Bomen en struiken voor de bijen

De bijen kunnen tegenwoordig wel wat hulp gebruiken om voldoende nectar te vinden. En door de klimaatopwarming gaat de situatie zeker niet verbeteren. De winters zijn blijkbaar zachter en korter. Er zijn duidelijk meer vliegdagen voor de bijen. De bloeitijd van de inheemse flora lijkt wel iets te vervroegen. Maar de vroege wilgenbloei begon bij mij de voorbije jaren steeds omstreeks 20 maart en dit lijkt niet echt vroeger te komen. Ik ben dus steeds op zoek naar bijenplanten die bloeien in januari en februari. De discussie over exoten wens ik niet meer aan te gaan. Als het klimaat in onze streken verandert, zullen we wel moeten overschakelen naar andere planten. Ik wacht liever niet op de natuurlijke verandering van de inheemse flora. Als wij de meer zuidelijke planten niet naar hier brengen, komen ze ook zelf wel. Ik vrees echter dat dit te lang duurt voor de bijen. En al zeker voor de bijen die ik tijdens mijn leven kan verzorgen. Dat is alvast mijn mening.

Er is trouwens niet alleen een maand vroeger dat de bijen uitvliegen. Er is ook een maand later in het najaar. Vroeger was er na de linde slechts de heide. En de gigantische heidevelden, door de mens onderhouden, verdwijnen zienderogen. De wintervoeding die we vroeger gaven in juli en augustus is duidelijk niet meer voldoende als onze bijen tot en met oktober actief blijven. We kunnen wel hopen op grote mosterdaanplantingen in het najaar, maar is dit wel de perfecte wintervoeding? Ik zie door de toenemende bebouwing ook geen toename in de bloei van klimop. De natuurlijke voedselvoorraden voor onze bijen worden zeker niet groter in de nabije toekomst. We moeten dus zelf zorgen voor betere en meer bijenplanten.

Elke bijenplant bloeit maar enkele weken. We moeten dus ook zorgen voor voldoende opvolging. Als we een vierkante meter volplanten met crocussen of sneeuwklokjes, hebben we wel wat voor de bijen. Als we op diezelfde vierkante meter een struik of boom kunnen planten, hebben we gedurende eenzelfde periode wel veel meer bloemen. Daarom pleit ik eerder voor bomen en struiken. Als de imker hier de ruimte voor heeft natuurlijk.

Gisteren heb ik even een bezoekje gebracht aan de plaatselijke plantenkweker: Houtmeyers in Eindhout. Ik bracht er alvast acht struikjes mee. Drie Hamamelis intermedia, geel, rood en oranje, drie Chimonanthus praecox ( winterzoet) en ook nog twee bijenbomen Tetradium Daniellii. Deze bloeien dan wel in juli-augustus, maar ze vullen ook dan een drachtpauze. Terwijl ik even tussen de rijen bomen struinde,vond ik eveneens de honingboom, Sophora japonica en de wimperlinde, Tilia henryana. Ze bloeien eveneens allebei in de zomer. Vermits deze bomen al enkele meters groot waren, ga ik ze volgende week met de aanhanger ophalen.

The bees can use some help these days to find enough nectar. And climate warming is certainly not going to improve the situation. The winters are apparently softer and shorter. There are clearly more flying days for the bees. The flowering time of the native flora seems to have advanced slightly. But the early willow flowering started in recent years with me around March 20 and this does not seem to come sooner. So I am always looking for bee plants that bloom in January and February. I no longer wish to enter into the discussion about exotics. If the climate in our regions changes, we will have to switch to other plants. I would rather not wait for the natural change of the native flora. If we don’t bring the more southern plants here, they will come too. However, I fear that this will take too long for the bees. And certainly for the bees that I can take care of during my life. That is my opinion.

Besides, it is not only a month earlier that the bees fly out. There is also a month later in the fall. In the past there was only the heath after the linden tree. And the gigantic heaths, maintained by man, are disappearing visibly. The winter food we used to give in July and August is clearly no longer sufficient if our bees stay active until October. We can hope for large mustard plantations in the autumn, but is this the perfect winter food? I also see no increase in the flowering of ivy due to the increasing buildings. The natural food supplies for our bees will certainly not increase in the near future. So we have to ensure better and more bee plants ourselves.

Each bee plant only flowers for a few weeks. We must therefore also ensure adequate follow-up. If we plant a square meter full of crocuses or snowdrops, we have something for the bees. If we can plant a shrub or tree on the same square meter, we will have many more flowers during the same period. That is why I argue for trees and shrubs. If the beekeeper has the space for this, of course.

