De vriesdagen zijn nu weer voorbij en de volgende dagen blijft de temperatuur tussen de 5 en 10 graden. De bijen zitten weliswaar nog op tros maar ze kunnen zich toch al wat losser door de kast bewegen. Tijd om nog eens even langs te gaan. Slechts een paar volken zaten boven tegen het plastiek. Dat wil zeggen dat er geen voedervoorraad meer boven de wintertros is. Er is weliswaar nog wel eten in de ramen langs de zijkanten maar daar kan de tros niet aan als het te koud is. Volgende maand en tijdens de warmere dagen zullen ze daar wel terecht kunnen. Om echter de dichte tros nu van eten te voorzien, leg ik een pak voederdeeg op de ramen. Tijdens koude dagen kunnen ze daar terecht en als het warmer is , kunnen ze aan de zijramen terecht. Om de twee weken volg ik de situatie nu op en vervang het pak als het leeg zou zijn. Sommige volken krijgen zo tot half maart regelmatig deeg bij en andere volken gebruiken zelfs deze eerste voorraad niet op. Maar dat is dan niet verloren, want het kan later dienen om de apideabakjes van deeg te voorzien.
Vermits de dagen nu toch al merkbaar meer daglicht geven, zijn de meeste koninginnen al aan de leg gegaan. Om dit kleine broednest centraal in de wintertros zo warm mogelijk te houden, is het belangrijk dat er niet teveel warmte verloren gaat. Ik heb dus nu ook de isolatie onder het dak geplaatst van de kasten. In het verleden heb ik geprobeerd met verschillende isolatiematerialen. Ik begon met pakken krantenpapier. Kranten aan elkaar geniet tot dikke pakken die juist pasten in het deksel. Werkte prima maar eens nat, was het een boeltje om op te ruimen. Daarna werkte ik met lange snippers krantenpapier. Door de lucht die zich hiertussen bevindt, isoleerde het zelfs beter maar het pak snippers was moeilijker op zijn plaats te houden onder het deksel. Het deksel vullen en dan met muggengaas in het deksel nieten, was een optie maar het bleef een extra teveel. Hierna probeerde ik met isolatieplaten uit de bouwsector. Ik sneed ze passend in het deksel en sneed centraal zelfs een holte voor het pak voederdeeg. De bewaring van deze platen als ik ze niet gebruikte in de kasten, bleek een muizenprobleem te veroorzaken.
Maar ook nu bracht de dierenwereld de oplossing. Goede isolatie, lucht doorlatend en bijgevolg ademend om condens tegen te gaan. Veel vocht opnemend zonder te rotten en dit vocht daarna dan ook kunnen afgeven. Mijn schapen hadden de oplossing. Schapenwol. Vermits mijn Ouessanten elk jaar zwarte wol leveren die geen economische waarde blijkt te hebben, had ik elk jaar het probleem om hiervan af te raken. In het deksel van de Kempische kasten is deze wol echter een fantastisch isolatiemateriaal. In het begin had ik wel hetzelfde probleem als met de papiersnippers. Bij controle van het volk bleef dit materiaal niet op zijn plaats in het deksel. De oplossing lag voor de hand met oude kussenslopen. Deze heb ik gevuld met de schapenwol en passen mooi in het deksel van de Kempische kasten. De wol wordt niet aangevreten door muizen bij bewaring maar het is zelfs interessanter om jaarlijks mijn verse wol te gebruiken in plaats van die weg te gooien en de oude wol uit de kussenslopen te verwijderen.
Het plaatsen van de isolatie in het deksel en bijgevolg de aandacht voor warmtebehoud in de bijenkast doe ik dus pas vanaf nu ongeveer. In de maanden november en december is het mijn bedoeling om het volk zo snel mogelijk broedloos te krijgen en op wintertros om zo zo weinig mogelijk wintervoer te verbruiken.Maar vanaf het lengen van de dagen, als het broednest terug begint, is warmteverlies absoluut te vermijden. Heeft het ook nut om de bodem te sluiten? Hier heb ik geen antwoord op. Warmte stijgt en om condens tegen te gaan in de kast zou het misschien beter zijn om de bodem open te laten. In het verleden liet ik ze open en deze winter heb ik de schuiven dicht gedaan. Of er nu een condensprobleem optreedt in de kasten zal ik nog moeten afwachten. Maar vòòr de varroabodems, waren ze altijd dicht en ook in een holle boom is er geen open bodem. Gesloten bodem dus maar wel een gaasbodem met uitschuifbare lade om de mul te kunnen bekijken.
En hoe zit het met de zijkanten? Ik heb kasten van 20 mm cederhout en kasten met 18 mm multiplex. Er zijn zelfs imkers die gaan naar 25 mm dikte van de wanden en hun argument is het feit dat de wand van een holle boom zelfs nog veel dikker is. Laat ons eerst en vooral duidelijk stellen dat het hier een gematigde klimaatzone betreft met temperaturen die slechts korte periodes onder nul graden gaan en zelden onder -10 °C. Als ik de temperatuur meet tussen de buitenste ramen in de kasten, is deze steeds exact gelijk aan de buitentemperatuur. Het vriest dus even goed aan de binnenkant van de kastwand als aan de buitenkant van de kastwand. En gelijk van welk hout of welke dikte de kast is gemaakt. Niks doet me veronderstellen dat dit anders zou zijn als het hout zelfs 5 cm dik zou zijn. Zodra een temperatuur lang genoeg aanhoudt, komt deze binnen en buiten gelijk. Maar zou het nut hebben om de zijwanden meer te isoleren bij beginnend broed in het vroege voorjaar? Ik geloof het niet want in mijn klimaatzone heb ik mijn volken niet vroeger nodig. Als de ganse kast wordt verwarmd, zullen de bijen een veel groter broednest opstarten terwijl er nog geen dracht is te verwachten en ze moeten bijgevolg dan veel meer wintervoer verbruiken. En wellicht zelfs een tekort krijgen aan pollen om dit broed te verzorgen. Pollen die we dan ook weer kunstmatig moeten bijvoeren.
Al de verschillende kasten die in deze streek worden gebruikt, zullen wel voldoen aan de behoeften van onze lokale bijen. De manier om er mee te imkeren is vaak wel verschillend maar is vooral een leuk discussiepunt tijdens bijeenkomsten van de imkers.





























