedig dier is, is een gans bijenvolk eerder te beschouwen als een warmbloedig organisme.

Ik heb er van geprofiteerd om de bodems van de bijenkasten proper te maken en de onderstaande honingzolders weg te nemen. Onder de broedbak plaats ik tijdens de winter namelijk een honingzolder. Hierdoor zit het volk toch wat hoger en verder weg van het koude vlieggat. Door nu de kast voor een deel te verkleinen, is de warmtehuishouding voor de bijen ook iets gemakkelijker. De gesloten bodemplaat heb ik op een kier geopend om condensatie en schimmel langs de koude kanten te voorkomen. Ook weer minder werk voor de bijtjes. Het kussen met schapenwol, onder het dak, blijft in de kast om de opstijgende warmte van het broednest niet verloren te laten gaan. En elke kast heeft ook nog een half pak voederdeeg op de raten voor de dagen dat ze dat extraatje zouden nodig hebben. Pas vanaf half maart krijgen ze dan die honingzolder terug maar boven op een moerrooster op de broedbak. Want vanaf half maart komt het eerste nectar in grotere hoeveelheden binnen. Rond die periode hangen de wilgen vol katjes en beginnen ook de eerste bloesembomen er aan. Met de sleepruim vaak als eerste.

Stroomvoorziening elektrische harp

Om de elektrische harpen van 12V stroom te voorzien, gebruik ik een autobatterij. Deze kan gemakkelijk een week worden gebruikt alvorens terug op te moeten laden. Maar vorig jaar heb ik op de stand in Gerhagen de batterij aangesloten op een zonnepaneel met mppt-omvormer die de batterij opgeladen houdt.

Dit 200W paneel had ik nog liggen.
In deze box had ik twee accu’s van een scootmobiel geplaatst.
Vermits de generators van vorig jaar nog geen lichtsensor hadden, was in deze box een 12V timer gemonteerd.

Dit systeem werkte zo goed dat ik dit jaar ook op de andere stand met elektrische harpen ga werken. De harpen zijn ondertussen al klaar en nu heb ik ook de rest klaargemaakt. De omvormer en de batterij zijn weer in een kist gemonteerd. Het zonnepaneel wordt later in het seizoen op een rek geschroefd en de kist kan daar dan onder.

Onder het deksel heb ik nu verluchtingsgaten voorzien met insectengaas en verder ook nog een kijkglaasje voor de leds van de omvormer.

Deze tweede box is dus beter bestand tegen nat weer en indringende insecten.

Waswafels gieten van eigen was

Eindelijk ben ik weer begonnen aan het gieten van de waswafels. Elke dag een tweetal uurtjes en telkens een 50-tal wafels kan mijn rechterheup nog wel verdragen. Na drie dagen heb ik nu voldoende broedwafels klaar. Als ik nu nog een tweetal dagen honingraten kan maken, voldoet mijn voorraad weer voor een jaar.

Het waswafeltoestel heb ik in 2011 aangekocht en dit voorjaar zou ik het graag even terugsturen om van nieuwe silicone te voorzien. Het heeft zeer goed dienst gedaan tijdens al die jaren en ik zou niet graag meemaken dat de matten volledig verslijten en doorscheuren tijdens het waswafelen. Tijdens de zomerperiode kan ik het wel voor een langere periode missen. Kostprijs van een herstelling zou 675 euro bedragen. Een nieuw toestel kost momenteel 1500 euro tegenover 800 euro 15 jaar geleden. Maar ongeveer 200 waswafels per jaar geeft dan wel 3000 wafels op 15 jaar. Als het hersteld toestel dan weer 15 jaar meegaat, kost een waswafel eigenlijk 0,225 euro. Ik reken dan wel niet de elektriciteit voor verwarming van de wasketel en het waterpompje. Maar aan 0,3 euro per KWh momenteel komt dat slechts op 1,5 euro voor de jaarlijkse 200 wafels.

Ik geef deze prijzen maar even mee om kritiek voor te blijven, maar het allerbelangrijkste is toch het plezier van het tijdsverdrijf zelf tijdens de winter en de voldoening die je krijgt van je eigen waskringloop.

De bijen in januari

Gisteren hadden we temperaturen boven de 10°C en de bijen hielden dus hun reinigingsvlucht. Eindelijk konden ze zich nog eens ontlasten. Ik heb de kasten toen natuurlijk allemaal gerust gelaten. Op zo’n moment gaan we ze niet extra verstoren.

Maar vandaag was het weer wat kouder (8°C) en geen enkele bij vloog uit. Daarom vond ik het nu wel het moment om de voedervoorraad te controleren. Even het dak en isolatiekussen wegnemen en door het plastic kijken naar het opgelegde pak voederdeeg. Enkele volken hadden al een nieuw pak nodig, maar de meesten hadden nog voldoende voor de volgende 14 dagen.

