Wilgenkatjes

Momenteel zijn de wilgenkatjes volop in bloei.

De vroegste aan mijn bijenstand is de platte wilg of Salix udensis ‘Sekka’. Veel mensen kennen de platte gekrulde takken voor het bloemschikken.
De boswilg of waterwilg is de best bekende katjeswilg in deze streek. De Salix caprea. De mannelijke boom heeft de bekende gele katjes. De gele donshaartjes geven het stuifmeel.
De vrouwelijke boswilg heeft groene katjes. Deze produceren geen stuifmeel maar wel veel nectar.
Nog een goede soort voor de bijen is de doorbloeiende amandelwilg. De Salix triandra ‘Semperflorens’. Deze boom levert bloesems van het voorjaar tot in oktober.

Maart is zaaitijd

Momenteel kan er wel wat buiten worden gezaaid, zoals tuinbonen en erwten, maar de tijd om voor te zaaien in zaaibakjes is zeker aangebroken. Sla, rode kool, broccoli, koolrabi, knolvenkel, knolselder, groene selder, prei is al gezaaid in het begin van de maand. Deze bakjes staan momenteel in een koude veranda.

Door deze groenten voor te zaaien, kan ik steviger plantjes buiten zetten binnen enkele weken en win ik zo toch wat tijd. Vorige week heb ik ook de paprika voorgezaaid maar deze staan binnen boven de verwarming.

En vandaag is dan de tijd aangebroken om tomaten voor te zaaien. Ook deze blijven binnen boven de verwarming staan. Zodra de plantjes zijn gekiemd, komen ze op de vensterbank in de veranda. Warm met veel licht. Uitplanten kan ongeveer half april in aparte potjes om ze na de ijsheiligen buiten te zetten in de serre.

Aan de bijenstand heb ik een stukje klaargemaakt om volgende week het bloemenmengsel voor de bijen in te zaaien. De stukjes voor de pompoenen en de aardappelen zijn ondertussen ook gefreesd en liggen klaar. Het is de bedoeling dat eventueel onkruidzaad eerst nog kan ontkiemen waardoor ik dit kan verwijderen alvorens te planten.

Water voor de bijen

In het vroege voorjaar profiteren de bijen vaak van een mooie dag om even uit de kast te komen. Nectar is buiten nog maar zeer weinig te vinden, Stuifmeel van de windbestuivers al wat meer. Denk maar aan de hazelaar en de els. Maar misschien nog veel belangrijker is het halen van water. En omdat het nog zo koud is, vanmorgen 6 graden in het zonnetje, moet die waterbron zich zeer dicht bij de kasten bevinden. Het filmpje hieronder heb ik vanmorgen gemaakt.

1 maart 2025

Vandaag was het 6 graden en droog. Volgend weekend pas voorspelt men temperaturen boven 15 graden. Maar het zal weer maar voor een tweetal dagen zijn. Ik ga ook op dat moment mijn bijenvolken nog gerust laten. Die paar dagen dat ze kunnen profiteren van het mooie weer ga ik hun woning niet herinrichten. Ze hebben elk beetje warmte nodig in het vroege voorjaar. Pas als de voorspellingen voor de tweede helft van maart mooie temperaturen geven krijgt elk volk zijn honingbak en haal ik een eventueel overmaat aan voederramen weg. Het bijenvolk haalt nu vooral stuifmeel en water terwijl ze zeer veel wintervoer verbruiken. Op die manier komt er vanzelf al wel ruimte voor het groeiend broednest. Nog even geduld dus.

Aan de bijenstand in Gerhagen waren in het najaar dagelijks tientallen hoornaars actief voor de 12 kasten. Ze hebben de winter alle 12 mooi overleefd. De bijenstand in het broek tussen Deurne en Paal met 4 kasten heeft er 1 verloren. Daar zijn slechts enkele hoornaars gezien. De bijenstand aan het Waterbroek met 10 volken heeft er ook 1 verloren. En ook daar heb ik slechts occasioneel een hoornaar gespot. De 24 overlevers produceren allemaal al warmte onder het dekplastiek en hebben dus broed. Mijn overwintering dit jaar is 7,7% wat ik als gezond normaal beschouw.

De rust die er voorlopig nog heerst bij de bijen is al wel verdwenen in de moestuin. De doornatte grond heb ik toch maar omgespit om beter te kunnen drogen en vandaag heb ik de nieuwe tuinbedden aangelegd.

Zachter weer verwacht

De volgende week gaan de temperaturen omhoog. Een ganse week boven 10 graden en geen nachtvorst meer. Dan is nu het moment gekomen om de selectieve hoornaarvallen te plaatsen. De overwinterde koninginnen worden actief en gaan op zoek naar een plekje om hun eerste nestje op te starten. Ergens in een houtkant, een houtstapel of in een oud stalletje of tuinhuis. Het kan echt overal. Als het zoals nu vrij vroeg zacht weer wordt, zijn ze er al snel. Mocht het binnen enkele weken dan nog eens serieus vriezen, zouden die primaire nestjes wel eens kunnen afsterven. Maar daar kunnen of willen we niet op hopen. Daarom proberen we zo veel mogelijk koninginnen te vangen. Elke gevangen koningin in het voorjaar is een nest minder in de zomer.

Ik gebruik als lokmiddel wijn, sinaasappelsap, limonadesiroop en een pot honing, aangevuld tot 10 liter met water.
Het lokmiddel trapit gebruik ik als spray op de ingang van de vallen.
Een val bovenop de houtstapel.
Bovenop de reservekasten
Vlak bij de serre

En verder nog overal in en naast alle koterijen die Vlaanderen rijk zijn. Elke week moeten ze worden gecontroleerd en bijgevuld.