26 januari 2018

Vandaag heb ik de Warrékast in de tuin geopend. Zoals ik al wist, was de kast compleet leeg maar met met een ganse bak honing. Dit was mijn laatste Warré-of ecokast. Ze was opgestart in juli 2014 met een kunstzwerm en een apideakoningin. Elk jaar gaf ze een zwerm af: op 2 juni 2015, op 13 mei 2016 en op 29 mei 2017. Eén heb ik weggegeven voor een segenbergerkast en de andere heb ik zelf in een Kempische kast gezet. Ze doen het allemaal prima. Wat varroabehandeling betreft: Op 8 december 2015 heb ik oxaalzuur gesublimeerd met een varoxverdamper. Het volgende jaar is de kast behandeld op 3 september 2016 met mierenzuur in een universeelverdamper. Ook op 12 augustus 2017 is er weer een universeelverdamper met mierenzuur gebruikt. Alleen op 5 juni 2016 is er een bak honing afgehaald.

Wat is nu het resultaat van deze ecokast? De ecokast behoeft weinig interventies, maar een honingoogst van 8 kg van juli 2014 tot januari 2018 is te triestig om een honingoogst te noemen. Weliswaar zit de bovenbak momenteel  nog vol lekkere honing en die zal ik ook nog oogsten maar een eindresultaat van 16 kg is nog te weinig op 3 jaar. En dan bedoel ik te weinig voor eigen gebruik. Mijn eigen verbruik ligt op 12 kg per jaar. Dat is natuurlijk op te lossen met drie ecokasten, maar evenzeer met een halve Kempische kast.

Tweede probleem is het feit dat de kast na het derde jaar werd verlaten. Er is duidelijk te weinig behandeld tegen de varroamijt. Slechts één behandeling per jaar en een broedloze periode na elke zwerm. Er kan geen darrenbroed worden gesneden in de ecokast met zijn natuurbouw.. Een tweede behandeling tegen de varroamijt met zuren is ook niet gebeurd. Dit vind ik namelijk niet kunnen vermits er op elk moment volop honing aanwezig is die later eventueel zelf wordt geconsumeerd.

De Warrékast is vermoedelijk prima voor meer zuidelijke streken. In Vlaanderen is het volk gewoon te klein om voldoende te produceren. Wat wel de moeite waard kan zijn, is de productie van propolis. Het vliegengaas op de bovenbak kan namelijk gemakkelijk jaarlijks worden vervangen en deze propolis is van een zeer zuivere kwaliteit.

In de plaats van de ecokast komt dus dit voorjaar één van mijn Kempische kasten om mijn eigen tuin van bijen te voorzien. Wordt vervolgd.

25 januari 2018

Vijf dagen geleden zaten alle volken nog op gewicht, maar de hoge temperaturen hebben hun werk gedaan. Van de 14 volken hebben er 11 een pak deeg nodig. Normaal bereiken de volken deze toestand pas eind februari. Rond de bijenstand heb ik nog geen bloeiende hazelaars aangetroffen. Blijkbaar heb ik een latere soort dan op sommige andere plaatsen waar de katjes al wel felgeel oplichten. Maar meestal betreft het dan solitaire struiken aan een bosrand of langs een drukke weg waar het wellicht nog enkele graden warmer is. Ik ben benieuwd of er nog een koudeperiode volgt. Het zou de bijen alvast veel voedselverbruik besparen. Suikerdeeg kan ik wel bijgeven, maar het broodnodige verse stuifmeel voor het aangezette broednest wordt dit voorjaar wellicht de beperkende factor.

21 januari 2018

Even de ontluikende wilgenkatjes gefotografeerd:

DSC01364.jpg

DSC01381.jpg

Ik heb de voorbije maand 175 waswafels gegoten op Kempisch formaat. Mocht dit niet volstaan, kan ik er later nog wel wat gieten. In het voorjaar krijgen de volken nieuwe waswafels bij het uithalen van het overschot aan voederramen. Ze krijgen ook enkele nieuwe waswafels bij het maken van de broedafleggers. Deze broedafleggers krijgen dan ook voortdurend nieuwe waswafels en in juli vervang ik broedramen door waswafels om volken broedloos te maken.