Yesterday I paid a visit to the local plantcenter: Houtmeyers in Eindhout. I already bought eight bushes . Three Hamamelis intermedia, yellow, red and orange, three Chimonanthus praecox (winter sweet) and also two bee trees Tetradium Daniellii. They bloom in July-August, also filling a poor blooming period. While I was strolling among the rows of trees, I also found the honey tree, Sophora japonica and the linden tree, Tilia henryana. They both also bloom in the summer. Since these trees were already a few meters tall, I will pick them up next week with the trailer.

Waswafels gieten

Ik heb al jaren mijn eigen waswafeltoestel en werk met een gesloten waskringloop. Dit jaar heb ik ongeveer dertig kilo was gesmolten en deze winter zou ik hier raten van gieten. Lieteberg met de Limburgse imkersvereniging heeft nu een volautomatisch wasraattoestel aangekocht om de eigen was te promoten bij de Limburgse imkers. Gedurende de eerste vijf jaren kan nu elke Limburgse imker 5 tot 20 kg was gratis laten omzetten tot zijn eigen wasraat. Hiervan ga ik natuurlijk ook gebruik maken. Ik kan mezelf dan bezighouden met andere zaken. Zopas heb ik mijn 20 kg was klaargemaakt voor aanlevering. Om het smeltproces te versnellen, vraagt men om de wasbroden te verkleinen tot kleinere brokken van ongeveer 100 g. Met een scherpe machete was dit een klusje van een kwartiertje.

Hopelijk gaan nu alle Limburgse imkers ook voldoende gebruik maken van deze unieke dienstverlening. Want zoals het oude spreekwoord altijd al had moeten luiden: “Eigen was is goud waard”.

I have had my own foundation machine for years and I work with a closed wax cycle. This year I melted about 30 kilos and this winter I would make the foundation. But Lieteberg with the Limburg Beekeepers Association has now purchased a fully automatic waxfoundation machine to promote the own foundation production with the Limburg Beekeepers. During the first five years, every Limburg beekeeper can now have 5 to 20 kg of theorie own wax converted into his own foundation for free. Of course I will also use this. I can then deal with other things. I recently prepared my 20 kg wax for delivery. To speed up the melting process, it is requested to reduce the wax to smaller chunks of about 100 g. With a sharp machete this was a fifteen-minute job.

Hopefully all Limburg beekeepers will now make sufficient use of this unique service. Because as the old proverb should always have said: “Own wax is worth gold”.

Bijenbelagers

Ik ben een verzamelaar. Ik verzamel van alles en nog wat. Sinds mijn jeugd verzamel ik al stripverhalen, maar daar houdt het natuurlijk niet op. Als natuurgids heb ik ook een gigantische verzameling natuurboeken. En als imker zoek ik steeds naar allerlei items over de imkerij. Dit gaat over allerlei berokers, honingpotten, spaarpotten, affiches, schoolplakkaten en speelgoed. De voorbije weken heb ik zo de hand kunnen leggen op twee belagers van onze honingbij. Een opgezet exemplaar van de bijeneter en een doodshoofdvlinder. De bijeneter, Merops apiaster, is bij ons voorlopig nog geen standvogel. De vogel komt meer voor naar het zuiden van Europa. Maar er valt te verwachten dat zijn leefgebied naar ons opschuift.

De doodshoofdvlinder (Acherontia atropos) is bij het publiek natuurlijk bekend van de film Silence of the lambs. Bij ons komt hij soms als trekvlinder voor vanuit het zuiden. Dit jaar zag ik echter een nieuwsitem in de krant van een gevonden rups en ook deze honingsnoeper zou zich hier wel eens kunnen handhaven door de klimaatsverandering.

Te warm in december.

Vorig weekend heb ik de volken nog behandeld met oxaalzuur en momenteel vliegen ze bij dagtemperaturen van 15 graden buiten rond. Wanhopig op zoek naar die eerste pollen en nectar. Ze vinden slechts water maar zoveel hebben ze nu ook weer niet nodig. Op deze manier gaan hun voedselvoorraden snel opgesoupeerd raken. Want hoe actiever ze bewegen, hoe meer energie ze verbruiken. De oplossing is natuurlijk om begin januari toch al maar een pak deeg op te leggen. Sommige volken gaan dit niet aanspreken, maar voor andere zal dit echt nodig zijn. Het deeg dat in het voorjaar overblijft, wordt weer weggenomen en later gebruikt voor de jonge volken. Normaal zou ik het deeg pas aanbieden tegen eind januari en slechts aan de volken die sterk in gewicht dalen. Eind volgende week geef ik ze nu allemaal een half pak apifonda. Ik snij simpelweg een pak doormidden en leg een half pak onder de plastiekfolie. Regelmatig wordt het verbruik gecontroleerd en indien nodig vervangen door een nieuwe hoeveelheid.

