2 mei 2025

Vandaag, ongeveer een maand na het poten van de aardappelen, heb ik ze voor de eerste keer aangeaard. Het aardappelveldje is nu dubbel zo groot als vorig jaar en ik heb nu vijf verschillende rassen kunnen poten.

Sommige rassen zijn al wat groter gegroeid dan andere maar dat komt wel in orde.
De accaciabomen die op een zonnige locatie staan, zijn begonnen met de eerste bloesems.

Vermits de volgende twee weken vooral acacianectar gaat binnengebracht worden, heb ik de eerste honingramen die al verzegeld waren alvast uit de volken gehaald. Ze hebben nu weer meer ruimte gekregen voor deze volgende dracht. De eerste voorjaarshoning zal vooral van de wilgen afkomstig zijn. Deze honing kristalliseert snel maar met heel kleine kristallen, en is dan boterzacht smeerbaar. Ik vind wilgenhoning de lekkerste van het jaar maar ik kan hem vooral gebruiken om eventueel de harder kristalliserende zomerhoning mee te enten om zo toch fijne kristallen te verkrijgen. Als de zomerhoning wordt geënt met 10% fijn gekristalliseerde honing, wordt hij ook mooi smeerbaar.

Vermits ik nooit reis met mijn bijen en dus ook niet naar de koolzaadvelden ga, heb ik nooit die zacht smeerbare koolzaadhoning om mijn zomerhoning mee te enten. De wilgendracht is echter zo vroeg dat dit sterk afhankelijk is van de weersomstandigheden van het voorjaar. En dit jaar was er dus een zeer mooi voorjaar met een grote wilgendracht. Ik verkoop mijn zomerhoning hoofdzakelijk vloeibaar maar dit jaar zal ik dus een gedeelte smeerbaar kunnen maken.

Smeerbare honing door enten

Niet tegenstaande ik de meeste honing vloeibaar verkoop, heb ik toch ook klanten die een potje smeerbare honing vragen. Die smeuïge honing heeft een zacht mondgevoel. Bevat dus geen grove kristallen. Deze worden door de klanten als suikerkorrels ervaren en bijgevolg vermoeden ze toevoeging van ordinaire suiker. De grofheid van kristallisatie is echter afhankelijk van het type honing en de daarin aanwezige glucose. Honing bevat naast glucose nog veel andere suikers maar zeker geen sacharose (onze bietsuiker). Fructose is een ander suikermolecule dat veel in honing voorkomt maar moeilijk kristalliseert. Bijvoorbeeld honing van acacia bevat veel meer fructose en zal daardoor vloeibaar blijven. Koolzaadhoning en wilgenhoning van het voorjaar bevat veel meer glucose en zal bijgevolg snel kristalliseren. Maar deze honing kristalliseert van nature zeer fijn en is dus zeer smeuïg. Onze zomerhoning daarentegen kristalliseert van nature zeer traag maar grof. De imkers die smeerbare honing wensen te verkopen, bekomen deze dan ook vaak door zeer lang en intens te roeren in de honing. Door het roeren bekomt men dat de kristallisatiekernen veel kleiner blijven en de honing vaster wordt maar toch zacht smeerbaar. Zodra de heldere honingmassa wit opaalachtig begint te verkleuren, kunnen de potten worden gevuld. Vermits men daar soms tot in september dagelijks tweemaal vijf minuten mee bezig is, zijn er andere manieren gezocht om de gewenste smeerbaarheid sneller en vlotter te bekomen.

Men kan de honing enten met een reeds zacht gekristalliseerde honing. Door bij de vloeibare zomerhoning een gedeelte van de fijne voorjaarshoning te voegen kan men de roertijd belangrijk inkorten. De kleine kristallen van de koolzaadhoning dienen dan als kristallisatiekernen voor de zomerhoning die bijgevolg ook zacht smeerbaar uitkristalliseert. Hiertoe gebruikt men vaak tot 10% van die voorjaarshoning. Stel u nu een rijpervat voor van 50 kilo. Daarvoor heeft men al snel 10 potten voorjaarshoning nodig. Sommige imkers hebben bijna geen voorjaarshoning meer over om tijdens de zomer hun zomeroogst te enten. Ook heeft niet elke hobbyimker de beschikking over een automatische roermachine om de dagenlange arbeid over te nemen.

Er is echter een manier om vrij eenvoudig smeerbare honing in bewerkbare hoeveelheden te bekomen. En dat op slechts één week. Met slechts één potje voorjaarshoning. Dat ene potje dat nog niet is verkocht.

Ik begin met één potje voorjaarshoning en één potje vloeibare zomerhoning. Dit wordt onder elkaar geroerd. De volgende dag worden aan deze twee potjes weer twee potjes vloeibare honing toegevoegd en onder elkaar geroerd. Op de derde dag worden er vier potjes vloeibare honing toegevoegd en geroerd. Elke volgende dag wordt de hoeveelheid verdubbeld om na een week een volle emmer smeerbare honing te kunnen inpotten. Vanaf de vierde dag gebruik ik een inox roerstaaf met boormachine in plaats van een spatel. Op dag zes is de emmer vol en op dag zeven vul ik de potten.