De bijenkasten zijn nu winterklaar

Vandaag heb ik de voerbakjes weggehaald want de volken zijn klaar om de winter in te gaan. Na de laatste honingoogst in juli heb ik een leeggeslingerde honingbak onder de broedbak geplaatst. De Kempische broedbak is wel groot genoeg om een volk in te overwinteren maar op deze manier hoef ik al mijn honingbakken niet te verplaatsen om ze elders te stockeren tijdens de wintermaanden. Ze kunnen zo gewoon op de stand blijven. Maar het grootste voordeel is dat de wintertros bijen bij koud weer verder weg zit van het vlieggat. Want isolatie is toch belangrijk bij de houten kasten.

Ook voor isolatieredenen en omdat ik dit jaar tweemaal per maand de varroaval heb geteld, bleef ook de bodemschuif het ganse jaar gesloten. Voor nog meer isolatie had ik de schapenwol in het deksel ook het ganse jaar ter plekke gelaten. Ik heb zo ondervonden dat het kastklimaat veel beter is in de kast. Tijdens warme periodes heb ik ook geen baardvorming opgemerkt zoals andere jaren. Want isolatie werkt niet alleen tegen de kou, maar even goed tegen hitte. De tweede honingzolder gebruik ik als verhoging om de voederbak in te plaatsen. Deze laat ik ook ter plaatse en kan dienen om de kussensloop met schapenwol te herbergen. Weer minder materiaal dat ik in de winter elders moet stockeren.

Het dekplastiek dat even was vervangen door de voederplank is nu terug als eerste laag geplaatst op de broedbak. Een plastiekvel is makkelijker te openen bij winter- of voorjaarscontrole en veroorzaakt geen luide propoliskrak die de bijen verontrust. En je kan er zelfs doorheen kijken zonder te openen. Een simpel stuk plastiek knagen ze vaak kapot en daarom gebruik ik nu al een paar jaar, op maat geknipt, doorzichtig tafelzeil.

De vliegopening staat op ongeveer 2 cm maar de muilkorf laat ik nog wel een ganse tijd voor de kast. Deze werkt niet alleen tegen de hoornaar maar even goed tegen muizen die nu een winterbedje zoeken.

23 januari 2025

De vriesdagen zijn nu weer voorbij en de volgende dagen blijft de temperatuur tussen de 5 en 10 graden. De bijen zitten weliswaar nog op tros maar ze kunnen zich toch al wat losser door de kast bewegen. Tijd om nog eens even langs te gaan. Slechts een paar volken zaten boven tegen het plastiek. Dat wil zeggen dat er geen voedervoorraad meer boven de wintertros is. Er is weliswaar nog wel eten in de ramen langs de zijkanten maar daar kan de tros niet aan als het te koud is. Volgende maand en tijdens de warmere dagen zullen ze daar wel terecht kunnen. Om echter de dichte tros nu van eten te voorzien, leg ik een pak voederdeeg op de ramen. Tijdens koude dagen kunnen ze daar terecht en als het warmer is , kunnen ze aan de zijramen terecht. Om de twee weken volg ik de situatie nu op en vervang het pak als het leeg zou zijn. Sommige volken krijgen zo tot half maart regelmatig deeg bij en andere volken gebruiken zelfs deze eerste voorraad niet op. Maar dat is dan niet verloren, want het kan later dienen om de apideabakjes van deeg te voorzien.

Vermits de dagen nu toch al merkbaar meer daglicht geven, zijn de meeste koninginnen al aan de leg gegaan. Om dit kleine broednest centraal in de wintertros zo warm mogelijk te houden, is het belangrijk dat er niet teveel warmte verloren gaat. Ik heb dus nu ook de isolatie onder het dak geplaatst van de kasten. In het verleden heb ik geprobeerd met verschillende isolatiematerialen. Ik begon met pakken krantenpapier. Kranten aan elkaar geniet tot dikke pakken die juist pasten in het deksel. Werkte prima maar eens nat, was het een boeltje om op te ruimen. Daarna werkte ik met lange snippers krantenpapier. Door de lucht die zich hiertussen bevindt, isoleerde het zelfs beter maar het pak snippers was moeilijker op zijn plaats te houden onder het deksel. Het deksel vullen en dan met muggengaas in het deksel nieten, was een optie maar het bleef een extra teveel. Hierna probeerde ik met isolatieplaten uit de bouwsector. Ik sneed ze passend in het deksel en sneed centraal zelfs een holte voor het pak voederdeeg. De bewaring van deze platen als ik ze niet gebruikte in de kasten, bleek een muizenprobleem te veroorzaken.

Maar ook nu bracht de dierenwereld de oplossing. Goede isolatie, lucht doorlatend en bijgevolg ademend om condens tegen te gaan. Veel vocht opnemend zonder te rotten en dit vocht daarna dan ook kunnen afgeven. Mijn schapen hadden de oplossing. Schapenwol. Vermits mijn Ouessanten elk jaar zwarte wol leveren die geen economische waarde blijkt te hebben, had ik elk jaar het probleem om hiervan af te raken. In het deksel van de Kempische kasten is deze wol echter een fantastisch isolatiemateriaal. In het begin had ik wel hetzelfde probleem als met de papiersnippers. Bij controle van het volk bleef dit materiaal niet op zijn plaats in het deksel. De oplossing lag voor de hand met oude kussenslopen. Deze heb ik gevuld met de schapenwol en passen mooi in het deksel van de Kempische kasten. De wol wordt niet aangevreten door muizen bij bewaring maar het is zelfs interessanter om jaarlijks mijn verse wol te gebruiken in plaats van die weg te gooien en de oude wol uit de kussenslopen te verwijderen.