De wilgenbloei start hier pas rond 20 maart en dat is dus nog wel even. Drie maanden is zelfs een gans seizoen. De winter moet nog beginnen. De hazelaar bloeit wel iets vroeger, maar deze levert als windbestuiver slechts stuifmeel en geen nectar. Misschien toch even nadenken over het invoeren van exoten. Ik bedoel hier geen invasieve exoten mee, maar er zijn toch wel enkele struiken die in de winter bloeien en niet de lokale flora trachten over te nemen. De crocussen die men tegenwoordig aanraadt zijn volgens mij trouwens ook exoten. Ik ga alvast beginnen met meer winterbloeiende struiken aan te planten. Ik denk aan een aantal toverhazelaars (Hamamelis), Skimmia’s, Winterjasmijn, Helleborus, vroege sneeuwklokjes, Chinomanthus of meloenboompje (ook winterzoet genoemd!) en natuurlijk de sneeuwbal Viburnum x bodnantense.

 

Last weekend I treated the hives with oxalic acid and they are currently flying outside at 15° temperatures. Desperately looking for the first pollen and nectar. They only find water, but they actually don’t need that much. In this way their food stocks will quickly be used up. Because the more actively they behave, the more energy they use. The solution is of course to give them a pack of sugardough at the beginning of January. Some hives will not appeal to this, but others will really need it. The dough that remains in the spring is then removed and later used for the young hives. Normally I would only offer the dough by the end of January and only to the hives that are losing weight. At the end of next week I will now give them all half a pack of apifonda. I simply cut a packet in half and put half a packet under the plastic wrap. Consumption is regularly checked and, if necessary, replaced by a new quantity.

The willow bloom only starts here around March 20 and that will be a while. Three months is even a whole season. The winter has yet to begin. The hazel flowers a little earlier, but as a wind pollinator it only delivers pollen and no nectar. Maybe just think about entering exotics. I don’t mean invasive exotics here, but there are some shrubs that flower in the winter and don’t try to take over the local flora. The crocuses that are recommended nowadays are, in my opinion, also exotic. I am already starting to plant more winter flowering shrubs. I am thinking of a number of witch hazels (Hamamelis), Skimmias, Winter jasmine, Helleborus, early snowdrops, Chinomanthus or melon tree (also called winter sweet!) And of course the Viburnum x bodnantense snowball.

Tijd voor de winterbehandeling

De eerste nachtvorst is nu al vier weken geleden. De volken zijn nu vermoedelijk broedloos. In elk geval zo broedloos mogelijk. Want tegen het einde van de maand gaat de koningin weer aan de leg. Nu is dus een goed moment om de varroamijten de genadeslag te geven. Tijdens de zomermaanden, na de laatste honingoogst, zijn de volken behandeld met apivarstrips. Door deze behandeling zouden de huidige winterbijen een goede start gemaakt hebben. Maar terwijl in het najaar het broednest van de bijen kleiner en kleiner wordt, gaat de ontwikkeling van de mijt natuurlijk door. En deze mijten dienen we tijdens de winter dan zo veel mogelijk te elimineren. Hiervoor gebruiken we oxaalzuur. We druppelen een oplossing van oxaalzuur in suikerwater op de tros. Het commercieel product noemt Oxybee of Oxuvar en is veilig te gebruiken door de imker als hij de gebruiksaanwijzing opvolgt. Om een goede verdeling te verkrijgen van het oxaalzuur in de bijentros moeten de bijen echt dicht op elkaar zitten. Dit is het geval als de temperatuur lager is dan 5° C. Spijtig genoeg hebben we deze temperaturen momenteel alleen ’s morgens als het nog donker is. Maar met een hoofdlamp met ledlicht worden de bijen niet opgeschrikt en is het vlot werken. In dit filmpje op mijn YouTube kanaal is dit wellicht duidelijk. Oxaalzuur druppelen