20 januari 2018

Alle bijenvolken zijn de voorbije week gecontroleerd op gewicht en dat is nog bij allemaal in orde. Bij deze temperaturen zou het echter snel kunnen gaan. De bijen zitten niet stil op tros en verbruiken dus meer. Volgende week gaan we simpel nog eens wegen en dan zien we wel verder. Ik heb ik elk geval al voldoende pakken deeg ingedaan om zeker niet plots in de problemen te komen.

De bodem van het perceel is momenteel zo doorweekt dat ik de takken van de geknotte wilgen niet eens kan opruimen. Het is dus even wachten op betere (drogere) tijden. De wilgenkatjes zijn momenteel al mooi wit uitgelopen, net als alle andere jaren. De bloei is dus weer te verwachten rond hetzelfde tijdstip: 20 maart. Dan begint het hier in de streek allemaal. De eerste krokussen die momenteel bloeien, zijn klaar voor de verdrinkingsdood. Maar de hazelaars wachten toch nog op betere dagen.

We houden ons dus nu met andere zaken bezig. Het gieten van voldoende kunstraat en het restaureren van lege kasten. Vooral de vliegplanken verslijten snel. De bakken maak ik zelf. De bodems en de daken koop ik bij het Bijenhof. Ze gaan vele jaren mee, en ik hoef me dan niet bezig te houden met zelf varroagaas in de bodems en metaalplaten op het dak te voorzien. Maar de vliegplanken zijn slechts gemaakt van multiplex. En de lagen lossen in weer en wind. Deze winter maak ik me dus zelf nieuwe vliegplanken.

De cameraval aan het Waterbroek registreert af en toe toch nog iets leuk. Een nieuwsgierige marter in dit geval.

IMAG0139.jpg

IMAG0140.jpg

IMAG0141.jpg

21 december 2017

December is dé maand om de varroamijt nogmaals goed te bestrijden. Maar hoe zit dat nu weer met die medicijnen?  De imker kan alles bekomen wat hij wenst, maar volgens de wetgever dient hij hiervoor welbepaalde wegen te bewandelen. Lees: hij moet voorschriften betalen bij zijn dierenarts en de medicijnen bij zijn apotheker of bij die dierenarts aankopen. Terwijl de benodigde producten gewoon in de rekken liggen bij de imkershops. 4,50 euro voor een pot van 250 g technisch oxaalzuur of 17,32 euro voor 35 g Api-Bioxal bij de dierenarts of apotheker. En dan mogen we de 25 euro consultatievergoeding nog niet vergeten van uw dierenarts.

Eerste bedenking: Waarom die 25 euro consultatievergoeding? De wet op de diergeneeskunde bepaalt nu eenmaal dat een dierenarts alleen mag medicijnen verschaffen voor dieren die hij in behandeling heeft. Of hij deze dieren nu ziet of niet tijdens de visite speelt niet zo veel rol. Hij stelt bepaalde vragen die door de imker worden beantwoord. Deze anamnese is al een consultatie op zich. Daar komt nog bij dat de imker die een contract tot bedrijfsbegeleiding afsluit, eveneens 2 x per jaar een infosessie dient te betalen van 25 euro en per vier jaar een bedrijfscontrole voor 45 euro. Hiervoor krijgt deze imker dan wel de mogelijkheid om voldoende producten mee te krijgen om  telkens 6 maand verder te kunnen. Hij wordt dus verlost van de illegaliteit mits betaling van 61,25 euro per jaar voor de diensten van de bedrijfsbegeleidende dierenarts en het recht om voldoende medicijnen in voorraad te hebben. De imker die geen contract afsluit, kan bijgevolg moeilijk zijn voorschrift afhalen zonder een consultatie te betalen aan de dierenarts. Dat zou pas helemaal oneerlijk zijn. Deze imker betaalt dus voor élke behandeling een consultatiebedrag van 25 euro en krijgt slechts voldoende medicijnen mee om zijn volken die ene keer te behandelen. Maak zelf maar de rekening als deze imker een zwerm legaal wil behandelen in mei, een week later nog een broedloos volk wenst te behandelen, nog een week later enkele jongvolken wil besproeien, een zomerbehandeling geven in juli, een tweede eventueel in september en een winterbehandeling te doen in december.

