Smeerbare honing door enten

Niet tegenstaande ik de meeste honing vloeibaar verkoop, heb ik toch ook klanten die een potje smeerbare honing vragen. Die smeuïge honing heeft een zacht mondgevoel. Bevat dus geen grove kristallen. Deze worden door de klanten als suikerkorrels ervaren en bijgevolg vermoeden ze toevoeging van ordinaire suiker. De grofheid van kristallisatie is echter afhankelijk van het type honing en de daarin aanwezige glucose. Honing bevat naast glucose nog veel andere suikers maar zeker geen sacharose (onze bietsuiker). Fructose is een ander suikermolecule dat veel in honing voorkomt maar moeilijk kristalliseert. Bijvoorbeeld honing van acacia bevat veel meer fructose en zal daardoor vloeibaar blijven. Koolzaadhoning en wilgenhoning van het voorjaar bevat veel meer glucose en zal bijgevolg snel kristalliseren. Maar deze honing kristalliseert van nature zeer fijn en is dus zeer smeuïg. Onze zomerhoning daarentegen kristalliseert van nature zeer traag maar grof. De imkers die smeerbare honing wensen te verkopen, bekomen deze dan ook vaak door zeer lang en intens te roeren in de honing. Door het roeren bekomt men dat de kristallisatiekernen veel kleiner blijven en de honing vaster wordt maar toch zacht smeerbaar. Zodra de heldere honingmassa wit opaalachtig begint te verkleuren, kunnen de potten worden gevuld. Vermits men daar soms tot in september dagelijks tweemaal vijf minuten mee bezig is, zijn er andere manieren gezocht om de gewenste smeerbaarheid sneller en vlotter te bekomen.

Men kan de honing enten met een reeds zacht gekristalliseerde honing. Door bij de vloeibare zomerhoning een gedeelte van de fijne voorjaarshoning te voegen kan men de roertijd belangrijk inkorten. De kleine kristallen van de koolzaadhoning dienen dan als kristallisatiekernen voor de zomerhoning die bijgevolg ook zacht smeerbaar uitkristalliseert. Hiertoe gebruikt men vaak tot 10% van die voorjaarshoning. Stel u nu een rijpervat voor van 50 kilo. Daarvoor heeft men al snel 10 potten voorjaarshoning nodig. Sommige imkers hebben bijna geen voorjaarshoning meer over om tijdens de zomer hun zomeroogst te enten. Ook heeft niet elke hobbyimker de beschikking over een automatische roermachine om de dagenlange arbeid over te nemen.

Er is echter een manier om vrij eenvoudig smeerbare honing in bewerkbare hoeveelheden te bekomen. En dat op slechts één week. Met slechts één potje voorjaarshoning. Dat ene potje dat nog niet is verkocht.

Ik begin met één potje voorjaarshoning en één potje vloeibare zomerhoning. Dit wordt onder elkaar geroerd. De volgende dag worden aan deze twee potjes weer twee potjes vloeibare honing toegevoegd en onder elkaar geroerd. Op de derde dag worden er vier potjes vloeibare honing toegevoegd en geroerd. Elke volgende dag wordt de hoeveelheid verdubbeld om na een week een volle emmer smeerbare honing te kunnen inpotten. Vanaf de vierde dag gebruik ik een inox roerstaaf met boormachine in plaats van een spatel. Op dag zes is de emmer vol en op dag zeven vul ik de potten.

26 juni 2024

Deze week is dan eindelijk de temperatuur omhoog gegaan. Spijtig dat de lindes hier al zijn uitgebloeid. Dit weekend kan ik bijgevolg de zomerhoning binnen halen. Alhoewel ‘zomer’, dit is zelfs een ganse maand vroeger dan twintig jaar geleden als ik begon met imkeren. Toen was de linde hier pas uitgebloeid rond 21 juli. En dat was een vrije dag, dus ideaal om honing te oogsten.