Vermits er een geregistreerde vorm van oxaalzuur verkrijgbaar is, mag ik momenteel het cascadesysteem niet gebruiken. Ik mag dus geen Api-Bioxal gebruiken dit jaar. Dit oxaalzuurpreparaat kon namelijk ook worden gesublimeerd. Dit is zoiets als verdampen. Bij verdampen gaat een product over van zijn vloeibare vorm naar zijn gasvorm. Bij sublimeren is er geen vloeistoffase en gaat het product rechtstreeks van zijn vaste vorm over naar een gasvorm. Hierdoor wordt het oxaalzuur zeer fijn verdeelt over de bijentros. Het zou theoretisch zelfs beter verdelen als de tros wat losser zit. Bij hogere temperaturen dus. Uit een onderzoek tijdens de winter van 2000/2001 bij 1509 volken van 95 imkers uit 7 Europese landen bleek dat er weinig verschil was bij temperaturen van 2 tot 16° C. De resultaten van sublimeren bereiken 94 tot 95 %, duidelijk hoger dan bedruppelen. Zelfs een tweede behandeling veertien dagen later is mogelijk met nog betere resultaten. Een tweede behandeling door bedruppelen is echter uitgesloten wegens te toxisch voor de bijen. In dit filmpje van mijn YouTube-kanaal wordt dit duidelijk: Oxaalzuur sublimeren

The first night frost is now four weeks ago. The hives are now probably withouten brood . In any case, as broodjes as possible. Because at the end of the month, the queen starts laying again. So now is a good time to give the varroa mites the final blow. During the summer months, after the last honey harvest, the hives were treated with apivar strips. With this treatment, the current winter bees would have made a good start. But while the bees’ nest becomes smaller and smaller in the autumn, the development of the mite naturally continues. And we should eliminate these mites as much as possible during the winter. We use oxalic acid for this. We drop a solution of oxalic acid in sugar water on the cluster. The commercial product is called Oxybee or Oxuvar and can be used safely by the beekeeper if he follows the instructions for use. In order to obtain a good distribution of the oxalic acid in the bee cluster, the bees must be really close to each other. This is the case if the temperature is lower than 5 ° C. Unfortunately, we currently only have these temperatures in the morning when it is still dark. But with a head lamp with LED light, the bees are not startled and stay calm. In this video on my YouTube channel this is probably clear.

Since a registered formulation of oxalic acid is available, I am currently not allowed to use the cascade system. So I cannot use Api-Bioxal this year. This oxalic acid formulation could also be sublimated. This is something like vaporizing. Upon evaporation, a product changes from its liquid form to its gas form. With sublimation there is no liquid phase and the product changes directly from its solid form to a gas form. As a result, the oxalic acid is very finely distributed over the bees. It would theoretically distribute even better if the cluster is looser. So at higher temperatures. A study from the winter of 2000/2001 among 1509 hives of 95 beekeepers from 7 European countries showed that there was little difference at temperatures from 2 to 16 ° C. The results of sublimation reach 94 to 95%, clearly higher than dripping. Even a second treatment fourteen days later is possible with even better results. However, a second treatment by dripping is excluded due to being too toxic to the bees. In this video of my YouTube channel this becomes clear.

Honing van de plaatselijke imker

Het wordt weer gevoelig kouder en de mensen voelen dan vaker de neiging om zich wat beter te wapenen tegen de natuurelementen. Er wordt dan ook beduidend meer honing aangeschaft. Honing van een plaatselijke imker bij voorkeur. Deze honing is een puur natuurproduct en geen mengsel van over de hele wereld. Maar vermits de bijen telkens weer op andere bloesems vliegen en ze ook niet tijdens elke bloei het ideale vliegweer kennen, is elke honingoogst weer een verrassing. We hebben in België geen grote monoculturen en bijgevolg hebben we ook geen monoflorale honing. Onze honingpotten zijn steeds gevuld met een mengsel van verschillende bloemen en planten. En dan is de samenstelling ook elke keer weer anders. De ene keer blijft hij lang vloeibaar, de andere keer wordt de honing snel hard. Het verharden gaat vaak veel verder dan zacht smeerbaar. Alleen door alle honing van het jaar met elkaar te mengen, kan ik een uniforme honing aanbieden tijdens het jaar. Maar ik vind de afwisseling tijdens het jaar juist zo interessant. Als de honing te hard is geworden, kan men hem makkelijk terug vloeibaarder krijgen door de pot warmer te zetten. Zolang je maar onder de 40 graden blijft. En als de honing met grove kristallen is uitgehard, is dat niet te wijten aan de toevoeging van suiker. Elke honingoogst kristalliseert namelijk anders.