Tweede bedenking: Wat met het prijsverschil tussen technisch oxaalzuur en medicinaal oxaalzuur? Het gaat hier dus over 0,03 euro per volk dat tijdens de winter wordt behandeld of 0,87 euro. Zou dat volk echt geen 80 eurocent waard zijn in december? Heeft dat volk honing geproduceerd in het voorbije jaar of dient het dat te doen tijdens het volgend jaar? Wordt die honing dan verkocht aan 6 euro voor een potje van 500 g of wordt hij verkocht aan de warenhuisprijs van 2 euro? WANT DAAR GAAT HET NU JUIST OM! DIT IS DEZELFDE DISCUSSIE! De imkers kunnen niet eisen van hun klanten dat ze meer betalen voor goede, eerlijke honing als ze zich langs de andere kant niet correct gedragen tegenover hun dierenarts en/of apotheker.

 

 

 

20 december 2017

Ik heb drie dagen na het druppelen de gevallen varroamijten geteld en het waren er meer dan vorig jaar. Een aantal volken hadden tussen de 100 en 150 mijten op de schuif. De voorbije jaren was de mijtenval toch veel lager. Maar toch waren er ook nu weer volken met slechts een tiental gevallen mijten.Maar niet alle volken gaan natuurlijk gelijk de winter in. Enkelen hebben nog in september hun koningin gewisseld en ook de gevangen zwerm had maar enkele mijten op de schuif. Tijdens het druppelen was de temperatuur rond het vriespunt en bleef zelfs tijdens de dag onder de 5 °C. De bijen zitten dan vast op tros en de suikeroplossing met oxaal komt in nauw contact met elke bij.

Nu de temperatuur zelfs tijdens de nacht rond de 7°C blijft en overdag temperaturen tot 11°C worden voorspeld, is het druppelen niet meer aan de orde. De bijen zitten veel te los op tros om een goed contact te bekomen met het oxaalzuur. Ooit las ik in een publicatie dat de werking dan spectaculair verminderd tot ver onder de 80%. Een sublimatie van oxaalzuur wordt dan aangeraden. Door sublimeren kan men het oxaalzuur juist beter bij elke bij krijgen als ze niet te dicht op elkaar zitten. Er mag dan een effect van ver boven de 90% worden verwacht. 

En mocht er twijfel bestaan. In België mag oxaalzuur wel degelijk worden gesublimeerd volgens het cascadesysteem. Het produkt Api-Bioxal vermeldt namelijk op de bijsluiter dat het mag worden gebruikt door 2,5 g te sublimeren per volk. En bijgevolg kan het onder het cascadesysteem worden gebruikt om te sublimeren. Men zal dan wel een verdamper dienen aan te schaffen. Ik bedoel dan wel degelijk een fatsoenlijk aangekocht toestel en geen zelfgemaakte toestanden zonder controle op de werkingstemperatuur of elektrische veiligheid.

8 december 2017

Vandaag heb ik de oxaalzuuroplossing klaargemaakt om dit weekend de bijenvolken te behandelen. Vermits de temperaturen momenteel laag genoeg zijn en de bijen stevig op tros zitten, kies ik er voor om te druppelen in plaats van te sublimeren.

DSC_0041.jpg

Bij het bestuderen van de gebruiksaanwijzing viel me op dat er werd aangeraden om de 35 g oxaalzuur op te lossen in een halve liter suikeroplossing 1:1. Dit geeft volgens diezelfde bijsluiter een oplossing van 4,2% w:v oxaalzuur in een 60% suikeroplossing. Alle publicaties uit onze regio’s spreken echter van 3,5 %: 35 g op te lossen in 1 L suikeroplossing 1:1. Het lijkt dus alsof de Api-Bioxal een verdund poeder is van oxaalzuurkristallen. Maar niets is minder waar. Het is van dezelfde orde als het bekende technisch oxaalzuur. Waarom dan aanraden om een dubbele dosis te gebruiken? Is dat dan niet te sterk? Ik ging toch maar even op onderzoek in mijn bibliotheek.

