10 april 2014

Vandaag een superdag voor de bijen en de tuin. Als het morgen niet te fel regent, zal ik eindelijk de percelen voor de phacelia en de aardappelen kunnen ploegen en frezen. Het wordt tijd om hieraan te beginnen. Maar tot heden was de bodem nog veel te nat. Ook moeten er nog enkele kolen worden uitgeplant en pastinaak gezaaid. 

Op paasmaandag heb ik de eerste grote kastcontrole gedaan. Alle volken hebben nu een darrenraam en een eerste waswafel gekregen. De volken hebben alleen nog drie volle ramen met voer en het broednest zit op 5 tot 7 ramen. Er zijn dus nog kasten met een vulblok en zelfs nog een open plek. Volgende week krijgen ze weer een waswafel en allemaal een honingbak met zes uitgewerkte honingramen en zes waswafels. De grootste volken hebben die dan zeker nodig en om het simpel te houden, krijgen ze dit dan allemaal. Het volk dat het verst is in zijn ontwikkeling bepaalt wat er moet gebeuren. Spijtig genoeg kwam ik aan het waterbroek nog een kast tegen met leggende werksters. Deze kast heb ik dan maar afgeslagen op een honderdtal meter van de stal. Er zijn dus geen 12 maar slechts 11 Kempische volken klaar voor een productie dit jaar. Ik had gepland om er 8 te kunnen installeren en ben dus tevreden. Vermoedelijk gaan er binnen enkele dagen 2 naar de kersen. Als er hierna toch teveel kasten op eenzelfde locatie staan, kan ik er nog enkele overzetten in ecokasten. Deze krijgen dan een plaatsje bij klanten van mij. Het plaatsen van een Kempische kast op meerdere locaties neemt veel te veel tijd in beslag om ze wekelijks te controleren. En een ecokast is voor de meeste leken ook veel interessanter om te bekijken. Door het kijkraam zijn de bijen echt te bewonderen terwijl ze aan het werk zijn. Al moet ik natuurlijk wel duidelijk maken dat men het kijkraam niet te pas en te onpas mag openen. Een bijenvolk heeft om rustig te blijven ook rust nodig.