Ik ga even uit de doeken doen hoe ik zelf te werk ga. De honingramen die volledig zijn verzegeld en waarvan de honing dus “rijp” is, neem ik mee naar huis.

De verzegelde cellen worden ontzegeld en de ramen worden leeggeslingerd . De honing die uit de cellen komt, wordt opgevangen in vaten na passage door een dubbele zeef. Dit om onzuiverheden zoals stukjes was te scheiden.

In de vaten blijft de honing dan nog twee dagen staan om te “klaren”. De kleinste onzuiverheden en de luchtbelletjes van het slingeren stijgen op en kunnen dan worden afgeschuimd. Hierna vul ik de honing in speciale voedselveilige zakken en zet ze in een afgesloten plastic emmer. Ook weer voedselveilige emmers.

De emmers worden dan in de kelder geplaatst tot de honing wordt ingepot. Hiervoor wordt de honing terug vloeibaar gemaakt in een bain-marie op 37 graden. Na 36 uur kan ik dan de honing uit de zakken gieten in een afvulemmer. Nog eens afschuimen na 12 uur en oproeren gedurende 10 minuten. Hierna vul ik de honingpotten met deze pure honing.

De etiketten, mijn eigen ontwerp, print ik af met een laserprinter en ze worden met melk op de pot gekleefd. Deze etiketten laten dan ook makkelijk los bij het afwassen van de lege potten. De gevulde potten, een dertigtal per keer, bewaar ik bij 13 graden, en aan de deur kan men zichzelf bedienen als ik niet thuis ben.

It is becoming considerably colder again and people often feel the tendency to arm themselves a bit better against the elements of nature. Significantly more honey is being purchased. Preferably honey from a local beekeeper. This honey is a pure natural product and not a mixture from all over the world. But since the bees constantly fly on different blossoms and there isn’t always the ideal flying weather during every bloom, every honey harvest is a surprise. We do not have large monocultures in Belgium and therefore we do not have monofloral honey. Our honey bottles are always filled with a mixture from different flowers and plants. And therefore the composition is different every time. The one time the honey stays liquid for a long time, the other time the honey hardens quickly. The hardening often goes much further than soft spreadable. Only by mixing all the honey of the year together can I offer a uniform honey during the year. But I find the variety during the year so interesting. If the honey has become too hard, it can easily be liquefied by heating the pot. As long as you stay below 40 degrees. And if the honey is cured with coarse crystals, this is not due to the addition of sugar. Every honey form granulated crystals in time.

I’m just going to explain how I work myself. I take home the honey only if completely sealed or capped and the honey is therefore “ripe”.

The capped cells are uncapped and the frames are hurled out with the extractor. The honey that comes out of the cells is collected in barrels after passing through a double strainer. This is to separate impurities such as pieces of wax.

The honey then remains in the barrels for two days to “clear”. The smallest impurities and air bubbles of the extracting proces rise and can then be skimmed off. After this I fill the honey in special food-safe bags and put them in a sealed plastic bucket. Again food-safe plastic.

The buckets are then placed in the basement until the honey is bottled. For this the honey is liquefied in a bain-marie at 37 degrees. After 36 hours I can then pour the honey out of the bags into a bottling bucket. Skim again after 12 hours and stir for 10 minutes. After this I fill the honey bottles with pure honey.

I print the labels, my own design, with a laser printer and they are stuck to the pot with milk. These labels also release easily when washing the empty pots. I keep the filled pots, about thirty at a time, at 13 degrees, and people can serve themselves at the front door when I’m not at home.

 

Crocussen voor de bijen

Vandaag 300 crocussen geplant voor de bijenstand. Eerst heb ik de grond een vijftal cm weggehaald en daarna de bolletjes uitgestrooid. De aarde heb ik er dan weer over geharkt en ik was klaar voor de bijen iets door hadden. Ze vlogen vanmiddag zeer goed. Het was dan ook een fraai zonnetje dat de eerste vrieskou verjaagd heeft.

Om in januari al een start te maken met de moestuin, heb ik alvast een koude bak geplaatst. Ik graaf hierin een spade aarde weg en vul het gat dan terug met vers paardenmest en dek het af met goede tuingrond. De warmte van het verterende mest zal de bodem voldoende verwarmen.

