Doppen breken

Na het vinden van belegde zwermdoppen verwijder ik liefst de koningin met wat broed uit het volk om de zwermstemming compleet teniet te doen. Dit kan door de reeds getoonde tussenaflegger waarbij ik de oorspronkelijke koningin na enige tijd terug geef aan het volk. Maar even goed maak ik een koninginnenaflegger waarna het volk verder zijn weg gaat met een nieuwe koningin. De koninginnenaflegger bestaat ook uit de koningin en enkele ramen met broed en deze kan op de stand of elders worden ondergebracht. Er ontstaat op deze manier een nieuw volk en we vermeerderen op die manier dus het aantal volken op onze bijenstand. De imker kan dus met deze twee manieren zijn aantal volken constant houden of vermeerderen. Maar in beide gevallen verdwijnt de zwermstemming. En daarenboven heeft het productievolk even geen broed te verzorgen en kan dus meer energie steken in het verwerken van nectar tot honing.

Toch blijft het heel belangrijk om in het achtergebleven moerloos volk doppen te breken. De moerdoppen worden aangelegd op jonge larfjes maar ook de drie dagen die hierop volgen kunnen ze nog nieuw uitgelopen eitjes omvormen tot koningin-larven. Alle moerdoppen zijn dus niet even oud. De eerst uitgelopen koningin laat een tuut-geluid horen wat beantwoord wordt door andere rijpe koninginnen die nog in hun dop zitten. Hun tuut klinkt hierdoor echter meer gedempt en lijk meer op een kwaak-geluid. Als deze doppen niet worden gebroken, vertrekt de tutende koningin met een deel van het volk: de nazwerm. En meerdere doppen die rijpen gedurende een drietal dagen kan leiden tot meerdere nazwermen en een complete instorting van het oorspronkelijke productievolk. Daarom breken we op dag 12 de gesloten doppen en laten dan één of twee koninginnen in het volk. Als we deze controle doen na 16u, wordt er die dag niet meer gezwermd en vechten de rondlopende koninginnen het de volgende nacht uit in de kast.

youtube.com/watch

Doppen breken.

Vorig weekend is er tijdens de wekelijkse controle spijtig genoeg een koningin gestorven. Toen ik ze met het klemmetje van de raat wou nemen, sprong het veertje uit de klem. Hierdoor klapte het klemmetje helemaal dicht en kwam de koningin precies met haar borststuk knel te zitten tussen de kaken van het klemmetje.

Een moerloos volk kweekt dan zelf wel een nieuwe koningin. Een aantal eitjes of larven worden dan verzorgd als ware het koninginnen. Ze groeien dan op in een omgebouwde broedcel. Een zogenaamde redcel. Nu is het voor de bijen natuurlijk het beste als ze zo snel mogelijk een nieuwe koningin aan de leg hebben. Daarom gebruiken ze soms jonge larfjes die eigenlijk al iets te oud zijn om nog volwaardig om te bouwen tot een goede koningin.

Op dag vier komt de larve uit het ei en alleen dan krijgt dit larfje echte koninginnenbrij. Dus dezelfde voeding als een jonge koninginnenlarve krijgt. Daarna, tot de negende dag krijgt een werksterlarve een andere voeding dan een toekomstige koningin. Wordt een redcel nu opgebouwd vanaf een eitje, krijgt deze larve alleen maar pure koninginnenbrij en dus alles wat ze nodig heeft om een prima koningin te worden. Om hier nu zeker van te zijn, controleer ik het volk op dag vijf. Alle moerdoppen die dan al zijn gesloten, haal ik weg. De doppen worden pas gesloten op dag negen en dus zijn alleen open cellen op deze vijfde dag begonnen van een eitje. Natuurlijk heb ik slechts op een raam een aantal open doppen gelaten. Alleen dit raam moet ik dan nog controleren op dag dertien. Dit is voor een dop die is opgezet van een driedaags eitje, namelijk de dag dat de koningin uitloopt. Er is met slechts dat ene raam een grote kans dat de eerste koningin de andere moertjes in de dop dood steekt. Ze vind deze vlakbij op hetzelfde raam en moet niet de ganse bak doorzoeken. Na 16 uur controleer ik zelf dit raam en open alle doppen die dan nog dicht zijn. De uitlopende moertjes vechten het dan tijdens de nacht zelf wel uit. Het risico op een nazwerm kan ik op deze manier uitsluiten.

Het mag duidelijk zijn dat het bijhouden van een agenda voor een imker onontbeerlijk is. En weer of geen weer, goesting of niet, deze werkjes moeten op de exacte dag gebeuren.