Vraagt het niet veel tijd om elke week die bijenkasten te openen en te controleren? Daar kruipt toch veel tijd en werk in? Deze vraag wordt me vaak gesteld. Natuurlijk door niet-imkers. Want het is geen werk, het is een hobby, een passie. En dan is de tijd van geen tel. Toen ik nog ritjes maakte met de motor, keek ik ook niet naar de tijd. Het kon immers niet lang genoeg duren. Hetzelfde geldt vermoedelijk voor elke hobby.
Ik heb vandaag een twintigtal bijenvolken nagekeken en het gewriemel van die duizenden lijfjes op hun raten, maakt me alleen maar zeer rustig. De tijd wordt vergeten en er is alleen maar even een stressmomentje als de smartphone een geluid maakt.
Elk volk heeft ook zijn eigen verhaal. Wat heb ik vorige keer opgemerkt en waar moet ik deze keer op letten? Is het darrenraam nog normaal uitgebouwd of is er een begin van zwermneiging te zien? Zie ik nog eitjes in de cellen? Dan zal er nog wel een koningin zijn in het volk. Kom ik ze tegen, dan sluit ik ze even op in een kluisje om ze bij de rest van de controle niet te beschadigen. Want er is natuurlijk maar één koningin in een bijenvolk. Zie ik koninginnendopjes op de raten? Zijn ze niet belegd met een eitje dan noemen we dat slechts speeldopjes. Zijn ze wel belegd dan noemen we het zwermcellen als de koningin nog aanwezig is. Maar dan wil ze wel vertrekken met de helft van haar volk binnen een paar dagen. Ik maak op dat moment een tussenaflegger of een koninginnenaflegger. Beslissingen neem ik op het moment zelf. Is de koningin niet meer in het volk, dan maken de bijen redcellen aan van belegde werkstercellen. De koninginnen die hieruit worden geboren zijn niet altijd even goed van kwaliteit. Ik kan er dus voor kiezen om alle redcellen te breken en te vervangen door een andere, beter opgekweekte, koningin. Ook deze beslissing wordt weer gemaakt op het moment zelf.
Aan jonge beginnende imkers raad ik steeds aan om op zo’n moment de kast dadelijk dicht te doen. Voor de imker een kast opent, dient hij te weten wat hij gaat doen of verwacht te zien. Wordt er iets anders opgemerkt, moet er een beslissing worden genomen. Dat kan ook nog de volgende dag of dagen na rijp beraad met andere imkers, zijn boeken, of zijn PC.
En natuurlijk met zijn agenda. Want dat is toch het allerbelangrijkste instrument van de imker. Vandaag heb ik gemerkt dat vier volken een extra honingzolder nodig hebben. Dat is werk voor morgen of overmorgen. De jonge volkjes die eten nodig hebben, hoef ik niet te noteren want eten heb ik steeds bij. De broedafleggers die zijn gemaakt moeten na 24 dagen worden behandeld tegen de varroamijt. Die datum staat in de agenda. Ook wanneer je overtollige doppen dient te verwijderen, staat genoteerd. Zeer veel acties vereisen namelijk dat je ze op de juiste dag doorvoert. En als je als imker niet elke dag kan beschikbaar zijn, zul je elke actie die je in gang zet goed moeten uitrekenen om de volgende stap op je vrij moment te kunnen doorvoeren.

Het enige dat de jonge volkjes nodig hebben is voedsel en dat hebben ze voortdurend ter beschikking. Onder de vorm van voederramen uit andere volken of als siroop in een voederbakje. De siroop kan commercieel worden aangekocht of zelf worden gemaakt. Voor die jonge volkjes kan dat zelfs beter met een 1:1 suikeroplossing in plaats van die dikke siroop. Dus 1 kg suiker in 1 liter water. Maar ook honing kan natuurlijk dienen en op de vorige ledenvergadering heb ik weer een fijne tip opgevangen. Met dank aan Eddy Nowicky. Honing in een voederbak en afdekken met een enkel laagje papier van een keukenrol. Deze bestaat vaak uit 2 lagen papier. Eén laagje leg ik op de honing en de bijen kunnen zich niet meer verkleven aan de honing maar likken het ganse bakje zuiver en kurkdroog. Het papiertje laten ze mooi droog gelikt achter.

Drie potjes honing en een enkel laagje keukenpapier. Het tussenschotje is natuurlijk verwijderd uit dit voerbakje.