De natuur ruimt op

Deze week zijn de leerlingen van het vierde leerjaar weer op bezoek geweest bij de imkerijtuin. Ze kregen een namiddag les van de gemeentelijke compostmeesters. Onder het motto: De natuur ruimt op. Aan de imkerijtuin heb ik hen verteld over mijn insectenhotel en de werking hiervan. Daarna vertelde ik een verhaal over de composthoop. Hoe de compost wordt gebruikt op de bloemenveldjes, in de moestuin en de boomgaard. Hoe de insecten en mijn honingbijen zorgen voor de bestuiving van de groenten en het fruit. En over de kippen die na het moestuinseizoen de bodem helpen opruimen. Over de schapen die me assisteren bij het onderhoud van de boomgaard. Hoe het groenten- en fruitafval samen met het dierlijk mest weer wordt omgezet tot compost om de natuurlijke cirkel rond te maken. Dit is reeds het zesde jaar op rij dat ik die klasjes ontvang en ik kan slechts hopen dat er zo toch enkele zaadjes van natuurliefde worden geplant.

This week the pupils of the fourth grade visited the beekeeping garden again. They received an afternoon lesson from the municipal compost masters. Under the motto: Nature cleans up. At the beekeeping garden I told them about my insect hotel and how it works. Then I told a story about the compost heap. How the compost is used on the flower fields, in the vegetable garden and the orchard. How the insects and my honey bees take care of the pollination of the vegetables and fruit. And about the chickens that help clean up the soil after the vegetable garden season. About the sheep that assist me with the maintenance of the orchard. How the vegetable and fruit waste together with the animal manure is converted into compost to complete the natural circle. This is already the sixth year in a row that I receive those classes and I can only hope that some seeds of nature love will be planted in this way.

Laatste controle van het jaar

Het is nu begin oktober en ik controleer de bijenvolken voor de laatste keer dit jaar. De voerbak wordt weggenomen, ze hebben deze de voorbije week compleet kunnen leeglikken, en ik leg een nieuw vel plastic onder de voerplank. Tegelijkertijd kijk ik hoeveel ramen met bijen zijn bezet en verwijder de strips Apivar.

Elk volk moet zich vanaf nu zelf kunnen redden.  Ik beschouw dat als een vorm van selectie. Veelal zijn mijn volken na de zomer meer dan groot genoeg om succesvol in te winteren. Ik streef al enige jaren naar de inwintering van twintig volken en gebruik hiervan de tien best uitgewinterde voor de honingproductie. Op deze manier kan ik elk voorjaar enkele volken verkopen.

Het voorbije voorjaar had ik er echter teveel en na moerloos maken, heb ik ze op het buurvolk gezet. Deze volken op een dubbele Kempische broedbak waren zeer groot en haalden zeer veel voorjaarshoning. Hierna heb ik de twee broedbakken weer apart gezet en had zo twee volken voor de zomerhoning. Indien mogelijk ga ik dit volgend voorjaar bij meerdere volken bewust toepassen.

 

20 september 2019

De bijen zijn bijna klaar voor de winter. Vandaag heb ik de voerbakjes gans geopend. De bijen kunnen nu het ganse voerbakje opkuisen en alle suikerkristallen wegpoetsen. Dit voorkomt veel schimmelaanslag in de voerbakjes. Volgende week kan ik ze dan helemaal verwijderen. Tegelijkertijd verwijder ik de Apivarstrips en plaats een nieuwe plastiek folie onder de voerplank. Met een stuk plastiek is het volk minder verstoord als ik in december de varroabehandeling doe. Een houten dekplaat , vastgekit met propolis, loswrikken is veel meer verstorend dan een stuk plastiek lostrekken. En zonder het volk te verstoren, kan je zelfs zien waar en hoe het volk zich bevindt in de kast. En door in het vroege voorjaar je hand op het plastiek te leggen, voel je zelfs of er al broed wordt warm gehouden.

De kippentractor werkt prima. Elke dag is er weer een stukje van de bodem ‘geverticuteerd’ en ontdaan van ongedierte. dsc_2671

Volgende maand, als de pompoenen en bonen zijn geoogst, plaats ik de kippenren daar en kunnen ze de ganse winter deze serrekooi proper houden.

Om het werk aan het waterbroek soms eens af te leggen, heb ik een oude caravan gekocht. Deze kan dienst doen als werfkeet of speelhuis voor de kleinkinderen. dsc_2670