Uit allerlei publicaties van de voorbije decennia blijkt dat wordt aangeraden om in Zuid-Europa te werken met een 4,2% oplosssing en meer naar het noorden toe, te werken met een 3,5% oplossing. Dit zou te maken hebben met het langer doorbroeden van een bijenvolk in het Zuiden. En vermits Api-Bioxal een Italiaans geneesmiddel is, zou de aangeraden dosis wel eens te zwaar kunnen zijn in ons klimaat. In de zeer interessante publicatie over het gebruik van oxaalzuur van Randy Oliver uit 2006, spreekt deze zijn voorkeur uit over een zomerbehandeling met 4,2 % w:v en een winterbehandeling met 3,4 % w:v. Het zal dus wellicht veiliger zijn om te werken met de dosering die wordt aangeraden door bijen@wur uit Nederland: namelijk 3,5 %.

Dit heb ik dus zo gedaan. Ik heb een 60% suikeroplossing gemaakt door 1 kg suiker op te lossen in 1 kg (dus 1 L) water. Ik bekwam zo 1,67 L suikeroplossing (met een gewicht van 2 kg). En 1 kg suiker in een totale oplossing van 1,67 L is  een 60% suikeroplossing. Makkelijk toch.

Ik goot het zakje Api-Bioxal (*) in een maatbeker en vulde die bij tot het volume van 1 L met de suikeroplossing. Dit geeft dus een 3,5 % oxaalzuuroplossing w:v (weight:volume, gewicht van het poeder in het volume van de oplossing) Met 1 L oplossing en een maximum van 50 ml per volk kan ik dus minimum 20 volken behandelen. Ik geef volken die over meer dan 6 straten op tros zitten al jaren de volledige 50 ml en kleinere volken 35 ml. Dit is zo in mijn Kempische kasten en niet noodzakelijk in een ander kasttype. Wellicht is het beter om zich daar te houden aan 5 ml per straat en dan niet te vergeten om ook, indien aanwezig, de onderste bak te behandelen.

(*)Een waarschuwing is hier op zijn plaats: De oxaalzuurkristallen uit de verpakking Api-Bioxal zijn droog en helemaal niet zo vochtig als het technisch oxaalzuur. Hierdoor stuift het poeder op en is een mondmasker bij het aanmaken van de oplossing absoluut noodzakelijk.

 

3 december 2017

Inpotten honing

Regelmatig haal ik een nieuwe emmer honing uit de kelder om op te potten. Een emmer bevat ongeveer 15 – 16 kg honing. De plastic emmers nemen minder ruimte in en ik heb dus maximaal een dertigtal glazen potten klaarstaan voor de verkoop. Dus minder stockageruimte nodig en minder risico op glasbreuk.

DSC_1918.jpg

DSC_1919.jpg

Deze emmer wordt dan in een bain-marie opgewarmd gedurende twee dagen. De temperatuur van het water is 38°C. Controle met een thermometer gaf aan dat de thermostaat zeer nauwkeurig werkt.

DSC_1920.jpg

DSC_1921.jpg

Zodra de honig weer vloeibaar is, giet ik de zak leeg in een rijper om de luchtbellen te laten stijgen.

DSC_1924.jpg

Als ik vloeibare honing wens in te potten, verwarm ik de emmer 48 u. En indien ik meer smeerbare honing wens in te potten, verwarm ik slechts 24 u. Deze honing moet ik dan nog wel even roeren om de kristallen wat te verkleinen. Hiervoor gebruik ik een RVS roerstaaf die is gemaakt naar het voorbeeld van een Rapidoroerder.

DSC_1923.jpg

Zodra de potjes zijn gevuld en van een etiket voorzien, gaan ze in het verkoopskastje aan de voordeur.

DSC_1899.jpg

 

 

 

 

 

 

 

;