Zaterdag is mijn allerlaatste werkdag en op zondag kan ik dan beginnen met het slingeren van de honing. Het afhalen van de honingzolders doe ik in alle vroegte, rond vijf uur. De bijen hebben dan nog geen verse nectar in de raten gedragen en bijgevolg is het vochtgehalte dan lager. De honing zou minder dan 19 % vocht moeten bevatten om goed te bewaren. Het slingeren kan deze keer gebeuren in de voormalige wachtkamer van de praktijk. Ik hoef dus het tuinhuis niet meer zuiver te maken op voorhand. Ik zal een filmpje posten van de honingoogst dit jaar.

Het bijenvolkje in de tuin werd ondertussen te groot voor de zesramer. Ik heb er toch al drie afleggers van gemaakt en deze keer heb ik ze overgehangen in een volle Kempische kast met twaalf ramen. Ze kregen dus weer zes waswafels bij. Maar na een week werd dit ook weer te klein. Ik heb ze dus ook nog eens een honingzolder gegeven.

Ik ben benieuwd wanneer de eerste klachten komen van mijn vrouw. Zodra ze wordt lastig gevallen, zal de kast verhuizen naar een andere stand. En anders levert dit volk me honing uit eigen tuin dit jaar.

Selectieve vallen Aziatische hoornaar

Op dit moment zitten de koninginnen in hun nest en zijn de selectieve voorjaarsvallen niet meer nodig. Daarom heb ik ze vandaag allemaal opgehaald en gereinigd. Ze kunnen nu proper worden weggezet tot volgend voorjaar.

Ik heb thuis vier hoornaars gevangen. Aan het Waterbroek vijf en in Gerhagen twee. Misschien een druppel op een hete plaat maar laat ons maar geloven dat het tenminste een klein beetje effect heeft.

Half juni: stand van zaken

Dit voorjaar heb ik van elk bijenvolk minstens één broedaflegger gemaakt. Elke stand op een ander tijdstip om het werk iets te kunnen verdelen. Het onstandvastig weer heeft er voor gezorgd dat ik op een stand van vier volken alle vier mooie broedafleggers bekwam terwijl op een andere stand van vijf volken er slechts één in orde kwam. Het zesramertje dat in de tuin staat, vertikte het om honing in de bokalen op te slaan. Daarom liep het kastje voortdurend vol en nam ik elke twee weken drie ramen weg. Ik heb er zo drie afleggers mee gemaakt en gisteren heb ik alle zes ramen in een grote kast gehangen. Alles te samen heb ik op deze manier toch al 12 jonge volken voor volgend jaar.

Door de hoge zwermdrift dit jaar, heeft het merendeel van de volken al een nieuwe koningin. De oude koninginnen zijn geknipt en bijgevolg zijn de bijen steeds teruggekeerd naar het eigen volk. Bij het weghalen van de overtollige doppen, werden sommige in de couveuse geplaatst en de uitlopende koninginnen daarna in een apideakastje gezet. Hiervan zijn er momenteel vier met een leggende koningin.

De bijen hebben een topjaar maar de imker heeft veel werk. Wat de honingopbrengst betreft: dit is een ander verhaal. Uit slechts enkele kasten heb ik wat verzegelde voorjaarshoning gehaald, 15 kg slechts. Het slechte weer zorgde voor veel bijen in de kast in plaats van buiten. Hierdoor steeg de zwermneiging en het eigen voedselverbruik. Er werd wel voortdurend ruimte bij gegeven in de vorm van verse honingzolders om de zwermneiging toch een beetje af te remmen. Deze honingkamers zijn telkens vlot in gebruik genomen, maar de verzegeling van rijpe honing laat op zich wachten. Hierdoor heb ik nu kempische kasten met drie tot zelfs vijf honingkamers. Echte wolkenkrabbers die met spanriemen aan de bomen zijn vastgelegd. Als dit het resultaat is van de klimaatopwarming en we hiermee moeten leren imkeren, zal ik een hoogtewerker moeten aanschaffen. In elk geval kan ik op deze manier elke week een goede fitnesstraining afwerken.

Momenteel zijn de meeste lindebomen hier al uitgebloeid. Met het mooie weer dat volgende week wordt voorspeld, zal ik binnen tien dagen de zomerhoning kunnen binnenhalen. Tegelijkertijd loopt ook de liguster op zijn einde en is de kastanje volop in bloei. Tot begin juli!

