Diepe bodem voor Kempische bijenkast

Al een hele tijd maak ik geen gebruik meer van de open bodem in mijn Kempische kasten. De bodemschuif laat ik het ganse jaar insteken. Warme lucht stijgt en daarom dacht men vroeger dat het geen kwaad kon om de bodemschuif open te laten. En als de varroamijt door het gaas viel, kon ze niet meer in de broedbak terugkruipen. Een tijdje dacht men zelfs dat de mijtenpopulatie hierdoor kleiner zou zijn in het volk.

Maar dat verhaal gaat niet langer meer op. Onderzoek leert dat bijen het klimaat in hun kast veel beter kunnen controleren en beheersen als de bodem gesloten is. Ze doen dit trouwens al miljoenen jaren in holle bomen. Via een enkel invoergat regelen ze zowel de temperatuur als de luchtvochtigheid in hun woning. Maar een gesloten bodem met een varroagaas laat wel nog steeds toe om de vrije varroaval te meten. We kunnen de mijten die van nature op de bodem vallen gedurende drie dagen tellen en daaruit een besmettingsgraad van het volk berekenen. Maar meer en meer imkers wereldwijd gebruiken gewoon een simpele gesloten houten bodem zonder varroagaas. En tegelijk ging het dan over een hoge bodem. Een veel diepere bodem dus waardoor de bijen onder de ramen wat kunnen doorhangen. Ook in een holle boom hangen de bijen vaak wat door aan de honingraten. Ze zouden zo ook de ruimte tussen de raten, de zogenaamde straatjes beter kunnen regelen naar warmte en vochtigheid. Ik ging op zoek maar vond geen diepe bodem voor de Kempische kast. Maar dan maak je dat toch zelf.

De bodem is gemaakt met vuren planken van 10 cm en 2 cm dik. Met een watervaste multiplex bodem in een gefreesde geul gelijmd, is de bodem nu 8 cm diep. Aan de voorzijde heb ik geen vliegspleet voorzien maar wel 2 gaten geboord van 16 mm met draaischijven om de opening te regelen. Aan de achterzijde heb ik een deurtje voorzien van 4 cm met pianoscharnier en wervel. Langs deze toegang kan ik een plaat schuiven om de varroamijten te tellen die vallen gedurende 3 dagen. Zelfs water of voedersiroop kan hierlangs worden gegeven.

De draaischijven bestaan in verschillende kleuren om elke bijenkast te onderscheiden.

Er zijn nu 10 bodems klaar voor de praktijktest volgend jaar. Tijdens de winter bevestig ik ook nog een permanente muilkorf aan elke bodem maar die zijn momenteel nog in gebruik op de standen.