Het plaatsen van de isolatie in het deksel en bijgevolg de aandacht voor warmtebehoud in de bijenkast doe ik dus pas vanaf nu ongeveer. In de maanden november en december is het mijn bedoeling om het volk zo snel mogelijk broedloos te krijgen en op wintertros om zo zo weinig mogelijk wintervoer te verbruiken.Maar vanaf het lengen van de dagen, als het broednest terug begint, is warmteverlies absoluut te vermijden. Heeft het ook nut om de bodem te sluiten? Hier heb ik geen antwoord op. Warmte stijgt en om condens tegen te gaan in de kast zou het misschien beter zijn om de bodem open te laten. In het verleden liet ik ze open en deze winter heb ik de schuiven dicht gedaan. Of er nu een condensprobleem optreedt in de kasten zal ik nog moeten afwachten. Maar vòòr de varroabodems, waren ze altijd dicht en ook in een holle boom is er geen open bodem. Gesloten bodem dus maar wel een gaasbodem met uitschuifbare lade om de mul te kunnen bekijken.

En hoe zit het met de zijkanten? Ik heb kasten van 20 mm cederhout en kasten met 18 mm multiplex. Er zijn zelfs imkers die gaan naar 25 mm dikte van de wanden en hun argument is het feit dat de wand van een holle boom zelfs nog veel dikker is. Laat ons eerst en vooral duidelijk stellen dat het hier een gematigde klimaatzone betreft met temperaturen die slechts korte periodes onder nul graden gaan en zelden onder -10 °C. Als ik de temperatuur meet tussen de buitenste ramen in de kasten, is deze steeds exact gelijk aan de buitentemperatuur. Het vriest dus even goed aan de binnenkant van de kastwand als aan de buitenkant van de kastwand. En gelijk van welk hout of welke dikte de kast is gemaakt. Niks doet me veronderstellen dat dit anders zou zijn als het hout zelfs 5 cm dik zou zijn. Zodra een temperatuur lang genoeg aanhoudt, komt deze binnen en buiten gelijk. Maar zou het nut hebben om de zijwanden meer te isoleren bij beginnend broed in het vroege voorjaar? Ik geloof het niet want in mijn klimaatzone heb ik mijn volken niet vroeger nodig. Als de ganse kast wordt verwarmd, zullen de bijen een veel groter broednest opstarten terwijl er nog geen dracht is te verwachten en ze moeten bijgevolg dan veel meer wintervoer verbruiken. En wellicht zelfs een tekort krijgen aan pollen om dit broed te verzorgen. Pollen die we dan ook weer kunstmatig moeten bijvoeren.

Al de verschillende kasten die in deze streek worden gebruikt, zullen wel voldoen aan de behoeften van onze lokale bijen. De manier om er mee te imkeren is vaak wel verschillend maar is vooral een leuk discussiepunt tijdens bijeenkomsten van de imkers.

Telling varroamijten

Drie dagen na de oxaalzuurbehandeling bekijk ik de bodemschuif om het aantal gevallen mijten te tellen. De productievolken doen het prima. Ik tel gemiddeld 17 mijten met als maximum 53. Over een periode van drie dagen vind ik dat een prima resultaat. Enkele jaren geleden zat ik nog ruim boven de vijftig als gemiddelde met uitschieters van meer dan 150 mijten. Dat was toen ik mijn zomerbehandeling nog met Api Live Var deed. Daarna ben ik overgeschakeld op mierenzuur en dat was al een hele verbetering. Maar dit jaar en het vorige jaar heb ik gewerkt met Apivar en deze volken hebben nu veel minder mijten. Enkele volken die broedloos werden gemaakt in de zomer en toen behandeld met oxaalzuur kregen geen Apivarstrips en ze hebben toch meer mijtenval momenteel. Dit waren de volken met een mijtenval tegen de vijftig. Volgens mij is de behandeling met oxaalzuur te kortwerkend ondanks het prima effect en raakt het najaarsbroed toch nog besmet. De behandeling met Apivar duurt echter twee maanden, net terwijl de winterbijen gevormd worden. Daar zit volgens mij het betere resultaat. Ik had dit jaar ook de jonge volkjes geen zomerbehandeling gegeven. Normaal zou dit niet nodig zijn. Althans dat wordt vaak beweerd. En ze waren in september dan ook prima. Maar met de winterbehandeling vorige week werd duidelijk dat dit toch niet voldoende is. Daar zit ik wel rond de 100 mijten op drie dagen. En dat bij een kleiner volk. De Apivarstrips vond ik te ingrijpend voor de kleine volkjes. Voor twee jaar gebruikte ik een enkele korte mierenzuurbehandeling in september en toen waren de jonge volkjes veel beter. En voor volgend jaar? Er is natuurlijk naast de wetgeving ook nog de wijsheid…

Vandaag heb ik weer isolatie aangebracht onder het dak van de bijenkasten. In het verleden heb ik dit al geprobeerd met glaswol, islatieplaten en kranten. Werkte allemaal prima maar ik vond dit moeilijk als er een pak deeg onder het plastiek lag. Dan sloot de isolatie niet goed meer aan of het deksel kon er zelfs niet meer op. Krantensnippers waren beter maar bleven dan weer moeilijk liggen. Vorig jaar heb ik dan de wol van mijn schapen gebruikt en dat werkte wel prima. Toch heb ik het dit jaar nog geperfectioneerd. Oude kussenslopen werden gevuld met de wol en dit kussen gaat dan simpel onder het dak. Wol isoleert prima. Wol is ook niet gevoelig voor vocht. Neemt blijkbaar wel condensatie op maar kan het ook terug afgeven. Het kussen zorgt er alleen voor dat de wol mooi samenblijft bij het openen van het volk.