Terwijl ik dit controleer, check ik ook even de temperatuur in de kast. Ik meet hiervoor de opstijgende warmte tussen de raten. Zodra deze boven de 25°C komt, weet ik zeker dat ze een broednest hebben . In een broednest houden de bijen namelijk een temperatuur aan van ongeveer 35°C. Boven dit nest kan je dan makkelijk deze temperatuurstijging waarnemen. De buitenste ramen geven steeds dezelfde temperatuur weer als buiten de kast, maar meer naar het midden toe waar de bijen zich ophouden is de temperatuur veel hoger. Ik meet dan steeds temperaturen boven de 10°C en zodra er broed is, meet ik waarden rond 25°C. En dat is vaak maar in één enkel straatje (de ruimte tussen twee ramen). In februari is deze temperatuursverhoging dan al boven meerdere straatjes te meten. De temperatuur in de kast geeft op deze manier voldoende informatie en geruststelling zonder de bijen te verstoren.

Deze oude foto is genomen in november 2022 om te controleren of het volk toen broedloos was. Ook dan is een temperatuurmeting interessant.

Winterplanttijd

De winter is het ideale moment voor veel bomen en struiken om te worden aangeplant. Elk jaar probeer ik zo wel iets te verbeteren aan het nectaraanbod voor de bijen. In november heb ik zo bij Natuurpunt weer enkele planten aangekocht. Dit jaar ging ik voor Cornus mas (rode kornoelje), Euonymus europaeus (wilde kardinaalsmuts) en Tilia cordata (winterlinde).

Vandaag ben ik weer wat gaan ophalen. Deze keer gevonden op tweedehands. Heptacodium miconioides (zevenzonenboom) en Tetradium daniellii (bijenboom). Deze bloeien allebei wat later in de zomer en zijn bijgevolg een goede aanvulling in het bijendieet.

Ik heb van elk 10 exemplaren kunnen aanschaffen. De sering op de voorgrond kreeg ik er gratis bij.

Het was vandaag weer een dag met temperaturen boven 10°C en de bijen vlogen mooi uit. En de hazelaars laten nu bij dit droog, zonnig weer ook hun eerste stuifmeel los.

Winterrust voor de imker?

Als imker laten we onze bijen nog even met rust maar dat wil niet zeggen dat er niks te doen valt. Er moeten misschien nog wat zaken worden besteld en aangekocht. Als rasechte doe-het-zelver is er ook nog het een en ander te doen. De lege bijenkasten zijn zuiver gemaakt en gerepareerd, maar de moerroosters moeten nog worden proper gekrabd. Ik moet ook nog waswafels gieten. Want in 2026 heb ik weer 144 honingramen en 144 broedramen nodig. Daar ga ik volgende week toch eens aan beginnen.

De selectieve hoornaarvallen om vanaf februari de ontwakende koninginnen mee te vangen, zijn al even klaar.

Zo heb ik er 10 gemaakt. Ik plaats er nog een stukje spons in, doordrenkt met de lokvloeistof.

De lokvloeistof maak ik met een liter rode wijn, een liter bier, een liter grenadinesiroop, een pot honing en dat vul ik aan met water tot 10 liter in een siroopbidon. De gele kegeltjes bespuit ik bij elke controle met een beetje Trapit.

De muilkorven die ik plaats in de tweede helft van juli worden dit jaar vervangen door een ander model. Er zit nu een hoornaarval in verwerkt. Het effect heb ik vorig jaar al met één kast geprobeerd en het was ongeveer te vergelijken met de tenten. Ik heb er in elk geval al 12 klaar. Eén voor elke kast.

Ik bezit ook nog de tenten van Apicrosne die zeer effectief bleken te zijn maar wel zeer windgevoelig waren. Ik had er vorig jaar 10 gekocht van hun model 2025 en die hebben zeker heel goed hun werk gedaan. Apicrosne komt in 2026 met een nieuw model waar ik wel benieuwd naar ben. Ze hebben me in elk geval zeer mooi verrast door me voor elke tent die ik had gekocht twee nieuwe valdozen te bezorgen. Een zeer leuke attentie en ik kan er dus nog wel enkele jaren mee verder.

De hoornaarharpen zijn eveneens klaar. De vier die ik vorig jaar gebruikte op de eerste stand heb verbeterd. Het zonnepaneel van 200W met 2 batterijen was wel wat overkill, maar dat materiaal had ik nog liggen. Op de kleine stand met slechts twee volken had ik een stel gekochte harpen met accu en zonnepaneeltje van 50W dat zijn werk ook prima deed. Op de derde stand had ik vorig jaar mijn tenten gebruikt en hiervoor heb ik nu ook vijf harpen gemaakt.

Deze zullen ook worden gevoed door een 12V batterij met zonnepaneel. Hiervoor heb ik gekozen voor een pakket dat eenvoudig kan worden geplaatst op een tuinhuis of camper. Het zonnepaneel van 180W met alle kabels en benodigde MPPT heb ik vandaag aangekregen. De 12V batterij heb ik nog liggen. Ik zal de installatie wel voorbereiden maar voor de plaatsing heb ik nog wel even de tijd. Eerst staat mijn heupprothese in maart en daaropvolgende revalidatie nog op het programma.