Pensioengerechtigd

Het is zo ver! Op het einde van de maand stopt mijn professionele loopbaan. Mijn collega-blogger Arnout Fierens bezorgde me een fantastische cartoon. Bekijk zeker ook zijn site eens.

En gisteren was het weer zo ver. Er kwam weer een klasje naar de bijenstand gewandeld. De Warrékast met een nieuw ingetrokken zwerm is ideaal om via het glazen kijkraam wat uitleg te geven over het binnenleven van een bijenvolk.

Update tuinvolk

Het apideakastje heb ik nu verwijderd. Het is ondertussen vervangen door een honingruimte. Een ruimte waar de bijen hun opgehaalde nectar zelf mogen oppotten.

Het kastje bevat slechts zes broedramen en dit is zeker zwermbevorderend. Ik ga de bijen daarom wat meer werk geven. Ze moeten hun honing maar zelf in de pot doen.

In plaats van deze plastic bak moet ik nog een houten exemplaar maken om de hitte beter buiten te houden.
Ik heb een klein strookje was voorzien als start.

Dit weekend ontneem ik dit volk ook nog broed om een broedaflegger te maken. Ook op die manier geef ik ruimte en vermindert de zwermneiging.

Wekelijkse controle bijenvolken

Ondanks het rampzalige weer dit voorjaar gaat het leven in het bijenvolk wel door. Door het slechte weer komen de bijen minder vaak buiten en zijn de kasten veel dichter bevolkt. Dit is natuurlijk zwermbevorderend zoals ik al tweemaal heb beleefd de voorbije weken. Gelukkig zijn mijn koninginnen geknipt waardoor ik de bijen zelf niet kwijtraak. Maar dan moet ik natuurlijk wel de zwermcellen opvolgen. Ook in meerdere volken vond ik vorige week belegde tot bijna gesloten zwermcellen. Deze cellen worden allemaal gebroken en als ik de koningin tegenkom, maak ik een tussenaflegger. Maar ook hier weer moet dat volk worden opgevolgd. Gelijk hoe koud of nat de dagen zijn.

Daarom deed ik vandaag weer de ronde. Het eerste volk dat had gezwermd, had al een nieuwe koningin. Ik kwam ze tegen maar vond geen eitjes. Misschien is ze zelfs nog niet op bruidsvlucht geweest. Volgende week terug controleren.

Het tweede volk dat had gezwermd, had een pas uitgelopen moerdop. Pas gebeurd want het dekseltje bengelde nog aan de opening. Ik heb dan ook maar de tweede dop opengemaakt en die koningin laten inlopen. Eentje zal overleven en weer wordt het afwachten of er een vruchtbare bruidsvlucht gaat plaatsvinden.

Ik had bij een darrenbroedig volk een raam met eitjes ingehangen van het buurvolk. Er bleek een dop uitgelopen en enkele opengebeten. Centraal in de kast waren de bijen een aantal cellen aan het oppoetsen. Een handgrootte op enkele ramen. Mooi gepoetste cellen. Ik geloof dan altijd dat de bijen deze ruimte al aan het klaarmaken zijn voor de nieuwe koningin die weldra deze cellen komt beleggen.

Bij dit onstandvastig weer volg ik buienradar en de site van het KMI om naar de bijenstanden te vertrekken. Ik controleer ook maar drie broedramen naast het darrenraam wat zeer snel kan. De darrenramen die verzegeld waren, heb ik uitgesneden en de drie ramen daarnaast geven me voldoende info over de toestand van het volk. In geen enkel volk ben ik vandaag trouwens nog belegde zwermcellen tegengekomen. Alsof de bijen ook door hebben dat het weer niet normaal is dit jaar en ze beter nog niet gaan zwermen. Dit is natuurlijk maar tijdelijk want bij de volgende weersverbetering, zal de zwermstemming weer oplaaien.

De uitgesneden darrenramen klaar om te smelten.
De stoomketel om het darrenraat te smelten.
In de bovenzeef hang ik eerst een nylon pantybroekje om de was wat te zuiveren. De larven die hierin achterblijven geef ik morgen aan de kippen na afkoeling.